Het laatste nieuws

laatste nieuws

Ik weet niet wat het belangrijkste nieuws is van de laatste dagen. Het Corona-virus dat nu ook Nederland heeft bereikt, of het feit dat Bridget en André na 3 maanden elkaars grote liefde te zijn geweest, nu weer uit elkaar zijn. Ik weet het echt niet. Je kunt geen krant openslaan, of in mijn geval geen nieuwssite aanklikken, of je wordt geconfronteerd met een van beide onderwerpen.

Het mooiste is natuurlijk weer het meelezen in de commentaren van de verschillende social media. Die arme man uit Loon op Zand. Naar een beurs geweest in Noord-Italië en dan besmet terugkomen. Hoe hij toch werd afgeschilderd. Hij was bijna een moordenaar dat hij toch carnaval was gaan vieren. Maar als je niet ziek bent, is er toch niks aan de hand. Je draagt het over door niezen en hoesten. Als je dat niet doet, kun je het ook niet overdragen. Althans, die kans is te verwaarlozen. Dit zeggen experts, niet ik. Dus lijkt het me ook niet eerlijk die man neer te zetten als een zware crimineel. Maar goed, de paniek schijnt toegeslagen te hebben in ons land. Bij geen enkele drogist is nog desinfecterende handgel te krijgen. Bijna alle handzeep is ook uitverkocht. Het wachten is nu op de run op mondkapjes. Misschien til ik er te licht aan hoor en ik zeg ook niet dat er geen voorzorgsmaatregelen genomen moeten worden, maar mensen, laat je niet gek maken. Ik las ergens dat er waarschijnlijk meer mensen last hebben van de paniekepidemie dan van de Corona-epidemie. Een waar woord.

En als het niet gaat over de griep, dan gaat het wel over wat nu al de meest besproken break-up is van dit jaar. Die arme Bridget, had ze net de liefde van haar leven gevonden, loopt hij weer als een haas terug naar zijn ex. Wat dan toch blijkbaar de liefde van zijn leven is. Althans, op dit moment. Je vraagt je wel af waarom wij dat allemaal moeten weten. Natuurlijk maken de voor- en tegenstanders van de verschillende partijen elkaar verbaal af in de commentaren op alle posts. Ik volg geen van deze mensen, op geen enkel medium, maar zelfs ik ontkom niet aan alle bagger. Ik grijns en lees mee. Wat kunnen mensen toch dom uit de hoek komen. Ze vallen elkaar aan, op basis van niks, en hebben een mening over mensen die ze niet kennen en een situatie die ze niet hebben meegemaakt. Wat kan mij het schelen bij wie André Hazes slaapt. Als zijn ex hem de zoveelste misstap wil vergeven is dat toch haar zaak. Val mij er niet mee lastig.

Ik hoop van harte dat het Corona-virus snel in kracht afneemt en dat er niet meer slachtoffers vallen. Net als ik dat hoop van elke reguliere griepepidemie. En wat Dré en Bridget betreft, ach, er komt wel weer een nieuwe grote liefde van hun leven. Daar ben ik zeker van. En dan lees ik graag weer mee.

GezondheidGezondheid

Een gewone verkoudheid

verkoudheid

Ik denk in deze tijd vaak aan mijn schoonvader. “Je kunt het al goed zien aan de dagen”, was een van zijn gevleugelde uitspraken. Als je eindelijk kon merken dat de dagen langer werden. Of korter, maar dat vonden we uiteraard minder prettig. In het voorjaar was zijn gezegde meer dan welkom. Het lijkt wel of iedereen de winter beu raakt. En we hebben eigenlijk niet eens een winter gehad. Maar goed, al die regen komt op een gegeven moment ook je neusgaten uit. Dan denken we met weemoed aan de dagen vol vorst en zon. Heerlijk.

