Zappen

television-remote-control-525705_1920.jpg

Zo, alles opgeruimd, koffie gezet. Een avond waarop ik me heb voorgenomen niets te doen en eens lekker voor de televisie te gaan zitten. Even verstand op nul en kijken. Dus ik vraag mijn maatje “wat er op is”. Van het aanbod dat die overvloed aan zenders ons biedt word ik direct narrig. Je kunt kiezen tussen verschrikkelijke bak- en kookprogramma’s, diverse vreselijke hulpprogramma’s, met steeds dezelfde deskundigen.

De talentenjachten zijn niet van de lucht. Blijkbaar kijken we graag naar mensen die zichzelf voor schut zetten maar vinden we het ook leuk om BN’ers nerveus te zien ronddraaien. Iedereen moet kunnen zingen tegenwoordig. Of kunnen dansen, dat is ook erg modern.

En wat te denken van mensen die denken dat ze zonder enige voorbereiding en met een minimaal budget een bouwval kunnen opknappen of een restaurant kunnen beginnen in een varkensstal. En dan nog liefst in een land waarvan zij de taal niet machtig zijn en zonder zich ook maar een moment te hebben verdiept in de regels van dat land. En in, nog veel belangrijker, de cultuur van dat land. Wij zijn Nederlanders, dat gaat ons wel lukken, toch. Gewoon een zak geld mee en arrogant kijken.

De verbazing op hun gezichten is wonderbaarlijk als blijkt dat het allemaal niet lukt. Het leek een eitje, toch. En daar moet ik dan naar kijken. Het brengt me alleen plaatsvervangende schaamte, verder niets.

En om nou voor de zestiende keer naar de documentaire “Mission Impossible” te kijken, dat gaat me ook een beetje ver. Er is wel filmaanbod, maar dat aanbod is al jaren hetzelfde, helaas. En waarom moet ik kijken naar mensen die in hun Adam- of Eva-kostuum daten? Wat voegt het toe? Ach, zo kan ik wel even doorgaan. Amerikaanse crime-series met een politiekorps waar je alleen maar wordt aangenomen als je heel mooi bent en als vrouw op enorme stiletto’s je werk kunt doen. In een witte broek liefst, die zelfs op een vuilnisbelt smetteloos schoon blijft.

Soms lijkt het wel of sommige programma’s echt alleen maar zijn gemaakt om de intelligentie van de kijker te beledigen.

Oké, er zijn er thema-zenders, maar als ik een avondje vermaak zoek, zijn dat ook niet precies de plaatsen die ik zoek. Dus val ik met een zucht terug op een oude verslaving, Britse detectives. Niet altijd even spannend maar wel altijd leuk om naar te kijken. De moorden worden in stijl gepleegd, zonder al te veel getoond geweld. Anderen vinden de series misschien oubollig, voor mij is het toch een avondje ontspannend kijken. Waarom zoek ik eigenlijk verder?

 

Hondenleven

IMAG0604

Ah, kijk, even in de gaten houden. Het vrouwtje en het baasje waren met tassen en spullen in de weer. Daar moest hij wel even bijblijven, tenslotte ging hij ook zeker weten mee naar de camping. Niet dat ze hem ooit vergeten hadden, dat niet, maar hij bleef toch altijd maar liever zelf een beetje alert. Ok, heel goed, zijn spullen werden ook klaar gezet. Alles ging in de auto en hij sprong op de achterbank. Nu even een tijdje hobbelen. Meestal sliep hij gewoon lekker en werd hij wakker zodra ze de grindpad van de camping op draaiden. Het geluid was anders dan dat zoeven op de snelweg, daardoor wist hij dat ze er bijna waren.

Terwijl het baasje alle spullen weer uit de auto haalde, wat een gedoe toch weer steeds, ging hij eens op zijn gemak kijken wie er allemaal waren. Veel mensen kende hij wel, daar ging hij altijd even dag zeggen. Vaak kreeg hij dan ook wel een snoepje, dat was altijd meegenomen. De bekende mensen waren aardig. Daar had hij geen problemen mee. Wat wel eens lastig was, waren de mensen die maar tijdelijk waren. Daar waren soms van die zeurpieten bij. Die stuurden hem gewoon weg als hij kennis wilde maken. Tssss. Dat snap je toch niet.

