Erbij horen

Een aantal jaren geleden heeft in China een, inmiddels volwassen, man zijn nier verkocht om met het geld dat hij daar voor kreeg een iPhone en iPad te kopen. Uiteraard zonder hier zijn ouders van op de hoogte te brengen. Wat zullen die arme mensen geschrokken zijn. De jongen wilde graag aan zijn klasgenoten bewijzen dat hij een coole gast was. Gelukkig zijn de mensen die dit mogelijk maakten opgespoord en veroordeeld. Het bericht kwam onlangs weer in het nieuws omdat de man nu lijdt aan nierfalen. Hij is inmiddels aan bed gekluisterd. Wel in het bezit van een iPad om dit wat draaglijker te maken. Dat dan weer wel. Hoe dom kan iemand zijn.

Of is het niet alleen dom? Is de druk om er bij te horen zo groot dat je er zelfs dat soort drastische en onherroepelijke maatregelen voor neemt? Er zijn zelfs sites voor jongeren die je vertellen hoe je hier mee omgaat. Dat je jezelf moet blijven en geen dingen moet doen die je echt niet wilt. Wat voor mij wil zeggen dat dat dus wel gebeurt. Dat mensen zich laten leiden door wat de groep wil. En daardoor buiten hun eigen comfortzone stappen. Zelfs crimineel gedrag gaan vertonen, alleen maar om indruk te maken.

Als kind wilde ik er ook graag bij horen. Welk kind wil dat nu niet. In de laatste klassen van de lagere school vormde zich al een groepje populaire meisjes. Ze droegen hippe kleren en mochten bij de kapper om meer vragen dan alleen puntjes er af. Hun moeders begrepen dat het heel belangrijk is om goede schoenen te dragen, maar dat die schoenen in de ogen van meisjes wel heel erg stom zijn. Mijn moeder was toch meer van het individualisme, geloof ik. Ze vond het ook niet zo belangrijk dat haar dochters ‘er bij hoorden’. Ik ben echt wel eens uitgelachen. Nu weet ik dat die meisjes mij niet veel zouden kunnen brengen maar toen voelde dat toch anders.

In de eerste klassen van de middelbare school was het al niet veel anders. Meisjes zijn veel geslepener dan jongens. Jongens schelden of vechten en dan is het klaar. Meisjes stoken en zijn achterbaks. Ik mag dat zeggen, ik ben ook een meisje. Smoezen en dan stil houden als jij binnen komt. Steelse blikken, stiekem lachen. Ik heb het allemaal gezien. En waarom? Alleen maar omdat je misschien niet precies volgens de laatste mode gekleed was.
Gelukkig heb ik er niks aan overgehouden. Ik hoefde niet naar een praatgroep. Hulpsites via internet bestonden sowieso nog niet dus ik klaarde het in mijn eentje. Zoals zoveel meisjes in die tijd. Want een groepje populairen kan alleen maar bestaan bij de gratie van de ‘gewone kinderen’.

Ik weet niet of de groepsdruk in deze tijd groter is dan toen ik puber was. Ik weet niet of er toen meer gepest werd dan nu. Ik ben nooit gepest, gelukkig. En ik heb gelukkig nooit lichaamsdelen verkocht. Misschien ook wel omdat toen nog niemand van Steve Jobs en zijn iPhone had gehoord. En de Commodore 64, ach, die was toch een stuk minder sexy.

Herhalingen

De term “Luister- en kijkgeld” wordt al lang niet meer gebezigd. Mijn ouders betaalden het, mijn maatje en ik ook, tot het in het jaar 2000 werd afgeschaft. Toch is het een uitdrukking geworden. Hoe vaak we niet tegen elkaar zeggen “daar betalen we dan kijk- en luistergeld voor”. Televisie is het feest van de herhalingen. Althans, dat willen de producenten ons wijs maken. En dit geldt niet alleen voor de publieke omroep. De commerciële omroepen zijn helemaal koning “We zenden het nog maar een keer uit”. Als je iets mist, is er geen man overboord. Je kijkt gewoon morgen, of overmorgen, of de dag er na. En anders is er altijd nog Uitzending Gemist.

Soms is het ook wel een leuk hoor. Tijdens de kerstdagen hoefden we pas laat de deur uit. En RTL Crime zond twee dagen onafgebroken Baantjer uit. Heerlijk, wat een knullige serie als je het nu bekijkt. En de herkenning soms. “Oh, dat is die acteur, die is veranderd.” Maar dat is dan ook eigenlijk het enige.