De griepepidemie begon ook pas laat dit jaar, pas half februari. Mijn maatje werd geveld maar ik wist het op de been te houden. Al proestend en snotterend. Verkouden, geen griep. Er is niks in de wereld wat ik zo irritant vind als verkouden zijn. Je hoofd vol watten, een loopneus, die na een paar dagen snuiten zo rood ziet als een tomaat. Je kunt blijven smeren wat je wilt maar het enige dat je bereikt is een bijtend gevoel en een  glimmende gok. En ik kan ook niet beschaafd niezen. Ik weet niet hoe het komt maar het lijkt bij mij wel een ontploffing. Mensen vragen regelmatig bezorgd of ik niks gebroken heb.

En eigenlijk, als je eerlijk bent, voel je jezelf best zielig. ’s Nachts kun je eigenlijk alleen maar op je rug slapen. Dan kun je nog het beste ademhalen. Maar ik slaap niet lekker op mijn rug. En als ik op mijn zij draai, loopt mijn neusgat dicht. Een vies verhaal, ik weet het, maar helaas de realiteit. Dus maar weer gaan zitten, snuiten en op mijn rug gaan liggen. Pfff, half 4, nog 3 uur slapen en dan moet ik al weer opstaan. Want thuis blijven met een verkoudheid is mijn eer te na. Dat gaat me niet gebeuren.

Dus, ’s morgens met een gammel hoofd onder de douche en op weg naar het werk. Want mij krijgen ze niet klein. De enige die ik voor de gek houd, ben ik zelf. Mijn collega’s hebben alle begrip want zo vaak ben ik niet ziek. De hele dag zit ik mezelf in de weg. Mijn oren suizen en het lijkt net of ik er niet helemaal bij ben. Uiteindelijk kan ik naar huis. Mijn maatje  vraagt bezorgd hoe het is gegaan maar moet stiekem ook wel lachen om mijn pipo-neus. “Blijf dan ook een dag thuis, dat geeft toch niks.” Maar nee, eigenwijs als ik ben, sleep ik me al bulderend door de dagen.

Ik ben bang dat het iets is van vroeger. Mijn moeder was niet zo flauw en als je kon lopen, kon je ook naar school. Of je nu verkouden was of iets anders triviaals had opgelopen. Het zou best over zijn voor ik een jongetje was. Er is niemand die zegt dat ik moet gaan werken. Het zit in mijn eigen hoofd. Maar ach, als het echt serieus is, val ik vanzelf wel om. Toch?

GezondheidGezondheid

Pincode perikelen

password-2781614_1920

Ik denk dat iedereen wel eens phishingmails heeft ontvangen. Een sms die je vertelt dat je ABN/AMRO bankpas binnenkort gaat verlopen en dat je even de link moet volgen om een nieuwe aan te vragen. Terwijl je denkt “huh, ik zit toch bij de Rabobank.” Lastiger wordt het natuurlijk als je inderdaad klant bent van de bewuste bank. Macht der gewoonte maakt vaak dat je toch op die link wilt klikken. Daar gaat de verzender natuurlijk van uit.

Onlangs ontving ik ook een mail met daarin de boodschap dat ik £ 400 moest betalen omdat anders mijn sexvideo’s online gezet zouden worden. Ik moest er om lachen, dat zou heel knap zijn, die video’s bestaan namelijk niet. Maar ik kan me voorstellen dat je toch onrustig wordt als je wel eens wat ondeugende opnames hebt gemaakt. Ik heb niet op de mail gereageerd. Heb er ook nooit meer iets van gehoord.

Toch is het lastig. Al die wachtwoorden en pincodes. Ik weet nog wel dat mijn schoonvader er ook altijd moeite mee had. Arme callcenter-medewerkers van Ziggo, ik weet zeker dat hij minimaal eenmaal per week aan de telefoon hing. “Mijn tablet doet het niet meer, hoe kan dat nou.” En niet dat zijn tablet het dan niet meer deed, maar op een of andere vreemde wijze wist mijn schoonvader het Wi-Fi-wachtwoord altijd te vernachelen. Ondanks het feit dat je dat eigenlijk helemaal niet nodig hebt. Je logt de eerste keer in en daarna gaat het automatisch. Althans, bij de meeste mensen.