Maar goed, hij moest wel even het baasje en het vrouwtje in de gaten houden. Want ze wilden eigenlijk niet dat hij in zijn eentje op pad ging. Hij snapte niet waarom, tenslotte kende hij de camping op zijn duimpje. Hij zou echt niet in zeven sloten tegelijk lopen. Als ze bezig waren met opruimen, kon hij wel even op pad, dan zagen ze dat toch niet.

Hij moest wel opschieten, het vrouwtje kwam hem vaak al snel roepen. Soms was hij nog niet eens tot aan de caravan van zijn vriendinnen gekomen. Hij liep meestal wel gewoon met het vrouwtje mee terug. Het was ook wel een beetje zielig om haar voor niks te laten roepen. Hij nam nog wel eens een omweg maar hij ging wel altijd met haar mee. Bij het baasje nam hij geen omweg, die riep niet zo vaak maar als hij riep was het toch wel zaak gelijk terug te gaan. Hmm.

Ach, hij zou zijn vriendinnen zeker vanmiddag nog wel op het terras zien. Misschien gingen ze ook nog wel zwemmen vanmiddag, dan kon hij ook mee gaan. Daar was het baasje dan weer niet zo moeilijk in, dan mocht hij gewoon mee. Alleen vorige keer, toen had hij het wel een beetje verkeerd gedaan. Het baasje was takken van een boom aan het zagen en het vrouwtje was hem aan het helpen. Zijn vriendinnen waren langsgekomen maar hij mocht deze keer niet mee. Echt zeldzaam flauw. Toen ze druk bezig waren, was hij gewoon toch maar het bos in gelopen. Lekker poedelen en spelen met Luna. Yana was aan het zwemmen, daar hield hij persoonlijk niet zo van. Oei, maar toen het vrouwtje kwam, hoorde hij aan haar stem dat het menens was. Hij moest gelijk het water uit en mee komen. Mensen, je snapte er soms niks van, ze konden zo moeilijk doen. Hij was maar gelijk mee gegaan want als het vrouwtje die stem opzette was ze echt boos. En dan trok ze hem soms aan zijn oor of zijn nekvel mee. Dat was wel gênant tegenover Yana en Luna. Dat moest hij niet hebben, het ondermijnde toch behoorlijk zijn prestige. Tenslotte was hij een man, hij moest hen wel beschermen.

Voorlopig ging hij eerst maar eens even in de zon liggen. Alles was inmiddels ingericht, er was gezorgd voor zijn drinken, vanavond zou hij lekker eten krijgen. Daar zorgden het baasje en vrouwtje wel voor. Nu eerst relaxen. Een hondenleven is goed.

 

Zomaar een gelukkige dag

lion-cub-2886432_1920

Soms merk je dat je onbewust glimlacht. Dan heeft het leven zomaar ineens gelukkige momenten voor je in petto. Natuurlijk moet je die wel zien. Als je dat kunt, ben je een gelukkig mens.

Marijke kan dat heel goed. Doordat zij een lodge heeft, ontmoet zij gasten vanuit de hele wereld. Sommigen zijn eenmalige gasten, die komen, genieten en gaan. Maar er zijn ook mensen waar zij contact mee houdt. En zo kan het dan gebeuren dat er een vraag komt vanuit Japan. Een designer wil een stoel laten maken in 180 verschillende landen. Alleen het ontwerp wordt gestuurd, de lokale timmerman mag zichzelf daarna uitleven. Op zijn eigen manier. En tegen betaling. Marijke kijkt in gedachten rond in haar netwerk en vraagt iemand die zij kent en die dit zeker met beide handen zal aanpakken. De eerste glimlach is geboren.

