Drukke dag

Soms begint een dag al gelijk met achterstand. Een feit van alleen wonen is dat je alles zelf moet doen. Niet om te klagen hoor, maar als ik de container niet buiten zet, wordt hij nooit geleegd. Dus is het vaak druk. En dat is ook mijn eigen schuld, als je geen huisdieren hebt, is het leven een stuk minder hectisch.

Zoals op die dag dat Kaatje naar de dierenarts moest voor een rabiës-inenting. We moesten er om 09.00 uur zijn. Dus, honden eten, zelf koffie, reisbench in de auto, Kaatje mee. Kaatje vindt de dierenarts nog helemaal prima dus in de wachtkamer is alles nog even interessant en spannend. Enthousiast springt ze rond en probeert ze uit hoe lang haar riem is. Nadat dat gecheckt was, bedacht ze dat ze best op schoot kon komen zitten. En voor ik erop bedacht was, sprong ze tegen mijn benen. Helaas, de aanloop was te kort, ze haalde het net niet. Wel haalden haar nagels mijn kousen, de ladder die ontstond was niet te verstoppen. Zucht, dat werd andere kousen aan doen, thuis.

Even later werden we geroepen. Kaatje was in twee weken een kilo aangekomen, ze groeit als kool, die kleine meid. De dierenarts was prima tevreden en Kaatje kreeg haar rabiës-injectie. “Heb je haar paspoort voor me.” Tsss, nee, vergeten. En natuurlijk, normaal is dat niet zo belangrijk en kun je de stickertjes zelf plakken maar voor rabiës moet de dierenarts tekenen. En het moet zelfs de dierenarts zijn die de injectie heeft gezet. Ik kon niemand de schuld geven, ik was het paspoort zelf vergeten. “Ik kom terug om het te laten tekenen.” De dierenarts knikte, er zat niks anders op.

Dus, Kaatje naar huis, andere kousen aan, paspoort gezocht en naar het werk. Want daar had ik een afspraak. Daarna weer naar de dierenkliniek voor een handtekening en toen naar huis. Werken. Want tja, door al dat gedoe was er natuurlijk weer van alles blijven liggen. Gelukkig kun je dat oplossen door wat langer door te gaan. Op zich vind ik dat ook niet erg, het echte van negen tot vijf is wel een beetje verdwenen.

Stef en Kaatje hebben geen boodschap aan mijn afspraken of schema. Die gaan gewoon lekker hun eigen gang. En hebben hun eigen schema, brokjes eten, uit om te doen wat ze moeten doen en om te checken of er nog nieuwe honden in de buurt zijn komen wonen. En natuurlijk ’s avonds het oor. Goed, dat is van origine Stef zijn ritueel en een oor is voor Kaatje nog wel te hoog gegrepen, maar een speciaal snoepje gaat er altijd wel in.

En dan, eindelijk, is het huis in rust. Met een diepe zucht en een beker koffie ga ik zitten. Heerlijk, ik hou van deze drukte.

Er staat iets te gebeuren

Het vrouwtje heeft een bench gekocht. Maar mooi dat hij daar niet in gaat, stel je voor. Toen hij klein was ja, toen moest hij er af en toe in. In het begin sliep hij daar ook, tegen zijn knuffel aan. Maar later mocht hij gewoon op de bank en nu slaapt hij al weer een tijdje naast het vrouwtje. Op zijn zachte dekentje. Echt niet dat hij straks weer in zijn uppie in zo’n kooi gaat slapen. Het is ook best een kleine bench, dat wel. En ze heeft ook hele kleine hondenspulletjes meegebracht. Zo’n riempje waar een volwassen hond zich voor zou schamen. Met kleurtjes en heel dun.

Ze heeft het laatste tijd ook wel eens over Kaatje. Hij weet niet wie dat is maar het vrouwtje schijnt er heel blij van te worden. Dat is natuurlijk wel fijn, hij gunt dat het vrouwtje wel. Natuurlijk blijft hij altijd haar grote vriend, dat weet hij zeker. Dat zegt ze ook, trouwens. Maar misschien heeft ze wel een nieuwe vriendin, wie weet. Laatst was ze er ook naar toe gegaan, zelfs haar zus was mee geweest. Dat moet toch wel iets bijzonders zijn.