Het meest heb ik met hem gelachen toen hij een nieuwe telefoon ging kopen. De oude voldeed niet meer en wij wilden wel graag dat hij een mobiel op zak had. Je moest er toch niet aan denken dat hij met zijn scootmobiel ergens op de hei rondreed en pech kreeg. Of dat hij ‘gewoon’ met een lege accu langs de kant van een eenzaam polderweggetje stond. Want hij reed de hele provincie rond, mijn schoonvader. Mijn maatje had hem beloofd dat ze samen even naar een telefoonwinkel zouden gaan om een goed toegankelijk toestel uit te zoeken. Dat kon natuurlijk pas eind van de middag, mijn maatje moest werken. Halverwege de dag kreeg hij een telefoontje van pa, hij was er zelf al op uit geweest en had een prima telefoon gekocht. Ik zag in gedachten mijn maatje al zuchten. “Geen geduld, die man.”

Aan het eind van de middag kwam er weer een telefoontje, lang leve de vaste lijn. “Uh, zou je toch even langs kunnen komen?” “Ja, natuurlijk, maar waarom dan?” “Nou, ik was bezig met mijn nieuwe telefoon en nu geeft die aan dat ik de PUK code moet invoeren.” ”De PUK code?” “Ja, ik weet niet wat dat is.” “Maar pa, wat heb je nou precies gedaan dan?” Waarop mijn schoonvader een probleem voor veel oudere mensen feilloos blootlegde. “Ik moest mijn PIN code invoeren, en dan heb ik gedaan.” “Je PIN code, welke PIN code heb je dan ingevoerd?” “Nou gewoon, die van de bank……..”

Mijn maatje heeft het probleem voor zijn vader opgelost. En het was niet de laatste keer dat pa tegen dit soort zaken aanliep. Het blijft lastig, wachtwoorden en pincodes.

ComputerComputer

Patchwork

quilt-716838_1920

Soms ben je onbewust ineens jaren terug in de tijd. De vreemdste dingen kunnen dit triggeren. Zo brachten een paar patchwork pannenlappen, gemaakt door een aardige oude dame, me ineens weer terug naar een vakantie in de Elzas. De Elzas in het najaar, als de avonden nog heerlijk warm zijn maar wel wat korter. Als de meeste toeristen zijn geweest en de terrasjes dus plaats genoeg bieden voor het eten van Flammküchen en het drinken van Gewürztraminer.

We, mijn maatje, mijn zus en haar man, hadden een kleine camping uitgezocht, niet gereserveerd want dat hoeft normaal niet in september. De camping was ook nagenoeg verlaten toen we arriveerden. Geen probleem dus, we keken op ons gemak rond waar we wilden gaan staan. En stonden dan ook raar te kijken toen we bij de receptie hoorden dat er wel plaats was, maar niet overal. Er was veel gereserveerd. We keken elkaar eens aan en bedachten dat het wel mee zou vallen. Mensen kunnen zo overdrijven. De spullen werden geïnstalleerd en we namen een drankje. We zouden later wel in het dorpje gaan kijken waar we konden eten. Er waren meer kampeerders, maar gelukkig geen Nederlanders. Een kampeerclub in september is wel leuk om naar te kijken maar het nadeel van ANWB-echtparen is dat ze vaak ook alles beter weten. En dit ongevraagd met je delen.

Toen we na het eten weer terugkwamen bij onze Eriba-tjes, was het uitzicht drastisch veranderd. Overal waar we keken waren mensen zich aan het installeren. Er werden tenten opgezet, caravans geïnstalleerd, voortenten gebouwd. Het was een drukte van belang. We keken elkaar eens aan, zover als het oog reikte waren Nederlanders neergestreken. Wat was er aan de hand? Ach, we zouden het vanzelf gaan horen.

