
Ik ben een groot voorstander van het recht om te protesteren. Het een van de belangrijkste rechten die we hebben. Als je het ergens niet mee eens bent, moet je dat kunnen laten blijken. En of je dat nu met spandoeken doet of met een stille tocht. Dat maakt niet uit.
Toch is er ergens onderweg iets veranderd. Het begrip protesteren is blijkbaar uitgebreid met het recht op plunderen. Wat heeft het inslaan van een etalageruit te maken met het opkomen voor je rechten? En waarom moet dat dan bij de meest dure winkels in de stad. Ik probeer het te begrijpen. Je bent woedend over maatschappelijke ongelijkheid. Je kunt je huur nauwelijks betalen, de boodschappen worden steeds duurder en je hebt het gevoel dat niemand naar je luistert. Dus trek je de straat op. Heel begrijpelijk.
En vervolgens ren je met een handtas van drieduizend euro onder je arm naar huis.
Dat zal ze leren!
De beleidsmakers zitten bibberend achter hun bureau. ‘We moeten onmiddellijk iets doen aan de armoede. Ze hebben de nieuwe collectie van Louis Vuitton meegenomen!’
Je kunt zo’n tas niet eten. Je kunt er hooguit je laatste boterham in bewaren, maar dat lijkt me een wat dure broodtrommel. En verkopen wordt ook steeds lastiger, want gestolen luxeartikelen kunnen worden geregistreerd, getraceerd of geblokkeerd. Sta je dan met je revolutionaire buit. Een tas die meer kost dan je maandinkomen en waar je bij de voedselbank waarschijnlijk weinig indruk mee maakt.
Wat mij vooral verbaast, is dat de echte demonstranten hierdoor nauwelijks nog gehoord worden. Mensen die oprecht ergens voor strijden, worden overschreeuwd door een stel opportunisten dat protesteren verwart met winkelen zonder pinpas.
En natuurlijk zijn er mensen die zeggen dat plunderen voortkomt uit frustratie. Dat mensen zich niet gehoord voelen. Dat zal best. Maar ik voel me ook regelmatig niet gehoord. Vooral door de klantenservice van mijn energieleverancier. Toch heb ik nog nooit overwogen om uit protest de Bijenkorf leeg te trekken. Maar misschien ben ik gewoon ouderwets.
Ik dacht namelijk altijd dat je bij een protest iets wilde veranderen aan de wereld.
Dus blijf vooral demonstreren. Schreeuw, zing, draag spandoeken en laat van je horen. Dat recht moeten we koesteren. Maar laat hardwerkende winkeliers met rust.
De revolutie wordt er niet geloofwaardiger van als je ermee wegloopt in een gestolen paar Gucci-loafers.









