Dat duurde wel erg lang

Hij wist niet precies wat er aan de hand was maar er ging iets gebeuren. Hij voelde het aan zijn water. Nou, eigenlijk zag hij het aan al die spullen die het vrouwtje en het baasje meebrachten. Bijna iedere dag ging de bel en kwamen er weer nieuwe pakjes aan. Sommige dingen werden uitgepakt maar het meeste ging rechtstreeks naar boven. Het was allemaal maar vreemd. Vanaf zijn plekje op de bank lag hij het maar eens aan te kijken.

Het baasje en het vrouwtje hadden het ook steeds over een nieuwe caravan. Ze waren ernaar gaan kijken en helemaal enthousiast. Zouden ze dan toch weer een keer naar de Ardennen gaan? Want dat was echt al wel heel lang geleden. Hij wist amper meer hoe het er uit zag.

Hé, deze zaterdag zag er toch wel heel bekend uit. Er werden allerlei spullen klaargezet. Nou, eigenlijk wel heel veel spullen. Poeh. Als er maar plaats voor hem was in de auto. Dat ging niet passen!

Hij zorgde wel dat hij in de buurt bleef. Dan maar even niet tukken in de zon, dit was belangrijker. Alles werd in de auto van het baasje gedaan. Die had de achterbank dubbel geslagen. Daar kon hij toch nooit meer bij. Hm, hij begon zich toch een beetje zorgen te maken. Er gingen ook dingen in de auto van het vrouwtje, ah, dan zat daar misschien de oplossing. Gelukkig. Even later riep ze hem en hij sprong op de achterbank. Zo, hij ging in ieder geval mee. Eerst maakten ze een tussenstop bij een huis waar allemaal caravans stonden. Een daarvan werd achter de auto van het baasje gehangen. Het vrouwtje reed erachteraan. Best nog wel een tijdje.

Maar eindelijk dan toch draaiden ze het grindpad op dat hij zo goed kende. Hij ging er maar eens voor zitten. Het kwam goed, ze waren er weer. De caravan werd neergezet en ingeruimd met al die spullen uit de auto’s en hij ging maar eens op verkenning. Alles was nog wel hetzelfde. Wel wat meer lege plekken maar dat zou ook wel weer goed komen. Zijn eigen plekje werd ook weer ingericht, een lekker kussen voor buiten en zachte plaids voor binnen, nou, hier kon hij het wel weer uithouden.

’s Avonds zaten het baasje en het vrouwtje binnen, hij kroop er maar eens lekker bij. Morgen zou hij wel op pad gaan om uit te vinden of zijn vriendinnen er misschien ook waren. Maar dat kwam morgen, voor vandaag had hij indrukken genoeg gehad. Nu eerst lekker slapen.

Emballage stress

Ik heb een hekel aan het wegbrengen van statiegeldflessen. Stom, ik weet het, en ik neem me iedere keer ook weer voor om elke week of eens in de twee weken dat tasje mee te nemen. Maar het komt er nooit van. Dus sta ik dan na een paar maanden weer met een zucht en twee enorme bigshoppers met flesjes bij de supermarkt. Zo ook afgelopen vrijdag. Speciaal biertjes gaan helaas niet in een krat dus allemaal losse rommel. Ik gooide de eerste flesjes in de sleuf en pats, storing. Op het display naast de invoer verscheen een grote rode driehoekige waarschuwing dat ik het personeel erbij moest roepen. Er was iets geblokkeerd. Had ik weer.

Enfin, een hulpvaardige jongeman stak zijn hoofd om de hoek en vroeg of ik misschien eerst de boodschappen kon doen, dan kon hij de storing verhelpen en hoefde ik niet te wachten. Ik keek naar mijn boodschappenkar, vol met lege flesjes. “Ok, dat doe ik.” Gelukkig had ik niet zo heel veel nodig.

Na het verhelpen van de storing ging ik vol goede moed verder met mijn werk. Helaas, na ik denk een stuk of vijf flesjes gaf het apparaat weer dezelfde storing. Dezelfde jongeman kwam weer aangesneld en met duizend excuses ging hij weer aan de slag. Ach, hij kon er niks aan doen en ik had weekend. Hoe erg kon het allemaal zijn. Nou, niet voor een oudere meneer die duidelijk haast had. Ik had mijn karretje een klein stukje achteruit gezet zodat ik niet zo heel pontificaal stond te wachten dus hij zette zijn karretje tegen het emballage-apparaat aan. En duwde een van de twee petflessen die hij bij zich had in de slurf. En kreeg die natuurlijk net zo hard weer terug. “Het apparaat heeft storing”, zei ik een beetje overbodig. Hij keek me neerbuigend aan. “Hoe komt dat?” Nou ben ik geen expert dus ik gaf aan dat ik dat niet wist. Ik denk niet dat dat het juiste antwoord was dus hij bleef proberen zijn flesje in het apparaat te stoppen. Tot het begon te piepen en de jongeman die met de storing bezig was een beetje verongelijkt zijn hoofd om de deur stak. “Ik ben nog bezig meneer.” Ook dat had geen effect.

Ik werd er een beetje kriegel van. Twee flessen, in het weekend, naar welke brand moet je toe joh? Dus ik zei “Meneer, het apparaat heeft storing, dat ziet u toch aan die enorme rode driehoek. Of niet?” De man keek me vertoornd aan. “Zo’n apparaat moet toch gewoon werken!” Tja, tegen zoveel stelligheid had ik niks in te brengen. De man beende weg.