En inderdaad, een vriendelijke dame met verstandige schoenen en een dito kuitbroek bleef onderweg naar het badgebouw bij ons staan. Ze bekeek ons uitgebreid en vroeg “zijn jullie hier ook voor het weekend?” “Nee”, zeiden wij “we wilden eigenlijk een weekje blijven.” Ze aarzelde, een week? “Maar zijn jullie dan niet hier voor het patchwork-weekend?” Een patchwork-weekend, ik had er nog nooit van gehoord. Heel lang geleden, op de middelbare school, toen we nog handwerkles kregen, heb ik ooit eens een patchwork kussen moeten maken. Het was geen succes. De voldoende die ik ervoor haalde was volledig te wijten aan de hulp van mijn moeder. Ik snapte niks van die kaartjes. Mijn zus was al niet veel beter. Ze was wel wat handiger dan ik, maar toch ook geen diehard creatieveling.

We hebben onze ogen uitgekeken. In de ochtend stonden de echtparen klaar om naar het dorpscentrum te gaan. Uitgerust met enorme tassen, klaar voor de lapjesjacht. En waar wij de hele dag rondlummelden, een marktje bezochten en terrasjes pakten, waren zij druk met het scoren van dat ene stukje stof dat hun quilt zou veranderen van een ‘gevulde zak’ in een unieke deken. Het was ook te zien toen zij ‘s avond terugkeerden, moe maar voldaan. Ik denk dat zij ons net zo vreemd vonden als wij hen.

Het is jaren geleden, de kleine Eriba is verkocht en onze vakanties zien er tegenwoordig anders uit. Maar zo’n simpel woord brengt toch dierbare herinneringen terug.

Design en lifestyleDesign en lifestyle

Emancipatie

Emancipatie

Ik denk dat ik van mezelf kan zeggen dat ik best een geëmancipeerde vrouw ben. Ik werk, heb een eigen inkomen en mijn maatje en ik zijn altijd al gelijkwaardig geweest. In die zin is er niks aan de hand. Ik ben ook een groot voorstander van emancipatie. Vrouwen moeten kunnen doen wat ze willen, of dat nu buitenshuis werken is of thuisblijven omdat je dat nou eenmaal zo hebt afgesproken, het is allemaal goed. Als je maar doet wat je zelf wilt en waar je zelf achter staat. Er is in de loop van de jaren gelukkig veel veranderd, ten goede. De rare regel dat je als vrouw geen eigen bankrekening mag hebben zonder de goedkeuring van je echtgenoot is gelukkig al jaren afgeschaft.

Niet dat dat al heel lang zo is. Tot 1956 was een vrouw wettelijk handelingsonbekwaam. Als ik het zo zie staan, moet ik er bijna om lachen. Vrouwen mochten geen bankrekening hebben, geen verzekering afsluiten en als ze trouwden werden ze automatisch ontslagen uit overheidsdienst. Bizar toch. Zo konden ze een toegewijd echtgenote, moeder en huisvrouw zijn. Ik denk dat mijn maatje gillend bij me weg was gelopen, als ik hem heel toegewijd iedere avond zat op te wachten met zijn pantoffels. Als je wat verder graaft in de (best wel recente) geschiedenis, kom je heel wat van dit lachwekkende zaken tegen. Het feit dat ik er nu om kan lachen, wil wel zeggen dat er toen vrouwen voor gevochten hebben. Vaak alsof het tegen de bierkaai was. Het mannenbastion viel lastig te slechten.

Tot zover ben ik heel blij met wat de militante zusters hebben bereikt. Stel je voor dat ik huisvrouw had moeten worden. Daar was echt niemand gelukkig van geworden. Maar er moet me nu toch wat van het hart. Af en toe heb ik het idee dat we erg doordraven. Dat er geëmancipeerd moet worden om het emanciperen zelf. En niet omdat vrouwen daar gelukkiger van worden. Nu zijn de verkeersborden weer het onderwerp van gesprek. De figuurtjes die erop zijn afgebeeld, zijn niet vrouwelijk genoeg. Alsjeblieft zeg. Ik moet heel eerlijk zeggen, het was me nog nooit opgevallen. Laat staan dat ik er aanstoot aan had genomen. Straks gaan we nog zeggen dat de vormen van verkeerslichten niet vrouwelijk genoeg zijn. Of dat het lettertype van de matrixborden niet aansluit bij het vrouwelijke handschrift.