En de programma’s die niet herhaald worden, zijn gewoon het bekijken niet waard. Temptation Island, wat een verschrikking. En dan heb je ook nog de VIPS-editie. Waar volgens mij VIP staat voor Very Irritating Person. Want de meeste deelnemers ken ik niet eens. Zo vreselijk Important zullen ze dus ook wel niet zijn. Ook het format van de hulpprogramma’s wordt volledig uitgemolken. Heb je een bouwval als huis? Vind je dat je geld tegoed hebt van je familie? Bel RTL en zij lossen het op. En als je dan in je familie helemaal oorlog hebt, kun je altijd nog bij Bert van Leeuwen aankloppen. Gezamenlijk eten heelt alle wonden.

Je vraagt je wel af hoe wanhopig je moet zijn om aan dergelijke programma’s mee te willen doen. Of is het alleen maar mediageil. Iets is er toch aan de hand. Want de week erna moet je toch weer naar de supermarkt. Daar sta je dan met je pak toiletpapier. “Spaart u zegeltjes?”

Gelukkig zijn er ook de echte hulpprogramma’s. Lieke van Lexmond die met haar perfect gestylde haar en make-up tegen iemand met een serieus probleem staat te vertellen dat schoonheid aan de binnenkant zit. Huhuh. Lieke is geen domme meid, helemaal niet, maar als ze geleken had op de zus van Eucalypta, hadden ze haar hoogstwaarschijnlijk niet voor dit programma gevraagd. Nu helpt ze zelfs hele families. “Zit die grote haakneus in de familie? Geen probleem, dan gaat toch gewoon iedereen onder het mes.” Lang leve plastisch chirurgie. Wel in een particulier instituut hoor, daar heb je als producent tenminste niet zo’n last van regeltjes.

Ach, over een paar jaar kijkt er niemand meer naar die ouderwetse televisie. Netflix en Videoland voor onze films en series, nieuws-apps om op de hoogte te blijven van wat er gebeurt in de wereld. Een hele serie B-acteurs en -presentatoren beschikbaar op de arbeidsmarkt. En ik ben bang dat we het dan toch gaan missen. Die avonden “dat er weer helemaal niks op tv is.”

Dia voorstelling

Bij het opruimen van mijn zolder kom ik ze weer tegen. Twee grote tassen met dia’s, verhuisd naar een uithoek van de rommel verzameling. Ik veeg het stof er af en rits een van de tassen open. Dat valt nog niet mee, het materiaal wordt er in de loop van de jaren niet soepeler op. De rits is uitgedroogd en het nylon begint sporen van slijtage te vertonen. Terwijl de tassen toch niet veel gebruikt worden. Ik haal een cassette uit de tas, hoeveel dia’s zullen er in zitten. Mijn vader was heel gestructureerd maar door de jaren heen zijn de dia’s door elkaar geraakt. Afbeeldingen van mij en mijn zussen worden afgewisseld met plaatjes van de Franse kastelen die hij samen met zijn broer bezocht in de zomer. Ik kom de turquoise Simca 1000 weer tegen met mijn oom er naast. Goh, hoe lang zou dat al wel geleden zijn.

Na iedere vakantie werd er een avondje gepland. Mijn vader haalde de projector en het scherm van boven en er werd een klein bioscoopje ingericht. Mijn moeder en oom op een stoel, mijn zussen en ik voor hen op de grond. Ik voel nog precies de rand van het kleed onder mijn billen. Eigenlijk kon je beter op de parketvloer gaan zitten, dat was in ieder geval gladder. Maar dan kreeg je weer een koude kont. Papa stond naast de projector, heer en meester van de presentatie. Ik hoor nog het zoemen en het klikken van de cassette die mechanisch vooruit werd geduwd. Om de zoveel dia’s zat er natuurlijk weer een op zijn kop. Mopperend kwam de voorstelling tot stilstand en werd de dia rechtop gezet. Waarna we weer ondergedompeld werden in de Franse historie.

Ik heb me al zo vaak voorgenomen om ze te gaan digitaliseren. Ik heb ook al gekeken wat het kost om dat te laten doen. Maar daar schrik je van. Het bedrag per dia is niet hoog maar als je bedenkt dat ik er een paar honderd heb liggen, dan denk je toch nog wel eens na. Vooral als je er waarschijnlijk naderhand nooit meer naar gaat kijken. Net als naar al die andere foto’s die ik op een harddrive heb staan.

