Wolkenpraat

Ze zitten samen op een wolk. Niet zo’n dun sliertje waar je elk moment doorheen zakt, maar een stevige, comfortabele wolk met uitzicht. Beneden ligt de wereld die ze hebben achtergelaten. De huizen, de straten en vooral de mensen van wie ze zoveel hielden.

‘Ze hebben het moeilijk,’ zegt de een.

De ander knikt. ‘Dat zie ik.’

Ze kijken hoe hun geliefden proberen door te gaan. Hoe ze ’s morgens opstaan terwijl ze eigenlijk onder de dekens willen blijven. Hoe ze automatisch twee borden pakken en pas daarna beseffen dat er nog maar een nodig is. Hoe ze iets grappigs willen vertellen, om zich vervolgens te herinneren dat degene aan wie ze het altijd vertelden er niet meer is.

Vanaf hun wolk zien ze alles. De tranen die stiekem worden weggeveegd. De foto’s die te lang worden bekeken. De gesprekken met een lege stoel. Ze zien hoe zwaar verdriet kan zijn en hoe langzaam een mens leert om het mee te dragen.

‘Zullen we iets doen?’ vraagt de een.

‘Wat dan?’

‘Een veertje laten vallen? Een liedje op de radio? Een vlinder op het juiste moment?’

‘Dat doen we toch al?’

Ze glimlachen. Het is hun wolkenpraat geworden. Samen bedenken ze kleine tekens, ze zien dat die beneden ook worden herkend. Niet altijd maar dat hoeft ook niet. Misschien is liefde soms gewoon aanwezig zonder dat er bewijs voor nodig is.

Langzaam zien ze iets veranderen. Er wordt weer gelachen. Eerst voorzichtig, alsof lachen niet mag. Later voluit. Er worden nieuwe plannen gemaakt. Verjaardagen worden weer gevierd. Er komt opnieuw licht in de huizen. Er komt zelfs een nieuw huis. Samen zijn ze gelukkig. Het verdriet is niet verdwenen. Het heeft alleen een andere plek gekregen. Niet meer getekend op hun gezicht, maar geborgen in hun hart.

‘Kijk,’ zegt de een. ‘Ze redden het.’

‘Natuurlijk redden ze het,’ antwoordt de ander. ‘We hebben hen toch niet voor niets zo sterk gemaakt?’

Ze kijken naar beneden en zien hoe hun geliefden verder leven. Met gemis, met herinneringen, maar ook met geluk.

Dan schuiven ze wat dichter tegen elkaar aan op hun wolk.

‘Ik ben trots op hen.’

‘Ik ook.’

En ergens beneden kijkt iemand plotseling omhoog.

4 gedachtes over “Wolkenpraat

  1. Pas als je als persoon of naam niet meer wordt genoemd of beschreven ben je echt vergeten. Niet voor niets lieten ‘belangrijke’ mensen beelden van zichzelf maken die nog eeuwen later worden bekeken en die de naam van de model staande figuren doen herinneren. De gemiddelde mens krijgt geen beeld of schilderij. Die moet het doen met een foto, boek, overlevering etc. Maar helaas, na 50 jaar is ook dat allemaal relatief of verdwenen.

    Like

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.