Daarna denkt zij na over de Nederlandse maaltijd die zij een vriend heeft beloofd. Hollandse pot, dat is lang geleden. De jongen die haar boodschappen haalt, brengt desgevraagd aardappels mee. Vijf stuks, in Gambia gaan aardappels niet per kilo. Als Marijke voorbereidingen wil gaan treffen, komt zij tot de ontdekking dat de aardappels al zijn gekookt. Ook dat tref je in Nederland niet aan in de supermarkt. “Maar,” denkt zij glimlachend, “dat scheelt in ieder geval weer werk.”

In de middag staat ‘winkelen’ op het programma. Dat betekent tweedehands winkeltjes afstruinen op zoek naar simpele dingen. Onlangs heeft ze nog een Tupperware voorraadbus  gescoord. Het is onvoorstelbaar wat Europeanen dumpen in Afrika, onder het mom van liefdadigheid.

De Nederlandse maaltijd bestond uit frites, asperges in boter met een ei en extra appelmoes. Misschien niet de meest exclusieve maaltijd uit het Nederlandse kookboek maar wel heerlijk als je bedenkt dat er in Gambia wordt gekookt met wat er in huis is. Waar wij in ons koude landje dan wel weer jaloers op kunnen zijn, is een lange zwoele avond. Een glaasje wijn, luisteren naar de geluiden van de duisternis. Hoe zou het mogelijk zijn niet te glimlachen.

Wellicht is dit niet de dag die wij verwende Westerlingen bovenaan ons lijstje hebben staan. In onze snelle maatschappij is het bijna ondenkbaar om te kunnen genieten van dergelijke simpele dingen. Daarom kan ik wel eens jaloers zijn op Marijke. Zij heeft het niet voor niets gehad in het leven maar ze heeft daardoor wel geleerd dat geluk niet zit in geld of bezittingen. Geluk zit in een glimlach.

 

Decorum

pumps-154636_1280

Gisteren zag ik weer een lotgenoot ploeteren. In het kielzog van een mannelijke collega die net iets te grote passen nam. Dat deed hij niet expres, hij had nou eenmaal langere benen. De dame in kwestie kwam zo te zien ook net van een meeting. Zij sjouwde met handtas, laptop en autosleutel op haar hakken door het gras van het plantsoen rond het parkeerterrein. Ik moest toch wachten dus ik zat het tafereel op mijn gemak aan te kijken. Ik ken het namelijk. Je loopt mee met je mannelijke collega’s, die zijn professioneel gekleed maar wel op platte schoenen. Je draagt net als zij een laptoptas. Maar jij draagt ook nog eens je handtas èn je loopt op hakken. En in mijn geval dan te klunzen. Het lukt me nou nooit eens om een beetje handig dingen te verdelen. Ik heb altijd èn de hengsels van twee tassen èn mijn sleutels in één hand. En probeer dan op elegante wijze de auto open te maken om eindelijk die tassen op de achterbank te gooien. En dan vervolgens met een zucht achter het stuur te kruipen. Eindelijk rust voor mijn voeten.

Natuurlijk doe ik het mezelf aan. Dat weet ik.  Ik wil er zo elegant mogelijk uit zien. Dat ik van nature niet elegant ben, neem ik dan maar voor lief. Tenslotte wil je ook niet door het leven gaan als oma Duck, met bijbehorend schoeisel. Het is al erg genoeg dat ik verre van lichtvoetig ben en iedereen mij van mijlenver hoort aankomen. Ik doe het niet expres, het is mijn motoriek. Of zoals een collega opmerkte “je moet de groeten van hakken hebben.”

En dan heb ik het nog niet eens over nieuwe schoenen. Want man, man, wat kun je daar een blaren in krijgen. Laatst ook weer, ik had prachtige (vond ik) nieuwe pumps gekocht. De eerste dag al was het prijs. Een blaar zo groot als morgen de hele dag. De hele dag heb ik lopen strompelen, het bloed zat in mijn nieuwe schoen. Toen ik thuis kwam met een verbeten gezicht, vroeg mijn maatje heel subtiel “nieuwe schoenen, zeker zere voeten?” Ik gromde wat en schopte ze mijn schoenen in een hoek. Wetende dat ik ze toch echt weer aan zou moeten. Want anders worden die schoenen nooit passend. Zucht.  