Eigenlijk jammer, de dia-avonden van mijn vader waren hilarisch. Vooral de keren dat een van zijn dochters net een nieuw vriendje had en hij met veel vertoon een avond organiseerde. Mijn zussen en ik zaten met samengeknepen tenen terwijl mijn vader de ene na de andere gênante afbeelding op het scherm toverde. Hij genoot. En als het vriendje na deze avond nog steeds met zijn dochter wilde zijn, dan zat het wel goed.

We gaan weer naar school

Het was toch weer een rare gewaarwording. Een schoolgebouw waar je nog nooit bent geweest. Altijd weer even zoeken. De les begint om 18.00 uur, dus om 17.30 uur staan soep en broodjes klaar. Dat scheelt, ik kan gewoon mijn neus volgen. Een klein lokaal met kleine tafels. De docent belooft ons dat we vanaf volgende keer een groter lokaal hebben. Nu paste het niet helemaal in de planning.

Ach, het maakt niks uit. Ik schenk soep in een grote kartonnen kop en leg een broodje op een papieren bordje. En schuif aan naast een van mijn medestudenten. Heerlijk, die knulligheid van onderwijs. Het duurt al meer dan een kwartier om iedereen toegang te geven tot het wifi-netwerk. Je moet een halve IT-er zijn om alle instellingen goed te krijgen. Alsof je toegang zoekt tot het Pentagon. Uiteindelijk lukt het en kan iedereen inloggen op de Leeromgeving.

De docent is een professional, hij heeft zijn presentaties goed ingericht. Natuurlijk is zo’n eerste avond altijd nog een beetje kennismaken. Het programma wordt doorgenomen, de opdrachten worden besproken. Eigenlijk vliegt de avond om.

Niet dat het geen uitdaging is, het programma is vol en strak gepland. Maar wel met onderwerpen die mijn interesse volledig hebben. Leren leren, mijn vader zou trots op me zijn. Daar denk ik af en toe nog wel eens aan. Wat zou hij al die nieuwe ontwikkelingen leuk gevonden hebben. Ik denk dat we vast wel een keer samen achter de computer gekropen zouden zijn om te zien hoe zo’n e-learning module nou precies in elkaar zit. Tenslotte was onderwijs zijn passie. Hij stond altijd open voor nieuwe ontwikkelingen en probeerde zijn eigen lesmateriaal af te stemmen op de individuele leerling.

De eerste avond is een feit, we zijn van start. Om kwart over tien sta ik weer buiten. Als ik naar mijn auto loop, kijk ik nog even om. Het komende jaar zal ik hier regelmatig binnen gaan. Ik kan me er alleen maar op verheugen.

Goede voornemens

Heerlijk, al die goede voornemens. Heel Facebook ontploft. We gaan allemaal minder eten, minder drinken, stoppen met roken, meer bewegen. Pfff wat zullen we gezond worden. De sportscholen spelen er handig op in en bieden met korting allerlei abonnementen aan. Ze weten dat ze dat rustig kunnen doen. De helft van de mensen sluit vol goede bedoelingen een abonnement af en komt vervolgens nooit opdagen. De sportschool hoeft alleen maar te incasseren. Meestal zit je gelijk een jaar vast aan een dergelijk abonnement. Ach, misschien heb je verder op in het jaar nog wel eens tijd en zin.

Bloggers en vloggers strijden om het hardst met elkaar. Wie schrijft het beste foodblog. Welke ingrediënten moeten we gebruiken om niet ons eigen verval op ons geweten te hebben. De meest exotische namen komen voorbij, we gaan vlierbloesem, hibiscus en rozenblaadjes eten. En dat zijn dan nog bekende namen. Wat te denken van superfoods in poedervorm, matcha en macawortel. Ik denk dat je echt veganist moet zijn om dat te begrijpen.

Ook wordt 2019 het jaar van de foodswaps. We vervangen alle ongezonde ingrediënten door groente. Want tenslotte is food de innerlijke cosmetica van de mens. De visie op voedsel evolueert van voedend naar helend en reinigend. Ik heb het niet zelf verzonnen hoor, een zeer vooraanstaand foodblogger vertelt mij dat ik het in 2019 heel anders moet gaan doen.