Het is een rare situatie. Een bench, bakjes, riempjes, speeltjes. Het lijkt er bijna op dat er een nieuw kameraadje bij hen komt wonen. En Kaatje, dat is toch wel een meisjesnaam. Hmm, hij weet niet precies wat hij er van moet vinden. Aan de ene kant is het wel leuk, een kameraadje om mee te spelen en lekker mee te rennen. Maar aan de andere kant, het kan ook wel zo’n jonge spring-in-het-veld zijn die hem geen rust gunt. Of zou het vrouwtje misschien daarom die bench hebben gekocht. Zodat die nieuwe even een dutje moet gaan doen zodat hij even rust heeft.

Ach, het vrouwtje zal het wel goed weten. En ze zal best heel goed voor hem zorgen. Tenslotte zijn ze al zo lang samen. Maar het is wel een leuk vooruitzicht, nieuw leven in de brouwerij. En hij gaat goed voor zijn vrouwtjes zorgen, daar kun je van op aan.

Te nieuwsgierig geweest

Hij was inmiddels wel kind aan huis, op het werk van het vrouwtje. De meeste mensen kenden hem nu wel en hij wist ook precies waar hij moest zijn als hij met de bal wilde spelen. Er kwamen regelmatig nieuwe mensen maar ook die waren prima om mee om te gaan. Natuurlijk mocht hij van het vrouwtje niet overal mee naar toe en mocht hij niemand voor de voeten lopen maar over het algemeen deed hij toch wel waar hij zelf zin in had. Dat was ook regelmatig tukken, want dat is nu eenmaal ook wel heel lekker, maar hij kon toch wel vaak op ontdekkingstocht.

Laatst had hij zich alleen wel een beetje vergist. Het vrouwtje zat met een collega in een grote kamer en ze waren samen druk bezig met iets dat op het scherm stond. Hij had wel even gekeken en een dutje gedaan maar op een gegeven moment was hij toch maar eens verder gaan kijken. Er waren best veel mensen dus misschien had er wel iemand zin om met de bal te spelen. Eerst maar eens kijken waar zijn bal eigenlijk lag, dat wist hij niet precies. Toen hij over de gang liep, kwam hij een meneer tegen met een grote tas bij zich. Hmm, die had hij nog niet eerder gezien. De man liep hem voorbij, het leek of hij een beetje haast had, maar hij was er toch maar achteraan gelopen. De man ging dat rare hok binnen, waar het altijd zo warm was. Ze kwamen er niet zo vaak, je kon er ook niet werken. Hij keek eens rond, de man was bij de grote installatie bezig en had helemaal geen interesse in hem. Nou ja. Dan niet hoor, hij kon zichzelf ook wel vermaken. Er was genoeg te onderzoeken in dat hok. Alleen, de man had waarschijnlijk ook helemaal niet in de gaten gehad dat hij er nog was, want toen hij klaar was met zijn klus ging hij weg en deed gewoon de deur dicht. Zonder naar hem te kijken.

Daar zat hij nu, opgesloten. En het vrouwtje wist niet waar hij was. Ai, dat was niet handig. Het was wel te hopen dat ze hem zou vinden want het was helemaal niet gezellig in het hok. Stel je voor dat ze hem niet vond en dan alleen naar huis zou gaan. Dan moest hij hier vannacht blijven. En hoe moest dat dan met zijn brokjes, en zijn varkensoor. Tjee, hij had zich toch wel in de nesten gewerkt. Hij werd er toch wel een beetje paniekerig van. Als hij nou eens bij de deur ging staan en ging roepen?

Pff, gelukkig, de deur ging open en het vrouwtje keek hem aan. Ze was niet blij, dat zag hij wel. Maar hij kreeg gelukkig niet op zijn kop, waarschijnlijk was ze ook wel blij dat ze hem gevonden had. De rest van de middag was hij heel dicht bij haar gebleven. Volgende keer zou hij toch wat beter uitkijken, dat wist hij wel.