Eerst dacht ik dat ik de enige was die altijd zo liep te klunzen. Het blijkt echter gewoon een vrouwending te zijn. Dat geeft toch wat rust. Niet dat het daardoor minder sukkelig wordt maar het is prettig te weten dat het niet helemaal aan mij ligt. Ik besluit gewoon maar te bedenken dat het aan de maatschappij ligt. En dan in het bijzonder aan ons vrouwen zelf.

 

Klanttevredenheid

test-pattern-152459_1280

Terwijl ik in het donker op zoek ben naar een notitieblokje en een pen, stoot ik mijn scheenbeen pijnlijk aan een scherpe punt. Ik grom binnensmonds en doe dan toch maar het licht aan. Oh ja, twee televisies, dat is waar, die staan hier zo lang.

Mijn schoonvader keek graag televisie. Zijn wereld, en met name zijn bewegingswereld, was op het laatst behoorlijk beperkt. Natuurlijk trok hij er op uit met zijn scootmobiel, maar als het slecht weer was, was hij toch regelmatig op zijn huis aangewezen. En dan installeerde hij zich in zijn gemakkelijke stoel. Voeten omhoog, drankje en knabbels binnen handbereik, afstandsbediening op schoot. Hij vermaakte zich wel. Het liefst keek hij naar National Geographic, de natuur boeide hem mateloos. Wellicht ook vanwege het feit dat hij zelf de stad niet meer uit kwam.

Pa keek ook niet naar een klein televisietje. Nee hoor, wat dat betreft was hij zijn tijd ver vooruit. Waar andere bejaarden zonde maakten van het geld, kocht hij regelmatig een nieuwe tv. De laatste snufjes, hij had het allemaal. De zaak waar hij vaste klant was, was daar helaas ook van op de hoogte. Ik weet nog goed dat we een keer uitgenodigd werden zijn nieuwste aanwinst te bewonderen. Een prachtige televisie, groot, plat, van alle gemakken voorzien. Hij was er zichtbaar blij mee. Natuurlijk waren wij ook blij voor hem. Alleen het feit dat hij zich afvroeg waarom hij er toch twee zonnebrillen bij had gekregen, zette ons aan het denken. Als je iemand een 3D televisie verkoopt, dien je toch op zijn minst de werking uit te leggen. Misschien waren ze bang dat hij zich dan terug zou trekken, zoveel geld voor iets dat hij toch niet gebruikte.

Bij zijn volgende televisie was het nog zouter. Weer een prachtig apparaat. “Moet je toch eens kijken” zei pa, “wat een afstandsbediening ik erbij heb gekregen.” Het eerste dat me opviel, was de grote toets in het midden met het Windows-icoon. Het was een smart-tv. Er was alleen een klein probleempje, pa had geen internet. Het computertijdperk was volledig aan hem voorbij gegaan. Hij keek altijd met verbazing toe als ik dingen opzocht op mijn tablet en hem dan een blik gunde in de hele wereld. En nu had hij een apparaat dat hetzelfde kon.

We hebben internet voor hem aangevraagd. Ik weet niet of Ziggo ons daar dankbaar voor was. Pa hing regelmatig aan de telefoon, “hij doet het niet.” Meestal was er dan weer iets met het wachtwoord. Hoe hij het voor elkaar kreeg, geen idee.

Toch gaf ook deze televisie ons het idee dat de verkoper hem weer geld uit zijn zak had geklopt. Pa deed niks met YouTube, wist niet eens wat het was. Waar had hij een smart-tv voor nodig. Het was de laatste die hij heeft gekocht. Hij is altijd een trouwe klant gebleven. Het gevoel dat hij opgelicht werd, leefde alleen maar bij ons. We hebben er nooit iets van gezegd, pa zou er alleen maar verdrietig van zijn geworden. In tevredenheidsonderzoeken wordt vaak gevraagd of je de leverancier zou aanbevelen bij je vrienden en kennissen. Nou, nee dus.