Ikzelf heb niet zoveel met goede voornemens. Natuurlijk, ook ik neem me voor om het komende jaar geen stomme dingen te doen. Tot tien te tellen voordat ik iets bots zeg. Ook ik probeer weer zo gezond mogelijk te leven. En ik weet dat dit ook voor de komende jaren mijn goede voornemens zullen zijn.

Maar ik zal toch blij zijn als het allemaal weer overgewaaid is en ik weer op zondag aan het eind van de middag een glaasje port kan inschenken zonder dat de hele goegemeente me vertelt dat ik niet zou mogen drinken.

Kerstavond

Toch altijd een beetje een vreemde avond, kerstavond. Als kind ging ik met mijn ouders naar de nachtmis. Ik kan het gevoel nog zo terughalen. Dik ingepakt tussen al die mensen naar een plekje zoeken, die avond was het altijd druk in de kerk, zeker een uur op die harde kerkbanken zitten, maar vooral de geur van wierook. Thuisgekomen kregen we altijd worstenbroodjes. Mijn ouders namen daarna een glaasje wijn en wij kregen druivensap, voor de gelegenheid in een wijnglas. De kerstboom stond in huis, we hadden vakantie, het was een bijzondere periode.

Later, als volwassene, ging ik niet meer naar de kerk. Ook niet als zoveel katholieken alleen met Kerst. Het werd een avond waarop we thuis bleven. Onze stamkroeg was die dag ook gesloten. “Op kerstavond krijg je anders alleen de zielige gevallen binnen”, vond de kastelein. De kerstdagen zelf werden in beslag genomen door familie-bezoek. “Hoe doe we het dit jaar, eerste kerstdag naar jouw ouders en tweede kerstdag naar de mijne?” “Hopelijk duurt het nog heel lang, maar als we straks die verplichtingen niet meer hebben…..”

Jaren daarna werd de traditie van kerstavond dat mijn schoonvader kwam eten. Mijn schoonmoeder was overleden en pa vond het leuk die avond bij ons te zijn. Op de kerstdagen zelf vermaakte hij zich wel. Een onderdeel van de traditie was dat hij het menu koos. En dat menu bestond doorgaans uit gerechten die hij niet zelf kon klaarmaken. Haas, fazant, het winterseizoen was wat dat betreft bij hem favoriet. Verder geen flauwekul, gebakken aardappeltjes, spruitjes en na het eten een voldaan dutje. Aan het eind van de avond bracht ik hem naar huis en namen we samen de gebeurtenissen nog even door.

Inmiddels is dat deel van de verplichtingen niet meer. Als je het zo zegt, lijkt het net of het niet zeer doet. Pa is er al een jaar niet meer. We hebben zijn as uitgestrooid op een plaats die voor ons en hem belangrijk was. We hebben leren leven zonder zijn gevleugelde uitspraak “dag dag”. Alles is afgehandeld en opgeruimd, pa is alleen nog maar een herinnering. Een dierbare, dat wel, maar een herinnering.

De invulling van de kerstdagen was dit keer dus niet vanzelfsprekend. Natuurlijk gaan we naar mijn moeder, dat spreekt voor zich. Maar het voelt toch raar om niet rekening te hoeven houden met pa. En zelf het menu te mogen samenstellen. Ik ga hem missen.

Er komen lieve vrienden eten op kerstavond. Ik weet zeker dat het een gezellige avond wordt. Alleen wel anders.

Vissers

ice-fishing-2919070_1920

Het huis waar mijn maatje en ik wonen heeft uitzicht op een klein jachthaventje. Heel gezellig, in de zomer altijd bedrijvigheid, in de winter zeker bij sneeuw een idyllisch gezicht. In die winter, zodra het wat kouder wordt, manifesteert zich ook een bijzonder fenomeen. Ik ga ‘s ochtends op tijd naar mijn werk. Jas aan, sjaal om, handschoenen aan, inwendig mopperend op de kou en het feit dat het nog donker is. De auto is nog koud en sputtert wat als ik het smalle straatje uit stuur. Maar langs de havenkant is het dan al druk. Mannen hebben een stoeltje neergezet, visspullen uitgestald en zitten al geconcentreerd naar het topje van hun hengel te turen.

De winter is de tijd dat de vissen zich terugtrekken uit de rivieren en de Biesbosch en een warmere plek opzoeken. Ons kleine haventje wordt een waar walhalla voor snoeken, baarzen en ander klein grut. En die reputatie wordt meer en meer bekend. Het begon met een enkele eenzame visser maar inmiddels is het druk.

