Protocol

Beach chair and umbrella on sand beach. Concept for rest, relaxa

Een reisorganisatie verkoopt ervaringen. Geen vakantie, geen reizen, nee, ervaringen. Je werkt het hele jaar hard en wilt dan graag een paar weken ervaren hoe het is om nieuwe dingen te zien. Of door bekenden in de watten gelegd te worden. Hoe het is om even nergens aan te hoeven denken en even nergens voor te hoeven zorgen.

Dus je boekt, je wikt, je weegt en je kiest de bestemming en de accommodatie die het beste bij je past. Je betaalt de rekening en sluit toch maar voor de zekerheid een annuleringsverzekering af. Je kunt immers niet weten. Je verheugt je, nog even en dan is het zo ver.

Soms slaat dan het noodlot toe. De moeder van een goede vriend werd ziek. Ze was al oud en fragiel dus haar toestand verslechterde snel. Gelukkig had hij nog de tegenwoordigheid van geest om aan de vakantie te denken. En hij vroeg zijn partner “ach, bel jij even naar die maatschappij om te annuleren.” Zo gezegd, zo gedaan.

En toen bleek dat in het gamma van de reisorganisatie ook hele foute ervaringen zaten. Want tja, het protocol hè. De partner was niet degene die de vakantie had geboekt. En het was toch wel zaak dat die zelf annuleerde. Dit kon niet door een ander worden gedaan. “Maar hij zit aan het sterfbed van zijn moeder.” Welke argumenten er ook werden aangehaald, de dame aan de telefoon was onvermurwbaar. “Sorry, regels zijn regels, daar moeten we ons aan houden.” Met de moed der wanhoop belde hij dus maar zelf. “Goedemiddag, ik bel u vanaf de ziekenhuiskamer van mijn moeder, ik zit bij haar te waken.” Dat viel waarschijnlijk zo ver buiten het protocol dat de dame die te telefoon aannam van schrik de verbinding verbrak. Verbouwereerd keek hij naar zijn toestel. En belde nog maar eens.

Gelukkig had de dame die hij toen aan de telefoon kreeg wel eens gehoord van empathie en werd hij uiteindelijk goed maar zeer zakelijk geholpen. Wat bleef was de nare smaak die bij hem achter bleef. Vooral toen hij het hotel annuleerde waar hij zou voorovernachten en daar zo sympathiek werd geholpen dat de reisorganisatie nog schrieler afstak.

Even dacht hij, zal ik via Social Media deze organisatie aan de schandpaal nagelen. Maar uiteindelijk weerhield zijn fatsoen hem hiervan. Hij moest zich niet gaan verlagen tot dat bedenkelijke niveau. Hij schreef wel een brief naar de reisorganisatie. Vertelde ook dat zijn moeder inmiddels rustig was ingeslapen. Het protocol van deze firma schreef voor dat hij een bevestiging kreeg. En daar bleef het bij.

 

Sneeuwpret

twee-sneeuwmensen-op-een-bankje

Half Nederland reageert weer helemaal lyrisch, ‘oh het sneeuwt’. Ik denk “gatver”. Heel Facebook wordt overladen met idyllische foto’s van verstilde landschappen, enorme sneeuwpoppen en heel veel sneeuwpret. Kinderen op sleetjes, Dickens all over again. Ik moet er niks van hebben, geen romantische inslag, sorry.

Ik moet met de auto naar Utrecht. Wat een feest. Het kost me tien minuten om hem uit te graven. De sneeuw ligt zo zwaar op de voorruit dat de ruitenwissers weigeren hun werk te doen. Zuchtend stap ik weer uit en gewapend met vegertje en raamtrekker probeer ik de ellende van de auto te verwijderen. Vergeet de koplampen niet, anders zien je tegenliggers je niet eens aankomen. Als hij eindelijk schoon is stap ik in, ik klop mijn schoenen tegen elkaar om de klodders sneeuw in ieder geval buiten de auto te laten vallen. Dom ook om lichtgrijze suède laarsjes aan te doen, hopelijk was de sneeuw nog zo schoon dat ik ze vanavond niet weg hoef te gooien omdat ik de uitgebeten plekken er nooit meer af krijg.

Ik start en rij voorzichtig ons straatje uit. Ik woon in een doodlopend straatje waar 6 huizen staan en ik ben vandaag de eerste die weg gaat. Het is ook niet zo dat de gemeente ooit strooit in onze straat, wij moeten het maar zelf uitzoeken. Normaal gesproken is het heerlijk om zo rustig te wonen maar soms steken er toch een paar nadelen de kop op. Enfin, rustig aan en dan raak je niks. Zonder stukken bereik ik de begaanbare doorgaande weg. Gelukkig zijn de snelwegen schoon en ben ik toch betrekkelijk op tijd op mijn afspraak.

Ik kan er echt niet enthousiast van worden, van sneeuw. Ik vind het koud en naar en heb een vreselijke hekel aan de blubber die ontstaat als de dooi invalt. Als kind al was ik blij dat ik na een uurtje verplicht sleetje rijden mijn arme koude voeten kon warmen. Het liefst kroop ik nog even in mijn bed om bij te komen. Niet dat dat mocht van mijn moeder. Ik mocht ook niet met mijn voeten op de verwarming zitten. “Daar krijg je wintertenen van.” Ik heb eigenlijk nooit onderzocht of dat echt waar is of dat mijn moeder het gewoon niet nodig vond.

Ook een periode van vorst kan me niet bekoren. Na twee nachten komen de rayonhoofden al bij elkaar. De mogelijkheid van een Elfstedentocht wordt besproken. Volgens mij is het voor hen alleen een excuus om Beerenburg te drinken, ik kan me niks anders voorstellen. Ik heb mijn schaatsen verkocht. De laatste keer dat we op natuurijs gingen schaatsen, ging ik na twee minuten op het ijs onderuit. Natuurlijk krabbelde ik overeind alsof er niks gebeurd was, ook al was het toch even serieus zwart geworden voor mijn ogen. Ik heb de hele middag dapper doorgeklungeld omdat ik me niet wilde laten kennen. Helaas bleef ik pijn houden en na een week roepen dat het wel meeviel constateerde de arts in het ziekenhuis dat mijn schouder was gebroken. Ik heb er bijna een jaar plezier van gehad.

Nee, de winter is niet mijn seizoen. Ik kan niet wachten tot het weer lente wordt.

 

 

 

Gelukkig nieuwjaar

nieuwjaar

Al weer een jaar voorbij. Wat is het weer snel gegaan. Er waren leuke dingen, moeilijke dingen, vervelende dingen en zware dingen. Maar omdat we het samen deden, is het allemaal gelukt. Vol goede moed dus op naar een nieuw jaar.

Ik hoop dat het voor iedereen een mooi jaar wordt. Met voor iedereen veel liefde en veel geluk. In die volgorde.  

Gelukkig nieuwjaar.