 

Onafhankelijk

flare-up-3335775_1920

Jonge jonge wat een gedoe toch weer. Gewoon die tent op zetten en niet meer zeuren. Tegenwoordig waren mensen echt watjes. Hij duwde de twee sukkels opzij en trok het zeil van de vrachtwagen. “Kom op joh, pak eens aan.” Dat gezanik steeds. Ze stonden natuurlijk ook weer helemaal verkeerd, als je zo alles vastpakt, moet je ook wel moeite hebben. Hij  gromde inwendig en wees waar ze moesten gaan staan. Je moest ook altijd alles zelf doen.

’s Avonds zaten ze eindelijk rond het kampvuur aan het eten. Hij trok het legergroene blik open en veegde zijn vork af aan zijn mouw. Thuis kwam hem dat op een valse blik van zijn vrouw te staan maar dat kon hem niet schelen. Ze wist waar ze aan begon toen ze met hem trouwde, ze waren tenslotte geen achttien meer. Toen zijn eerste vrouw steeds meer begon te zeuren dat hij zich eens wat netter moest aankleden en wat meer thuis moest blijven, had hij haar netjes op de keitjes gezet. Geen gezeur, hij was zoals hij was. Gelukkig begreep zijn zoon precies wat hij bedoelde, dat was ook niet zo’n zeikerd. De militaire weekenden zoals deze waren altijd tof.

Mooi wel dat hij voor de zoon van zijn buurman een tent had kunnen ritselen. Kon dat jong tenminste ook eens mee. Die had toch al niet zo veel, pa afgekeurd vanwege zijn rug, ma te bedonderd dat ze de handen uit de mouwen stak. Nee, die maakten er niet veel  van. Hij nam de jongen graag mee op pad. Het was een prima enthousiast joch. Mooi gezicht als hij zo naast hem in de vrachtwagen zat, dat koppie net boven het dashboard uit. Zeurde ook nooit, pakte altijd mee aan. Jammer dat zo’n kind zo’n last kon hebben van zijn ouwelui.

Tevreden keek hij de kring rond. Beter dan dit kon toch niet, met z’n allen in de buitenlucht, niet van die flauwekul als eten in een restaurant. En dan verwachten dat je je omkleedt. Waarom, om te gaan eten? Net of het niet smaakte in zijn gemakkelijke kloffie. Nee, al die flauwekul, daar deed hij niet aan mee. Ze konden hem alles vragen, hij wilde overal mee helpen maar zich anders voordoen dan hij was, daar begon hij niet aan.

Binnenkort zag hij zijn broer weer. Goeie vent, woonde in Amerika. Jammer, daardoor zagen ze elkaar maar eens per jaar. Dit jaar kwam hij weer hierheen. Ondanks dat die voor zijn werk wel nette kleding had gedragen, was die toch echt net als hij. Hij verheugde zich al op hun tijd samen. Gewoon, mekaar aankijken en weten wat je bedoelt. Mannen onder elkaar. Die vrouwen konden altijd zo zeuren. Ja, dan zat er een vlek in zijn broek, of een winkelhaak bij zijn elleboog. Hij vroeg toch niet of ze het wilde repareren. Hij had er geen last van dus zij hoefde zich er niet mee te bemoeien. En dan was zijn vrouw nog niet eens moeilijk. Je had van die wijven, daar was helemaal niks mee te beginnen. Die klaagden al als hun haar in de war raakte. Onvoorstelbaar dat er kerels waren die het daar mee uit konden houden. Zijn vrouw moest hem lekker zijn gang laten gaan, dan had ze geen last van hem en hij niet van haar.

Zijn broer was verstandig. Die was nooit getrouwd geweest. “De ware nooit tegengekomen”, zei hij altijd. Waarschijnlijk nooit op zoek geweest, veel te druk met andere dingen. Wel jammer dat hij daardoor ook geen kinderen had. Tenminste, niet dat hij wist. Hij keek naar zijn zoon, die zat halverwege de kring zijn eigen pannetje leeg te lepelen. Ze deden in hun vrije tijd veel samen. Prima kerel, had ook een prima wijf, trouwens. Stoer ding, nooit zeiken, gewoon mee aanpakken. Daar had hij het mee getroffen.