Als ik ‘s avonds terugkom, mopperend op de kou en het feit dat het alweer donker is, zitten diezelfde mannen er nog. Ingepakt in dikke pakken, mutsen op die enkel een klein stukje van hun gezicht bloot laat. Ik heb geen idee of ze veel hebben gevangen en wat ze doen met die vangst.

Ook in het weekend zijn ze present. Dan zelfs met publiek. Het is vaak zo vol dat we amper onze eigen straat uit kunnen rijden. Een vriendelijke vraag om even de auto te verplaatsen wordt met schouderophalen afgewimpeld. Geen tijd, er mocht eens een vis bijten. Dreigen met gewoon doorrijden, alle schade ten spijt, wil nog wel eens helpen. Gelukkig heb ik een dikke huid, scheldpartijen interesseren me niet.

Ik vraag me dan hardop af of zij wellicht niet thuis mogen komen van hun vrouw. Vuile blikken zijn mijn deel. Maar de kerstdagen vieren in de kou, met als enige gezelligheid een vuurkorf met wat blokken hout, is toch niet mijn idee van een vrolijk kerstfeest. Ik snap dat mensen een hobby hebben maar dit lijkt toch wel erg veel op een obsessie.

Ach, de ergernis duurt maar een paar maanden. Het houdt gelijke tred met de kou en het vroeg invallende duister. Als straks de temperatuur weer stijgt en het water weer warmer wordt, vinden de vissen ook weer hun weg terug naar de grotere wateren. En keert de rust langs het haventje weer terug. Nu is het wachten op de vrolijkheid van de mensen op de boten. Daar zijn ook vissers bij. Maar die laden in de ochtend hun spullen in de boot en varen naar de Biesbosch. Wij zwaaien hen in gedachten uit en wensen hen een goede vangst. En genieten verder van de rust.

 

Tevreden

animal-1853686_1920

Het is een discussie tussen hondenmensen en mensen die dat niet zijn. Mag de hond naar boven, naar de slaapkamer, en mag hij zelfs op bed slapen? Onze hond mag niet op bed slapen. En eigenlijk gewoon vanwege het feit dat hij zich in het begin heel bescheiden opstelt, maar naarmate de nacht vordert, steeds meer plaats nodig heeft. Op een gegeven moment lag hij met zijn dikke kop op het kussen van mijn maatje. En toen was daar de maat vol.

Dus Stef is verhuisd naar een comfortabel kussen met een vacht erop naast het bed. Want ik vind het wel gezellig, dat gesnurk in de slaapkamer. Hij houdt het zelf in de gaten, die kleine man. Als het wat later op de avond is, ligt hij heerlijk te tukken op de bank. Alleen het toverwoord ‘snoepje’ krijgt actie in die kleine pootjes. Maar mensen zijn gewoontedieren en wij hebben ook onze eigen rituelen. Aan het eind van de avond zet ik koffie klaar voor de dag er na en doet mijn maatje alle lichten uit. We zeggen niks maar Stef denkt ‘hé, even opletten’. Zodra de deur naar de gang open gaat, is hij geteleporteerd vanaf de bank en staat naast ons. Hij gaat mee naar boven.

Na even onze persoonlijke ruimte te hebben verkleind door geïnteresseerd te kijken hoe wij tanden poetsen, kruipt hij op zijn kussen. Een diepe zucht volgt en Stef valt in slaap. Hij snurkt als een oude zeeman en af en toe schrikt een van ons wakker doordat hij in zijn dromen achter vanalles aan zit. Er wordt geblaft, gemorreld en zijn pootjes maaien door de lucht alsof hij in volle galop door het bos rent. Ik vraag me even af wat er in dat kleine koppie om gaat. Het lijkt even heel druk en avontuurlijk, maar meestal snurkt hij na een paar minuten tevreden verder. “De buit is gevangen”, denk ik dan.

Ons huis is ons thuis, maar zoals bij de meeste huizen ligt er op de bovenverdieping een laminaatvloer. Lekker makkelijk, goed schoon te houden en toch leuk. Wij hebben tegelmotief. Hondenpootjes, en dan met name hondennagels, hebben echter de nare gewoonte een enorm geluid te veroorzaken op deze vloeren. Stef vormt hierop geen uitzondering. Mijn wekker loopt iedere dag om zeven uur af maar Stef is altijd een half uurtje vroeger. Hij gaat eens kijken of een van ons twee al wakker is. Het geluid van de nagels op het laminaat maakt dat ik denk “oh ja, kom hier Stef, laat het baasje slapen.”

