Kerkklokken

Ik woon in een dorp, ik heb het al eens eerder verteld. En dan bedoel ik ook echt in een dorp, met dorpse waarden en tradities. We hebben een supermarkt, zelfs twee, maar verder moet je niet veel eisen stellen. Ik vind het heerlijk. Als ik drukte wil, ga ik naar een stad en als ik rust wil, ga ik naar huis. Natuurlijk zijn er ook nadelen, dat weet je van tevoren. Als je dat niet wilt, moet je niet in een dorp gaan wonen. Er wordt meer gelet op wat iedereen doet en, zoals overal, hebben mensen daar ook een mening over.

Toch is het dorp niet helemaal ouderwets. We hebben zelfs een buurt-app. Ik plaats nooit een bericht maar het is wel handig om op de hoogte te blijven. En om je soms te verbazen over zaken waar mensen zich druk over kunnen maken. Ik lees graag mee.

Zo ook pas geleden. Van oudsher zijn er in mijn dorp drie kernen, met uiteraard in iedere kern een kerk. Ik woon vlak bij die kerk. En die kerk heeft een welluidende klok die om het half uur slaat. En de kerkgangers verwittigt als er een dienst aanstaande is. Op zondag om tien voor half tien en bij belangrijke gebeurtenissen soms al wel een kwartier vooraf.

Meestal hoor ik het niet eens meer. Je raakt eraan gewend. Maar de nieuwe bewoner van het voormalige domineeshuis had er toch wat meer moeite mee. En plaatste een bericht in de buurt-app. Hij vroeg of er meer mensen last hadden van de klok. Zijn nachtrust met name werd er ernstig door verstoord. En als hij voldoende medestanders had, kon hij wellicht een verzoek indienen om het slaan van de kerkklok te laten stoppen.

Ik moest al lachen toen ik het bericht las. Oeps, dat ging reacties opleveren. En ja hoor, de hele buurt viel over hem heen. Iemand vertelde hem fijntjes dat hij daar eerder over na had moeten denken. Je moet ook niet naast een luchthaven gaan wonen als je geen vliegtuigen wilde horen. Het werd een hele discussie. Zelfs de minaretten van een moskee werden erbij gehaald. Arme man, ik denk dat hij al lang spijt had van zijn actie. De enige medestander die hij had, verwijderde snel zijn bericht toen hij zag wat de buurtgenoten er van vonden. De algemene conclusie was dat het een van de charmes van het dorp was en dat hij niet moest zeuren.

Ik ken de man in kwestie niet, maar ik denk niet dat hij vrienden heeft gemaakt. Het zal me niet verbazen als het huis binnenkort weer op de markt komt.

Pyjamadag

Het is toch verschrikkelijk, het lijkt wel of het nooit meer mooi weer wordt. Hij vindt er echt weinig aan. Iedere dag weer die regen. En dan ook gewoon de hele dag hè, niet dat er even een bui valt en dat je dan weer naar buiten kunt, maar echt constant regen. Hij kan niet eens met droge voeten door de tuin lopen. De fontein stroomt over en de paadjes staan gewoon blank. De plassen zijn volgens hem wel vijf centimeter diep. Het vrouwtje moppert er ook op, “je staat bijna tot je enkels in het water”. En het lijkt ook wel of het de hele dag niet echt licht wordt.

Wel fijn dat hij in ieder geval droog kan plassen en poepen. Hij weet het wel, het vrouwtje is niet heel gelukkig als hij zijn poot optilt tegen de tuintafel, maar onder de overkapping kan hij tenminste even rustig staan. Hij zorgt er netjes voor dat zijn poepjes een beetje aan de rand liggen. Eén keer had het vrouwtje er bijna ingetrapt toen ze in het donker naar de container moest. Gelukkig kon ze het ontwijken maar hij had toch wel behoorlijk op zijn kop gehad. Dus daar hield hij nu maar rekening mee. Want stel je voor dat het niet meer mag.