Ja, als hij zo terugdacht, dan had hij het allemaal nog niet zo slecht getroffen. Hij was gezond, kon doen wat hij wilde, hoefde met niemand rekening te houden. Als hij zo eens in zijn omgeving keek, was dat wel eens anders. Gelukkig kon hij hier en daar ook nog eens een helpende hand toesteken. Niet bij prutsers die het zelf veroorzaakten, maar soms had je van die tobbers die altijd pech hadden. Ach, en als hij daar wat voor kon doen, waarom zou hij het dan laten. Tenslotte had hij het goed.

Eigenlijk zou iedereen dat eens moeten doen. Gewoon, normaal doen en elkaar helpen. En hem lekker laten zitten, met zijn vrienden, zijn familie en zijn kampvuur.

 

 

 

 

Ballenbak

FB_IMG_1495267644533

In ons gezin zijn tennisballen een verbruiksvoorwerp. Dat klinkt vreemd. Normaal gesproken is een tennisser betrekkelijk zuinig op zijn ballen. Natuurlijk, ze gaan niet oneindig mee, maar ze worden gekoesterd en goed behandeld. Zo niet bij ons.

En de grap is, wij tennissen niet eens, mijn maatje en ik.

Wij hebben een kleine zwarte hond die verzot is op tennisballen. Hij doet er, figuurlijk, een moord voor. Natuurlijk figuurlijk, de kleine man doet geen vlieg kwaad. Ondanks zijn slechte naam. Je doet hem geen groter plezier dan met een nieuwe tennisbal. Hij springt enthousiast om je benen en kan niet wachten tot hij, braaf zittend op zijn hondenmand, zijn kado in ontvangst heeft mogen nemen. Met zijn machtige kaken behandelt hij de bal als een soort kauwgum. Ik moet direct weer denken aan die mierzoete hubba bubba kauwgom van vroeger. Een enorme roze blok chemisch goedje waar je acuut pijn in je kaken van kreeg. Stef heeft daar geen last van. Hij ligt tevreden kauwend op zijn kussen. Zijn kaken zijn tegen serieuzer werk bestand.

Ineens, ja hoor, pttssss. We horen het, de bal is alweer lek. Stef staat op en legt het kleffe geval op je schoot. “Spelen baasje?”

De hoeveelheid ballen die wij aanschaften werd toch wel serieus. We probeerden het merk van de Action. Dat was geen succes. Goedkoop is duurkoop en ons hele huis lag continue vol stukken rubber. Het zag er niet echt fris uit. Maar om nou iedere week naar de sportzaak te rijden voor een paar kokers Wilson’s is ook weer zo wat.

Een rondgang op het internet bracht ons bij de website www.oudetennisballen.com. Geweldig. Je bestelt een voorraad ballen, van 12 tot 96 stuks per keer, voor een heel acceptabel bedrag. De ballen worden verstuurd in wat er maar als doos voorhanden is. Soms staat er met grote letters “fragile” op. De postbode overhandigt het pakket met gepaste voorzichtigheid.

Een deel van de opbrengst gaat naar het indoor gehandicapten tennis. Dat is een mooie bijkomstigheid. Tenslotte hebben wij toch regelmatig een nieuwe voorraad nodig. Wij blij, zij blij. En Stef blij, zijn slopershobby levert alleen maar lachende gezichten op.

 

 

 

De f-jes

the-ball-488709_1920

Zondagmorgen op het voetbalveld. Het is een gekrakeel van jewelste. De ‘f-jes’ zijn aan het trainen. Ik weet niet of het elftal waar ik naar kijk werkelijk zo heet maar de meeste mensen weten dan toch wel wat ik bedoel. Jongetjes van een jaar of zes die in een kluitje achter de bal aan rennen. Breed spelen, verdeling van aanvallers en verdedigers, hoezo? Waar de bal is, zijn de spelertjes.

