Dankbaarheid

Meestal schrijf ik blogs puur voor mijn eigen plezier. Ik vertel over mijn hond, wat mijn maatje en ik meemaken, niks aan de hand. We leven geen hoogdravend leven. We zijn gelukkig, in wat we doen en wat we meemaken. Lieve vrienden, familie, fijn werk, het gaat ons goed. Het “groots en meeslepend wil ik leven” heeft zijn plaatsje gekregen.

Natuurlijk gebeuren er in ons leven ook dingen die verdriet veroorzaken. We verliezen mensen. Dat hoort er bij als je ouder wordt. Ik hoor het mijn moeder nog zeggen. Sommige mensen verlies je veel te vlug, hun gemis slaat een gat in je wezen. Voor een hele lange tijd. Andere mensen hebben, zoals dat heet, een mooi leven gehad en overlijden op respectabele leeftijd. Je mist ze, maar je hebt er vrede mee. Ook over die mensen schrijf ik meestal. Ik probeer te verwoorden wat zij voor ons en hun naasten betekend hebben.

Maar vaak ook geef ik mijn mening. Waarbij ik absoluut niet pretendeer de wijsheid in pacht te hebben of zelfs maar gelijk te hebben. Het is wat ik er van vind. Net als al mijn andere blogs. Vind je het niks? Dan lees je ze gewoon niet.

Een enkele keer bereikt je een heel bijzonder verzoek. Of je wilt beschrijven wat een vriendschap voor iemand heeft betekend. Een vriendschap die inmiddels al jaren niet meer bestaat maar die veel indruk heeft gemaakt en het leven  van iemand behoorlijk geraakt heeft. Natuurlijk heb ik direct ja gezegd. En daarna sloeg de twijfel doe. Zou ik dat wel kunnen? Kan ik aan de hand van een aantal brieven de juiste toon vinden en beschrijven wat de relatie tussen die twee vrouwen is geweest. Ik heb veel respect voor de dame die het verzoek deed. Zij heeft veel meegemaakt en heeft zich er met opgeheven hoofd doorheen geslagen. Mijn beschrijving moet daar wel recht aan doen.

Na het lezen van de brieven kreeg ik een beter beeld. Ik voelde de sfeer en wist wat ze bedoelde met haar verzoek. Dus ik beschreef hun leven. Voor dat ik ging publiceren stuurde ik het naar haar toe met het verzoek heel eerlijk te zeggen wat ze er van vond. De kans dat ik de plank volledig had misgeslagen was natuurlijk gewoon aanwezig. We troffen elkaar en ik moest het vragen. “Wat vond je er van?” De tranen in haar ogen waren het grootste compliment dat ik kon krijgen.

BoekenBoeken

Eindelijk gewend / geen expat meer

Haar vriendin had een baan gevonden. Ze moest wel, het salaris van haar man was niet toereikend voor het leven dat zij gewend waren te leiden. Het viel haar zwaar. Iedere dag weer in het keurslijf. Ook het feit dat haar leidinggevende een vrouw was van half haar eigen leeftijd was moeilijk te verkroppen. Niet dat ze onvriendelijk was, oh, nee, dat was helemaal niet. Maar het viel niet mee om te accepteren dat de status die ze gewoon was te hebben in haar vorige leven, in Portugal, nu helemaal voorbij was. Ze was nu gewoon Mireille, niet meer mevrouw Dubois. En ze had niet meer de flexibiliteit om daar met een kwinkslag mee om te gaan.

De brieven bleven komen maar niet meer zo regelmatig. Ze had ook altijd wat moeite met antwoorden. Ze voelde zich een beetje schuldig. Zelf deed ze waar ze zin in had, haar eigen man vond dat ze niet hoefde te werken. Natuurlijk was het leuk om dingen te doen, maar eigenlijk meer omdat het niet verplicht was.

Het leek wel of haar vriendin niet meer kon aarden. Dat ze zo gewend was aan haar vorige leven dat ze niet kon accepteren dat dat voorbij was. Je moest je aanpassen en genieten van wat je had. Dat dat niet altijd meeviel was iets dat zelf terdege had ondervonden. Soms voelde ze zich schuldig. En eigenlijk was dat onzin, ze hadden allemaal in hetzelfde schuitje gezeten.

Nawoord

Goh, hoe lang zou het nu geleden zijn dat ze iets van Mireille had gehoord. Jaren inmiddels, misschien was het al wel 20 jaar geleden. De correspondentie was langzaam doodgebloed. Ze had haar best gedaan het contact te onderhouden maar dat was onmogelijk gebleken. Het verlies van haar man en later (veel later) haar geluk met haar nieuwe relatie was blijkbaar teveel geweest voor Mireille. Ze had haar niet meer gesproken. Ze vond het jammer, hun contact was toch altijd goed geweest en ze hadden veel voor elkaar betekend. En nu wist ze niet eens of Mireille nog leefde. Of haar man. Wat er in de afgelopen jaren met hen gebeurd was. Schepen die voorbij gaan. Je levenspad gaat het tijdje parallel en groeit dan weer uit elkaar. En inderdaad, het klinkt als een cliché, maar het enige dat blijft is de herinnering. Een mooie herinnering, dat wel.