Het vervangen van die borden kost miljoenen. Ik vraag me af, zijn er geen nuttiger doelen om dat geld aan te besteden? Onderwijs, gezondheidszorg, ouderenzorg. Ik noem er maar een paar……

HuishoudenHuishouden

Dieet

Stef net wakker

Het was vroeg dit jaar, meestal begon het vrouwtje pas in het voorjaar te mopperen dat hij te dik werd. Hij hoorde het wel hoor, ze had het over “zijn dikke billen” en vond dat hij op dieet moest. Zelf heeft hij er niet zo’n last van. Eten is nu eenmaal lekker en voor een snoepje wil hij best even van zijn warme plekje op de bank komen. Dat is wel het voordeel van de winter, het is zo veel donker dat het heerlijk tukken is op de vachten die zijn baasjes voor hem op de bank hebben gelegd. In de zomer moet hij steeds mee. Dat is ook leuk, maar als het zo vies is buiten of als het weer eens regent, is het toch maar beter om even een klein rondje te lopen en dan snel weer in zijn hoekje te kruipen.

En dat hij dan wat ronder werd, ach, dat hoorde er nou eenmaal bij. Het vrouwtje had het steeds over “slecht voor zijn gewrichten” en “allemaal mee moeten slepen”. Wat een onzin toch. Hij ziet wel eens mensen die veel ronder zijn dan hij. Overigens horen het baasje en het vrouwtje daar niet bij. Daar kan hij helaas niks van zeggen.

Het is dus komende tijd zaak om goed op te letten. Als hij namelijk zijn eten krijgt van het baasje, krijgt hij een behoorlijk volle bak. Als het vrouwtje eerder is, krijgt hij vaak maar een handjevol brokjes. Wel boontjes, dat dan weer wel, maar echt niet veel brokjes. Jammer dat hij het baasje niet wakker kan gaan maken. Sinds hij ’s nachts een keer stiekem naar boven is gegaan om op het bed te slapen, houden ze de deur zorgvuldig dicht.

Maar het kan toch altijd nog erger. Een tijdje geleden kreeg hij alleen maar komkommer en wortelen. Dat was echt vies zeg. Dat is toch geen hondeneten. Brr. Hij heeft het twee dagen volgehouden maar toen is hij in hongerstaking gegaan. Het vrouwtje had niet zo’n medelijden maar gelukkig had hij in het baasje een medestander. Het werden weer boontjes en brokjes.

Hij hoort het het baasje wel eens zeggen, “die hond heeft echt de hele dag honger”. Nou, honger is niet precies het woord, trek is meer een goede uitdrukking. En dan vooral zin in die oren. Die krijgt hij iedere avond één. Zo ongeveer een uur nadat hij zijn brokken heeft gehad. Hij houdt het goed in de gaten, rond die tijd gaat hij altijd bij het baasje zitten. Stel je voor dat die het vergeet. Het vrouwtje moet dan altijd lachen, “Stef heeft weer op zijn horloge gekeken”. Geen idee wat dat is maar het heeft er mee te maken dat hij zo goed oplet. Ze trekken er wel een vies gezicht bij, het baasje en het vrouwtje, maar hij vindt ze heerlijk. En wat nou stinken, zo ruikt dat toch gewoon. Mensen zijn af en toe toch wel viesneuzen hoor. Maar wel van dat stinkende spul uit flesjes gebruiken. Yak.

Nou ja, niet erg dat ze het vies vinden. Des te meer blijft erover voor hem. En die paar extra kilootjes, die rent hij er komende zomer wel weer af.

 

Bijgeloof

Soms lees je de meest geweldige berichten in het nieuws. Even geen kommer en kwel, moord en doodslag. Zo las ik laatst hoe een oud bijgeloof kan leiden tot een bijzonder onderzoek. Een zichzelf waarschijnlijk heel serieus nemende historicus ging met een ernstig gezicht proeven van de urine van iemand die zeker al honderd jaar dood is. Niet bewust, uiteraard. De fijnproever krijgt de gelegenheid om een nipje van de vloeistof uit een portfles van 150 jaar oud te nemen. Ik zie het tafereel helemaal voor me, waarschijnlijk heeft de expert witte handschoenen aan en neemt hij de dunne naald in zijn handen alsof hij van het duurste materiaal is. Een heel klein slokje, niet meer. Door de mond laten rollen, voorzichtig proeven, het publiek houdt zijn adem in.