Ik kijk geamuseerd toe. De aanvoerder hijst zijn voetbalbroek nog maar eens op en rent met hernieuwd elan over het veld. Hij wijst en neem zijn taak hoogst serieus. Een speler die toch even een time-out nodig heeft om zijn neus te snuiten, wordt direct bij de les geroepen. Hij kijkt wat verongelijkt maar steekt zijn zakdoek dan toch maar snel weg. Tenslotte is voetbal een teamsport en is zijn inbreng belangrijk.

Ik kan geen enkele strategie ontdekken maar dat is juist zo leuk. Het spel gaat van de ene kant van het veld naar de andere en als er een goal gemaakt wordt, klinkt er luid gejuich. De trainer gebaart trots naar zijn mannen, goed gedaan. Zelfverzekerd wordt het spel hervat. Het kluitje begint zich weer te bewegen.

Gelukkig gedragen de ouders langs de lijn zich normaal. Er wordt niet geschreeuwd en gescholden, alleen maar aangemoedigd. Het kan dus nog wel. Hoeveel verhalen hoor je niet van vaders en moeders die volledig door het lint gaan als hun zoon een keer de bal verliest. Of als de scheidsrechter een beslissing neemt die in hun ogen niet in het voordeel van hun kind uitvalt. Ik snap dat niet. Die jongens hebben toch alleen maar plezier. Wat boeit het nu wie er wint.

Ik hoorde pas van een negenjarig kind met een burn-out. Hoe is het mogelijk, vraag ik me af. Willen die kinderen dan zelf al zo vroeg in de tredmolen of willen de ouders dermate modern zijn dat het kind overal aan mee moet doen en vooral overal de beste in moet zijn. Zo triest.

Een burn-out is absoluut niet iets dat onderschat mag worden. Maar het is al erg genoeg dat er zoveel volwassenen zijn die hier aan lijden. Een kind zou dit niet mee mogen maken.

Ik heb de oplossing niet. Ik kan alleen maar met veel plezier kijken naar die voetballertjes die de benen onder hun lijf vandaan lopen. Alle kanten uit. En daarna voldaan met zijn allen aan de limonade gaan.

Spam

spying-3348575_1920

Het is onvoorstelbaar wat een onzin je allemaal ontvangt in je inbox. Je laat op verschillende plaatsen je e-mailadres achter dus het is een kwestie van tijd voordat je adres bekend wordt bij mensen die jij niet kent. Maar die kennelijk wel contact met je willen. Je bent uitverkoren als tester voor allerlei producten, als winnaar van ettelijke miljoenen en je boft ook vreselijk want je mag kennismaken met allerlei vreemde snoeshanen.

De wet op de privacy wordt aangescherpt. Een heel goed initiatief. Ik denk alleen dat we niet zo naïef moeten zijn om te denken dat onze gegevens nu veilig zijn. Ook is het naïef om te denken dat Marc Zuckerberg de enige is die onze data gebruikt. De man werd aan de schandpaal genageld, op Social Media. Mensen vonden het schande, zij sloten hun Facebook-account af. Weg er mee. Om vervolgens een whatsappje te sturen naar vrienden, in een webwinkel wat te bestellen en op een site waar zij wat informatie zochten de Cookies te accepteren. Hoezo, data achterlaten.

Wat ik ook altijd zo bijzonder vind, is dat mensen niet willen dat huisartsen en ziekenhuizen hun gegevens delen, maar dat ze wel op Facebook inchecken als zij in datzelfde ziekenhuis zijn. Of hun vrienden laten weten dat het herstel goed gaat, al dan niet met foto’s erbij. Natuurlijk zijn het twee verschillende dingen maar sommige mensen plempen echt hun hele hebben en houden op het internet. Alsjeblieft zeg, Mijn maatje heeft een tijdje een groep met lotgenoten met Clusterhoofdpijn gevolgd. Hij werd er naar van, de een was nog zieliger dan de ander en de meest gruwelijke foto’s werden gepost. Gelukkig greep de beheerder daar op in maar voor mijn maatje was het klaar. Echte informatie is prima maar niet dit soort gedoe. Hij ontvolgde de groep.