Nee, het is echt geen feest, buiten. Normaal als het vrouwtje haar jas aan doet, gaat hij eens kijken of hij niet mee kan. Maar nu blijft hij maar stilletjes op de bank liggen. In de hoop dat ze niet bedenkt dat hij mee uit moet. Laatst kwam een vriend van het vrouwtje toen ze zelf niet thuis was. Dat is altijd supergezellig. Alleen had die nu bedacht dat ze een rondje gingen lopen. Het was net even droog. Ja, er viel geen regen uit de lucht inderdaad. Maar de bermen waren een grote sopzooi. Bah, bah, hij kreeg modder tussen zijn tenen, het was glad en het was ook koud. Hij had een paar keer verwijtend omgekeken maar ze waren gewoon doorgelopen. Het viel hem echt een beetje tegen. Gelukkig kreeg hij thuis snoepjes, dat maakte het weer een beetje goed.

Het is te hopen dat het snel weer beter wordt. Dat hij weer lekker op zijn zonneplekje tegen het tuinhuisje kan gaan liggen. En tot die tijd doet hij hetzelfde als het vrouwtje af en toe op zondag. Hij houdt pyjamadag. Maar dan lekker door de week.

Opgeruimd

Hoe gezellig ik het ook vind in huis, ik kan niet wachten om de kerstspullen weer op te ruimen en naar zolder te brengen als de feestdagen voorbij zijn. Opruimen, heerlijk. Over tot de orde van de dag.

Want waar ik nooit bij stil heb gestaan, is hoe die stomme kerstreclames binnen kunnen komen. Al die supermarkten die je vertellen dat je gezellig samen met je geliefden moet eten met kerst. Dit jaar was er zelfs een reclame die riep “liefste ik kan je niet missen”. Het klinkt als een hele foute smartlap maar toch voelt het weer als een tik. Daar kunnen die mensen niks aan doen hoor, ik heb er zelf ook nooit bij nagedacht. Maar je wordt iedere keer weer met je neus op de feiten gedrukt. En er is geen ontkomen aan, je kunt geen zender kiezen of ze komen voorbij. Op de radio is het zo mogelijk nog erger, overal schallen de kerstliedjes door de ether. Driving home for Christmas, huhuh.

Nee, het is prima zo. Nog even alle nieuwjaarsrecepties doorstaan en dan kunnen we weer verder. Het lijkt zelfs of de dagen dan zichtbaar weer wat langer worden. Maar dat kan natuurlijk ook idee zijn. Of wishful thinking, wie weet. Het maakt me niks uit. Ze worden in ieder geval niet korter. Een nieuw jaar, nieuwe ervaringen en nieuwe herinneringen.

Goede voornemens heb ik ook dit jaar weer niet gemaakt. Ik moet dan altijd denken aan de Loesje-spreuk, “Begon de dag met tien goede voornemens. Ze zijn nu al op.” Ik denk dat ik het komende jaar ga wennen aan dingen doen zonder daarbij af te stemmen. Toen ik met mijn maatje was, deden we dingen samen. En dan hou je toch rekening met de ander. Dat gaf niet, dat was fijn, dat zou ik heel graag nog willen doen, maar nu is dat niet meer. Afgelopen jaar ben ik geloof ik meer bezig geweest met overleven en proberen alles zo goed mogelijk op de rit te krijgen. Nu zie ik het jaar met wat meer vertrouwen tegemoet. Oh zeker, er zullen moeilijke momenten genoeg komen. Waarschijnlijk ook op momenten dat ik er niet op beducht ben. En dan zullen er ook best wel tranen zijn. Maar toch, ik denk wel dat ik het kan.

Kerstfilms

Kerstfilms, heerlijk. Ik weet het, het is zoet, het is Hallmark en het is absoluut niet de werkelijkheid maar eens per jaar mag ik daar van mezelf ongegeneerd naar kijken. Een kerst zonder Scrooge is eigenlijk voor mij geen kerst. Het liefst kijk ik dan ook nog een beetje een oudere versie, waar de nostalgie vanaf druipt. Of natuurlijk de versie van de Muppets, maar dat is omdat ik een enorme fan ben van Waldorf en Statler.

Wat ook vaak voorbijkomt en waar ik dan toch ook weer naar kijk, is Love Actually. Hoe oud is die film inmiddels? Vast al wel twintig jaar. Maar het blijft leuk. Het is ook zo’n heerlijk vast format, jongen / meisje komen elkaar tegen, vinden elkaar leuk, krijgen ruzie (of worden op een andere manier uit elkaar gedreven) en op het einde van de film krijgen ze elkaar. Je zou denken dat we daar wel doorheen prikken maar nee, de bioscopen lopen nog altijd vol bij dit soort verhalen.