Na een minuut werkte alles weer en kon ik aan de slag. De man kwam langs met zijn boodschappen, zag mijn flesjesberg en liep chagrijnig verder. En ik dacht, heel flauw, “lekker puh.”

Bijzonder boodschappenlijstje

Nadat de beslissing was gevallen en we wisten welke caravan de komende jaren ons vakantieplekje zou gaan worden, kwam het besef dat we er daar nog niet mee waren. Want een caravan kopen is één ding, hem inrichten met huisraad is weer iets heel anders. En samen met onze caravan was onze oude inventaris mee weggespoeld. Het was wel een beetje gemeen, maar we hebben de moeder van Jan Smit regelmatig geciteerd “alles is weg”.

En dan ga je bedenken, tja, maar dan ook echt alles. Want dan kom je straks aan op je plekje op de camping. Caravan op zijn plaats en de stroom aansluiten. Ah, stroom, daar hoort een kabel bij met speciale stekkers. Die hebben we niet. Stoelen voor buiten, een tafeltje, ook niet meer aanwezig. Bakken voor Stef, die arme hond moet toch ook eten en drinken.

We begonnen aan ons boodschappenlijstje. Dekbed, dekbedovertrek, kussens. Je kon het zo gek niet bedenken of het moest erop. Steeds kwamen we weer nieuwe dingen tegen die we niet meer hadden. Van de sufste zaken zoals badslippers voor het douchen tot de meer belangrijke dingen als een gasfles.

En het grappige, sommige dingen waren echt al vreselijk oud. We kamperen inmiddels al zo’n 25 jaar. In de loop van die jaren hebben we veel spullen verzameld. Mijn maatje weet ook van alles nog waar het is gekocht, dat komt uit Duitsland, dat uit Oostenrijk, dat hebben we in de Ardèche gekocht. Natuurlijk, veel is ook vervangen, maar Mepal borden en bekers gaan echt heel lang mee.

Maar goed, we togen naar de campingwinkel. Verstand op nul en je niet ergeren aan mensen die voor hun plezier aan het winkelen zijn. Wij zijn hier met een serieus doel. Lijstje in de hand en pen in de aanslag om af te vinken. Past het allemaal wel in één karretje. Nou, dat ging net, we scoorden in de uitverkoop ook nog een mooi kussen voor Stef. Hoeft hij niet op een plaidje te liggen, arm beestje. De auto zat vol toen we naar huis reden. En we zullen vast nog dingen vergeten zijn. En misgrijpen als we straks weer op vakantie zijn.

Ach, inderdaad, we waren helemaal niet van plan iets nieuws te kopen. Als de Amblève geen roet in het eten had gegooid, hadden we nog steeds dik tevreden onder onze niet passende luifel gezeten. Maar nu het toch zo is, ga ik gewoon genieten van alle nieuwe spulletjes.

Sportprestaties

Ik kan er echt met verbazing naar kijken, naar de prestaties die worden geleverd door atleten op de Olympische Spelen. Geweldig. Daar gaat een voorbereiding, een discipline en een doorzettingsvermogen aan vooraf, dat is onvoorstelbaar. Daarom is het ook mooi dat daar aandacht aan wordt besteed. Zelfs dit jaar, toen er nog steeds niks mocht, werden de sporthelden geëerd in een dagelijks programma dat werd gepresenteerd door Umberto Tan. Leuk om naar te kijken. Ook fijn voor de atleten, tenslotte moesten ze in Tokyo de steun van supporters al missen. En ik geloof best dat een atleet de prestaties niet alleen levert voor het applaus maar het is toch ook best wel een hart onder de riem.

Wat mij wel verbaast, is dat deze programma’s niet georganiseerd worden voor de paralympische sporters. Volgens mij leveren zijn qua sport dezelfde prestaties en moeten zij daarnaast nog een paar andere hindernissen overwinnen. Zo’n man als Jetze Plat, zo, daar kun je toch wel bewondering voor hebben. En dan wint hij ook nog eens drie keer goud. En hij is echt niet de enige, de ploeg Nederlanders die bij de Spelen aan de start komt is indrukwekkend.

Natuurlijk kun je het wel teruglezen, ook de sponsoren besteden er veel aandacht aan, maar ik mis toch wel een beetje de tamtam. Gelukkig is de NPO dit jaar eindelijk zo ver dat ze er dagelijks aandacht aan besteden. Dat is voor het eerst. Je moet alleen wel enorm op zoek naar dat nieuws. Tenslotte luistert niet iedereen naar Radio Een. En zeker niet ’s nachts, als er mooie interviews met de paralympiërs worden uitgezonden.

Is het misschien bij de commerciële omroepen zo dat alleen wat mooi en makkelijk is in beeld wordt gebracht? En doen we de ‘moeilijkere’ onderwerpen alleen in een programma met Johnny de Mol? Het zou kunnen natuurlijk. Tenslotte moeten de meeste commerciële omroepen het helemaal niet van de diepgang hebben. Gewoon lekker scoren met simpele programma’s die aanslaan bij mensen die blijkbaar niet verder willen nadenken. Ik vind het alleen erg jammer. Je doet een hele grote groep mensen volgens mij ernstig tekort.