Het is ook lastig om te bepalen welke informatie je wel en welke je niet wilt delen. Ik sla mijn foto’s ook op in de cloud. Nu zijn dat bij mij allemaal onschuldige plaatjes, de meeste nog zijn van de hond. Daarom kon ik ook hartelijk lachen om een mail die laatst ontving. “Betaal mij 500 euro, anders zet ik je naaktfoto’s online.” Niet het feit dat ik die mail ontving, dat is natuurlijk heel triest. Ik heb er ook niet op gereageerd en de mail direct vernietigd. Maar eigenlijk had ik de man een berichtje terug willen sturen. “Doe je best joh.”

Ik denk dat je je eigen informatie het beste beschermt door er zelf goed over na te denken en zorgvuldig mee om te gaan. Als mensen zich bewust zijn van waar ze mee bezig zijn, kunnen bepaalde dingen geen verrassing meer zijn. Misschien wel lastig, maar dat is toch de consequentie van de digitale wereld. En dan zullen we allemaal aan moeten wennen.

 

Cosby show

chess-2727443_1920

Een van mijn favoriete programma’s, heel lang geleden, was The Cosby Show. Een gezin waarin alle problemen aan bod kwamen maar waar alles werd opgelost zonder dat er een onvertogen woord viel. Aan het hoofd van het gezin Bill Cosby, doctor Huxtable, liefdevol terzijde gestaan door zijn echtgenote, Claire Huxtable.

We keken er allemaal naar, af en toe jaloers. Zo was het in onze eigen familie toch niet. Niet dat wij elkaar de hersens insloegen, helemaal niet. Maar zo zoet als het er bij de familie Huxtable aan toe ging, daar konden wij toch niet aan tippen.

Naarmate de serie duurde en wij wat ouder werden, kreeg ik toch een beetje een onbestemd gevoel. Zo goed, zo gezellig, dat kon toch niet. Het was ook maar een serie en op een gegeven moment werd het erg stil

Tot er in het nieuws berichten verschenen dat Bill Cosby helemaal niet zo’n leuke vader was geweest. Sterker nog, dat het een hele vervelende man was. Die geen enkel respect had voor vrouwen en hen drogeerde en misbruikte. Even nog dacht de wereld, “Bill Cosby, nee, dat kan toch niet.” Maar de berichten werden luider en luider en het aantal vrouwen dat hun verhaal deed steeg. Een heel ander beeld ontstond. Jarenlang had hij vrouwen gebruikt naar eigen goeddunken. En omdat hij zoveel macht had, binnen de nepwereld die Hollywood heet, was hij er ook heel lang mee weg gekomen. Een held donderde met luid geraas van zijn voetstuk.

Soms merk je dat een filmster ook maar een gewone man of vrouw is. Met alle hebbelijk- en onhebbelijkheden die daar bij horen. Daar kun je mee omgaan, dat geeft zelfs een gevoel van herkenning. Je held heeft ook zijn zwakheden. Maar een man die zich altijd zo goed heeft voorgedaan en die dan ineens een gore viezerik blijkt te zijn, dat is schokkend. En de arrogantie van zo iemand, die dan gewoon keihard blijft ontkennen, het is onvoorstelbaar.

Wat geeft iemand het recht een ander mens te misbruiken. Of het nu om mannen of vrouwen gaat, dat doet er helemaal niet toe. Het gaat om respect. Of iemand nu zwart, wit of pimpelpaars is, man, vrouw of transgender, wat maakt het uit. Laten we toch gewoon respect voor elkaar hebben om wie we zijn.

Helaas lijkt het niet zo te werken. De homohater die mijn goede vriend mishandelde, kwam weg met een boete van een paar honderd euro. Ik hoop van harte dat hij op een andere manier zijn straf nog krijgt. Dat mag ik niet hopen, dat weet ik wel, dat is niet netjes, maar het is denk ik wel heel menselijk. Hij heeft wel een veroordeling aan zijn broek, dat wel. Ik ben alleen bang dat dat niet zo heel veel indruk maakt. De schade die hij heeft aangericht is vele malen groter.

Soms kan ik er echt om zuchten, en dan komt de waarheid weer eens binnen; de Cosby Show bestaat echt niet.