De enige film waar ik dan wel weer allergisch voor ben, is Home Alone. Dat kan ik niet meer zien, dat is zo vreselijk uitgemolken. En zo vreselijk flauw. Die sla ik dan toch maar over.

En dan is Kerst toch wel de uitgelezen periode om met dikke sokken en een dekentje naar deze romantische zoetigheid te kijken. Op zondag, als je niks te doen hebt en als het buiten dusdanig weer is dat zelfs Stef op de bank blijft liggen. En dan tegen het einde van de middag een glaasje port. Soms heb je helemaal niet veel nodig om het goed te hebben.

Je moet er alleen niet te vroeg mee beginnen, dan gaat het op een gegeven moment ook tegenstaan. Net als de kerstliedjes op de radio, dat is ook alleen maar leuk op de kerstdagen zelf.

Ik heb nog niet gekeken wat er geprogrammeerd staat. Vast wel een of andere uitvoering van Scrooge. En wat dingen die de zakken van meneer Disney weer spekken. Ach, het is maar eens per jaar. Voor je het weet is het alweer januari.

Donkere dagen

Zelfs Stef is ‘s morgens niet “uit bed” te krijgen. En ik heb er toch ook wel last van hoor. De wekker loopt af en ik denk “jakkes, het is nog helemaal donker buiten.”

Het ergste is het in het weekend. Dan vindt Stef tegen half 8 toch wel dat het tijd is om naar beneden te komen. Hij roffelt de trap op en af en springt op bed om er voor te zorgen dat ik toch wel begrijp dat het tijd wordt voor zijn brokjes. Natuurlijk is hij niet de baas en rek ik het, toch zeker wel tot half 9, maar dan kan ik ook niet meer blijven liggen. Dus, joggingbroek, dikke trui, dikke sokken, heel charmant, en dan naar beneden. Eerst het belangrijkste, brokken voor Stef. En dan koffie en ontbijt voor mezelf.

En daar zit je dan, nog half in het donker. Ik zal zo blij zijn als het 21 december is. Dat is toch wel een van mijn meest favoriete dagen. Waarom? Nou, dat is de dag van de Winterwende, dan worden de dagen weer langer. Ik ben niet de enige hierin, al duizenden jaren vieren we deze gebeurtenis op ons halfrond. Het bepaalt het moment waarop het licht na een periode van duisternis en verwijdering weer rechtsomkeert maakt. Zelfs de katholieke kerk, vindingrijk als zij is, heeft de Winterwende overgenomen en er kerstmis van gemaakt.

Als kind vond ik de kerstvakantie de gezelligste die er was. De kerstboom stond in huis, dat rook lekker. We keken naar de oubollige kerstfilms op televisie en speelden Monopoly. Kinderen hebben ook geen last van kou, lijkt het wel. Nu moet ik zelf voor gezelligheid zorgen en dus heb ik een kerstboom gezet. Natuurlijk werd mijn creativiteit weer direct op waarde geschat en werd er goedmoedig gelachen om mijn poging. Hij blijft maar scheefzakken, ik moet toch nog eens kijken hoe ik dat kan fixen. Maar goed, de lichtjes branden.

Ik laat ze ook de hele dag aan. Dan kom ik in ieder geval niet thuis in een donker huis.

Stef ziet al die versieringen maar eens meewarig aan. De zingende kerstman die in de stoel zit, wordt door hem volledig genegeerd. Gewogen en te licht bevonden. Nee, Stef heeft na zijn ontbijt geen last van het donker. Als ik aan mijn koffie zit, kijkt hij me even aan, loopt naar de bank, krult zich in zijn deken en begint tevreden te snurken. Hij is een gezegende ziel.

Haast is niet handig

Ik weet het, als je haast hebt, loopt het meestal net even anders. Maar soms zit het ook gewoon zo maar even tegen. Of loopt een planning weer in de soep. Zo ook op een woensdag, even geleden. Het begon gewoon, wekker, opstaan, koffie, ontbijt, spullen. Hup, Stef in de auto en op pad. Oh ja, nog even langs de supermarkt, dan hoeft dat straks niet meer. Dat kon nog best.