ReizenReizen

Perfect op gewicht

Eens per jaar moet hij met het baasje mee naar ‘de dierenarts’. Eerst wist hij helemaal niet wat dat was, het was ook niet erg. Hij moest op een tafel gaan staan en dan kwam er een vreemde man of vrouw die in zijn oren keek en op bepaalde plekken op zijn lijf voelde. Een prikje en daarna een snoepje, klaar was kees. Soms, als hij niet zo lekker was, gingen ze ook naar dat gebouw en dan kreeg hij iets waardoor hij zich weer beter voelde. Dat was ook niet zo’n ramp. Maar hij heeft zich toch wel eens een keer vreselijk belazerd gevoeld. Twee keer eigenlijk. De eerste keer toen hij die rare blauwe snoepjes had gegeten. “Hij heeft muizengif op!” Nou ja zeg, en dan nog. Die vervelende man had hem zo voor de gek gehouden. Eerst lekker eten en toen een prikje waar hij zo misselijk van werd dat hij al het eten er weer uitgooide. Zo zonde.

De tweede keer was natuurlijk toen hij last had van zijn pootje. Hij dacht zelf dat het wel over zou gaan maar het baasje en het vrouwtje waren heel bezorgd. Ze brachten hem naar een raar huis waar hij opeens wakker werd met heel zijn pootje in een strak verband. Hij kon er niet eens fatsoenlijk mee lopen. Hij had het hen wel laten merken hoor, de hele weg naar huis had hij zitten mopperen.

En nu was hij echt op zijn hoede als ze weer naar dat huis gingen. Hij vertrouwde het niet meer zo. Hij luisterde ook heel goed wat het baasje en vrouwtje tegen elkaar zeiden als het weer zo ver was. Het vrouwtje had het er al een tijdje over, dat hij niet te dik mocht worden. Zelf boeide hem dat niet, schei toch uit. Maar helaas besliste hij niet zelf hoeveel brokjes er in zijn bak werden gedaan. Echt veel te weinig, hij had de hele dag honger, verschrikkelijk. Het baasje had wel medelijden met hem. Dat wel. Maar hij kreeg niet meer eten, ook niet van het baasje.

Toen ze naar die vervelende plek reden zat hij gelijk weer rechtop. Daar gingen ze weer, benieuwd wat er nu weer ging gebeuren. Hij voelde zich prima dus dat was het niet. Eerst moest hij op de weegschaal. De dame die meeliep, schreef wat in zijn boekje. Het baasje nam dat mee naar de dierenarts en die keek heel tevreden. “Hij is keurig op gewicht, heel mooi.” Tsss, ja, wrijf het er maar in, nu zou hij helemaal wel niet meer te eten krijgen thuis. Het was ook het eerste dat het vrouwtje vroeg, “hoe was het met zijn gewicht?”

Waarom zeuren ze daar toch zo over. Hij ziet genoeg mensen die ook wel wat minder brokjes mogen eten. Gelukkig staat zijn varkensoor nog niet op rantsoen, dat krijgt hij nog iedere avond. Hij probeert wel het baasje te verleiden om wat eerder naar de garage te lopen maar daar trapt hij niet in, helaas. Maar hij blijft het proberen. Misschien val je daar ook wel van af.

DierDier

Winterrecepten

Ik heb het al meer gezegd, ik ben niet van het moderne voedsel. Het ziet er naar mijn zin te vaak uit als kippen- of konijnenvoer. Daarom volg ik ook vrijwel geen enkel foodblog. Behalve in de herfst, dan struin ik alle blogs en websites af naar eerlijk ouderwets eten. Stoofpotten, ovenschotels, stamppotten, heerlijk. Ook wildrecepten staan hoog op het lijstje. Ik sta vroeg op om konijnenbouten aan te braden zodat ze de hele dag kunnen sudderen. Het hele huis ruikt ernaar.

Toch grijp ik voor haas en konijn meestal terug naar het oude recept van een tante van mijn maatje. Inmiddels is ze al heel oud, maar een aantal jaren geleden nodigde ons eenmaal per jaar uit om haas te komen eten. Ook mijn schoonvader schoof, als vanzelfsprekend, aan. Mijn maatje en ik hadden vooraf al plezier. De haas was namelijk altijd een succes, met spekjes, uien, laurier en kruidnagel. Dat was het niet. Het was meer de aankleding van het geheel. Als wij gasten krijgen, probeer ik het toch altijd wat feestelijk aan te kleden. Tante niet, er kwamen onderzettertjes op tafel die je tegenwoordig alleen nog maar in een kringloopwinkel ziet. De pan op tafel, een keukenrol ernaast en eten met je handen. “We hebben weer servetten aan de rol”, lachten wij altijd. Eigenlijk had ze groot gelijk, de pan ging altijd helemaal leeg.

Het geeft ook een gevoel van nostalgie. Dan denk ik terug aan de keer dat ik konijn had klaargemaakt voor mijn schoonouders. Mijn maatje had eens in de pan gekeken en besloten dat we de dag erna ook nog konijn zouden eten. Hij had alleen niet op zijn vader gerekend. Toen we naar huis  gingen, kreeg ik een keurig schoongemaakte pan mee. “Hebt u de rest weggedaan?” vroeg ik een beetje verschrikt. “Nee hoor, ik heb het in een bakje gedaan, heb ik morgen nog lekker een konijnenpootje.” Een beetje beteuterd gingen we naar huis. Dan maar iets anders verzinnen voor morgen.

Dit jaar zal het allemaal wat anders gaan. Niet met een groot gezelschap rond de tafel met de grote wildpan in het midden. Maar met een klein gezelschap is het net zo gezellig en smaakt het net zo lekker. Laten we nou maar niet zo klagen, we steken een extra kaarsje aan en proberen wat nieuwe recepten uit. En als we dat volhouden, kunnen we vast volgend jaar weer uitpakken. En onze gasten verrassen met allerlei nieuwe gerechten. Zoals een wijs man ooit zei “ieder nadeel heb z’n voordeel.”

KokenKoken