De bewuste aflevering van Tussen Kunst en Kitsch, weliswaar uit Engeland, trok natuurlijk veel aandacht. De historische fles werd weggebracht om de inhoud te analyseren. Hoe oud zou de port zijn en was de drank nog wel te drinken. Ook voor de gezichten van de onderzoekers zou ik goud geven. Stel je voor dat je, op de hoogte van de achtergrond, de vraag krijgt om de vloeistof te onderzoeken. Je doet alle proeven, checkt en dubbelcheckt en krijgt eindelijk de resultaten. Wat is de samenstelling, hoe werd port in die dagen gemaakt.

Ik kan me zo voorstellen dat de onderzoeker in kwestie even met stomheid was geslagen. Urine? Echt? Zijn er geen fouten gemaakt? Misschien heeft hij, of zij, de proeven nog een keer gedaan maar de uitslag bleef hetzelfde. Het was urine, ordinaire pies. Honderdvijftig jaar geleden waren de mensen nog bijgeloviger dan nu. Veel verschijnselen waren nog niet te verklaren en mensen probeerden het ongeluk af te wenden met verschillende rituelen. Een daarvan was het begraven van een zogenaamde heksenfles. Deze zijn vooral bekend in Engeland en werden ingegraven onder drempels of verborgen in muren. Meestal werden de flessen gevuld met menselijke urine, smeedijzeren nagels of spelden en stukken stof. Ook werden soms menselijke haren toegevoegd. De bedoeling van de fles was om de vloek van de heks om te draaien zodat de heks zelf werd vervloekt. Tja, je kunt er maar in geloven.

Uiteraard werd de uitslag in het kunstprogramma breed uitgemeten. De deskundige werd om commentaar gevraagd. Hij hield zich groot, hij had het niet willen missen, zei hij. Maar ik kan hem thuis al zien zitten, griezelend bij het idee dat hij niet alleen urine had geproefd, maar ook nog urine die al heel lang over de houdbaarheidsdatum was. Brr. Voortaan zou hij wel twee keer nadenken voordat hij zich liet verleiden tot een dergelijk experiment.

Ik vraag me wel iets af. Is die expert nu voor zijn leven lang gevrijwaard van alle vloeken? Of juist niet?

BoekenBoeken

De kracht van media

televisieknop

Ik denk dat ik een van de weinige Nederlanders ben die niet kijkt naar het programma Chateau Meiland. De slogan “wijnen, wijnen” is niet meer weg  te denken uit de standaard-vocabulaire van de gemiddelde Nederlander. Natuurlijk, Martien Meiland is hilarisch. Maar hij is vooral een heel gewiekste egotripper die de media precies naar zijn hand weet te zetten. En Chateau Marillaux handig uit weet te baten. Hij heeft gelijk hoor, het is niet de gek die het ervoor vraagt…

Bovendien wordt het steeds moeilijker om naar een interessant programma te kijken. Het is toch niet verwonderlijk dat de Netflixen van deze wereld zo in opkomst zijn. Op de reguliere zenders zie je alleen herhalingen. En om half elf een late night-show. Die laatste is al een soap op zich. Wie is de host, en nog belangrijker, wat is zijn of haar salaris. En is het niet te hoog, want dat zou toch wel een schande zijn. Ik vraag me dan altijd af wat anderen te maken hebben met het salaris van een presentator. En of ze zelf dat bedrag zouden afslaan. Volgens mij is het gewoon een kwestie van goed onderhandelen. Vraag en aanbod, maar dat terzijde.