Stef bleef even op de achterbank en ik pakte snel wat ik moest hebben. Het was al best druk maar er waren twee kassa’s open dus ik zag zo geen probleem. Ik legde mijn spullen op de band en besefte al na een minuut dat ik weer eens in het verkeerde rijtje stond. Uiteraard, zou ik bijna zeggen. De oudere man die vooraan in de rij stond, probeerde te betalen met een kortingsbon. De QR-code op het verfrommelde kaartje gaf meedogenloos aan dat het originele tegoed al lang gebruikt was. De oude man naam daar geen genoegen mee, helaas. De kassière werd langzaam wanhopig. Maar de man bleef volhouden, net zo lang tot uiteindelijk de supermarktmanager ten tonele verscheen.

Ik hupte van mijn ene voet op mijn andere en overwoog of ik niet naar de andere kassa zou verhuizen. Alleen, mijn spullen lagen al op de band en die van mijn achterbuurvrouw ook. De oude man koos na lang soebatten eindelijk eieren voor zijn geld en we schoven op. De man voor me had maar één artikel dus dat zou snel gaan. Tot hij ook een slof sigaretten moest hebben. “Die moet ik even uit het magazijn halen.” De kassière liep weg.

En daar stonden we weer. Te huppen van de ene voet op de andere. Ik keek maar eens op mijn horloge. Toen ik eindelijk aan de beurt was, kon ik alleen maar zuchten van opluchting. Ik scande mijn app. En natuurlijk sloeg toen het noodlot weer toe en het systeem op tilt. “Misschien moet u de app even resetten.” Natuurlijk, maar toch echt niet daar ter plekke. Dan maar geen koopzegels. Ik griste mijn spullen bij elkaar en rende bijna naar de auto. Nog minus vijf minuten om op mijn werk te komen.

Zag ik het nou goed? Of verbeeldde ik me dat Stef meewarig zat te grijnzen op de achterbank?

Het verkeerde gesnaaid

Stef is een meester in het laten van stiekeme scheten. Dan ligt hij heerlijk bij je, of onder je bureau, en dan ineens, poeh. Het snijdt werkelijk de adem af. Dat vindt Stef zelf ook, hij zoekt dan snel een ander plekje op. De viespeuk. Hij maakt er echt helemaal geen geluid bij.

Het viel me dus op dat hij ineens hoorbare scheten liet. De lucht was hetzelfde maar er was nu geluid bij. Dat was raar. En hij ging steeds naar buiten terwijl hij ’s nachts normaal gesproken niet van het bed te schoppen is. Ook dat was bijzonder.

Toen ik de dag erna buiten kwam, snapte ik het. Ah, dat was niet normaal. Verder leek er niks aan de hand. De brokjes gingen vlot naar binnen en Stef dronk ook gewoon. Maar naarmate de dag vorderde, werd hij steeds slomer. Niet dat hij nog vaak naar buiten moest, ik hoefde nog maar een enkele keer een emmer water te gebruiken. Het arme beest keek me ook heel treurig aan. Hij kwam zelfs niet meer met goed fatsoen op de bank geklommen. Door zijn onhandigheid ging hij ook nog eens mank lopen.

Omdat het toch mijn Stefke is, heb ik de dierenarts maar gebeld en konden we snel komen. Ik weet het, maar ik ga liever een keer voor niks.

Deze dierenarts was heel resoluut. Stef ging op streng regiem. Ieder uur een beetje eten, geen snoepjes, geen extra’s, helemaal niks. En dan maar opbouwen. En als hij niet hoefde, het uur er na niets extra. Een heel klein muizenhapje. Want ik moest er wel rekening mee houden dat Stef al wat ouder is. En dat mank lopen, dat moest ik ook goed in de gaten houden. In verband met zijn leeftijd. Poeh, ik voelde me toch behoorlijk aangesproken. Want ik weet het wel, hij is niet meer piep, maar ik doe toch altijd maar net of hij nog een jonge hond is. Trouwens, dat doet hij zelf ook.

De dag er na ging het al wat beter met het mannetje. Hij stond alweer naar zijn snoepjes te kijken en vond het heel oneerlijk dat hij niks kreeg. Ook het lopen ging weer normaal. Wel gingen alle plaids en kussenslopen waar hij op gelegen had in de was. Dat was beter.

Tja, die leverworst was denk ik toch niet helemaal goed gevallen. Volgende keer beter uitkijken als hij iets bietst.