En dan volgt voor Stef een van de hoogtepunten van zijn dag. Omdat ik niet wil dat hij mijn maatje wakker maakt met zijn getrippel, mag hij heel even op het bed liggen. Ik strijk de punt van het dekbed glad en klop op het bed. Stef kijkt en springt, begroet me even en draait dan om. Met een zelfvoldane zucht zakt hij door de pootjes en kruipt tegen mijn been. Je ziet hem denken “dit mag eigenlijk niet van het baasje, oeh, ik blijf gewoon heel stilletjes liggen, dan word ik er niet afgejaagd.” Heel af en toe zie je zijn staartje een beetje heen en weer gaan, hij kan zijn enthousiasme maar moeilijk beteugelen. Zijn geheimpje met het vrouwtje, lekker stiekem even op bed. Samen wachten we tot de wekker afloopt. De dag begint en daarmee weer de standaard rituelen. Koffie, eten, werken.

Ik pak mijn spullen om te gaan werken. Stef is inmiddels op de bank gekropen en kijkt onze verrichtingen een beetje meewarig aan. Ik geef hem een knuffel en even lijkt het of hij tegen me knipoogt. “Morgen weer?”

Blijven leren

sever-3100049_1920

Ik ben van nature een nieuwsgierig mens. Veel mensen, met name mannen, zullen zeggen dat dit een vrouwelijke eigenschap is. Ik weet het niet, misschien wel. Wat ik zeker weet, is dat ik graag op de hoogte blijf van nieuwe ontwikkelingen. Vooral op het gebied van gadgets. En dat is dan weer een heel mannelijke eigenschap.

Thuis ben ik ook degene die de smart-tv instelt en de nieuwe apps installeert. Ik kan ook helemaal blij worden van een digitale verwarmingsthermostaat. Toon is helemaal mijn ding. Mijn maatje lacht er om en laat me rustig mijn gang gaan. Hij vindt het wel handig dat hij zich niet hoeft te verdiepen in automatisering. Hij is wel handig, veel handiger dan ik, maar meer op het praktische vlak. Zo vullen we elkaar prima aan.

Als ik bedenk wat er allemaal veranderd is in de tijd dat ik aan het werk ben. Onvoorstelbaar. Ik heb nog net de telex meegemaakt. Wat een vreselijk apparaat. Die stomme bandjes braken steeds en dan moest je ze weer aan elkaar plakken. Opnieuw beginnen was veel makkelijker. Op een gegeven moment deed de fax zijn intrede. Wat een uitvinding, geweldig. Jammer wel dat het thermische papier zo vervaagde. Maar goed, een kopietje en ook dat leed was weer geleden.

De personal computer werd geïntroduceerd. Naast het gevreesde mainframe, waar de algemene administratie op draaide, kwamen er steeds meer pc’s op de werkplekken. WordPerfect, wie kent het nog. Rekenen deden we met Lotus Symphony. Wat is Excel dan toch veel gemakkelijker. Het maakt in ieder geval gebruik van een reservebestand. En als je iets wilt deleten, vraagt het systeem je wel tien keer “of je het zeker weet”. Ik weet nog dat ik in Symphony een hele rapportage had gemaakt. Ik was er geloof ik bijna een dag mee bezig geweest. Helaas zorgde een kleine stroomstoring voor een dip en kon ik gewoon weer opnieuw beginnen. Niks reservebestand, gewoon alles kwijt.

Binnenkort begin ik met een nieuwe opleiding, e-learning ontwerper. Weer een jaar naar school. Weer een nieuwe ontwikkeling. Zelfs het ‘ouderwetse onderwijs’ is aan vernieuwing onderhevig. Niet om de leraar of trainer te vervangen maar als aanvulling. Leren op het moment dat het jou uitkomt, gewoon thuis in je eigen vertrouwde omgeving. Op afstand.

Ik kan me voorstellen dat er mensen zijn die het niks vinden, al die ontwikkelingen. Het gaat zo snel, het is bijna niet bij te houden. Maar je ontkomt er niet aan, het is niet te stoppen. En je hoeft ook niet overal aan mee te doen, het is meer een kwestie van kijken waar je interesse ligt. En die van mij is heel breed. Ik hou van nieuwe dingen.