Niet dat ik het niet leuk vind om naar een late night-show te kijken. Absoluut niet. Het is vaak een ontspannen afsluiting van de dag. Zolang er maar niet te veel Peter R. de Vries in zit. Ik vind die man zo Jezus-toegevoegd dat ik er slecht naar kan kijken. Hij zal best veel goeds bereiken maar moet hij er dan zo betweterig over doen? Het lijkt wel of hij bij iedere zaak betrokken is als expert. Of nee, dat is natuurlijk ook zo. Kun je nagaan hoe het gesteld is met het niveau van de tv-experts tegenwoordig.

Tot aan het tijdstip van de talkshow is het echt triest gesteld. Reality shows, suffe quizzen en spelletjes. En dat allemaal nog drie keer in de herhaling. Misschien zijn er te veel zenders en is het bijna onmogelijk om het aanbod zo divers te houden dat er voor ieder wat wils is. Mijn ouders keken vroeger op zaterdagavond naar de Mounties. In zwart-wit. Bij Een van de Acht kon je een kleurentelevisie winnen. En niemand die het in zijn hoofd haalde om de beslissing van de notaris in twijfel te trekken. Tegenwoordig moet je als programma de regels heel duidelijk op papier zetten. Anders krijg je zo maar een bekende advocaat achter je broek aan. En ergens begrijp ik wel, de inzet is tegenwoordig zo hoog. Daar zou je wel professionele hulp bij vragen. Echt ontspannen is het dan niet meer. En dat was toch volgens mij een van de redenen dat je televisie kijkt. Verstand op nul en vermaakt worden.

Ach, zoals Doe Maar het al zong, jaren geleden, “er zit een knop op je tv”. Ik gebruik hem steeds vaker.

 

Een nieuw jaar

2020 nieuwjaar

Hè hè, die feestdagen zijn gelukkig weer voorbij. Een heel nieuw en blanco jaar voor ons. Nog even bijkomen van het onbewust toch weer teveel eten en drinken. Hoewel deze jaarwisseling voor ons onverwacht rustig is verlopen. Gewoon thuis, samen, met Stef al snurkend op de bank. Natuurlijk hadden we contact met mensen, kennissen en vrienden, maar van afstand. Hoewel, net voor twaalf uur vielen vrienden binnen, even een borreltje, even samen het nieuwe jaar vieren. Ach, geen probleem toch, het is sowieso fijn om iedereen het beste te wensen voor het jaar dat komen gaat.

Voor sommigen wordt het een heel bijzonder jaar omdat zij gaan emigreren. Spannend. Ik weet niet of ik het zou durven. Mijn maatje en ik hebben het er wel eens over, straks, als we niet meer hoeven te werken, alles achterlaten en naar een warm land. Het klinkt geweldig maar ik zie dat het toch ook best wat spanning oplevert. Er over praten en fantaseren is leuk, maar als het dan ‘voor het echie’ wordt, blijkt het toch een grote stap te zijn. Vooral het idee dat je in Nederland helemaal niks meer hebt, qua huis en thuis, lijkt me toch echt heel eng. Maar misschien went het, ik weet het niet, maar het blijft leuk om over te fantaseren.

Voor anderen is het nog niet duidelijk hoe het jaar gaat lopen. Iedereen hoopt op geluk en goede gezondheid. We hebben het elkaar gewenst. Goede voornemens maak ik niet. Dat heeft toch geen zin. Ik weet best dat ik eigenlijk moet sporten maar de eerlijkheid gebiedt me te zeggen dat dat echt niet in mijn genen zit. Dus ik stel mezelf gerust door te zeggen dat ik een heel actief leven heb en zo beweging genoeg krijg. Plannen heb ik wel. Een nieuwe opleiding, uitdagingen op het werk, maar vooral gelukkig zijn met mijn maatje en mijn hond. Want een stabiel thuisfront is het belangrijkste wat er is. Dat weet ik uit ervaring. Gelukkig heb ik dat nu. En daar ben ik heel blij mee en heel zuinig op.

Ik wens dat ook aan iedereen. Het mag nog, het is nog vroeg in januari. Wees gelukkig, volg je hart en doe niet al te veel domme dingen. Maar doe wel gekke dingen, het leven moet immers wel leuk blijven. Gelukkig nieuwjaar.