Kaatje en de kippen

In het huis waar ze nu wonen, wonen ook kippen. Die hebben achter in de tuin hun kooi. Eerst waren het er vier maar nu zijn er nog maar drie. Ze maken best veel lawaai. ‘Er wordt weer een ei gelegd,’ lacht het vriendje van het vrouwtje dan. Hij vindt het prima, hij krijgt af een toe ook een eitje en dat is lekker. Verder interesseren de kippen hem niet veel. Gekke beesten. Ze lopen alleen maar heen en weer en pikken in de grond.

Voor Kaatje is dat anders. Het lijkt wel of ze de kippen wil hypnotiseren. Als ze door het buitenhok lopen, sjeest ze naar buiten alsof ze ze weg wil jagen. Het grind spat dan alle kanten uit. In het begin schrokken ze er van en gingen snel naar binnen. Maar nu kijken ze alleen maar naar Kaatje. En soms kijken ze zelfs niet eens meer. Het schiet echt niet erg op, al dat gedoe van haar. Soms krijgt ze ook enorm op haar kop als ze weer ze tekeer gaat. Laatst had ze zelfs al weer het hondendeurtje kapot gemaakt, zo hard als ze naar de kippen liep. Ze sprong bijna van een meter afstand door het luikje. Tja, daar kan het niet tegen. Moest er weer een nieuw deurtje in.

‘Kaatje heeft nu echt al vier deurtjes kapot gemaakt,’ zuchtte het vrouwtje, ‘in ons nieuwe huis nemen we een deurtje dat voor grote honden bestemd is. Misschien dat dat beter houdt.’

Natuurlijk liep Kaatje weer vreselijk in de weg bij het monteren van het nieuwe deurtje. Dus werd ze aan haar nekvel gepakt en vastgemaakt. Dat wil je toch niet, zo bungelend met je voeten van de vloer. En dan aan een riempje vast. Alleen maar om naar beesten te rennen die je toch negeren. Nee, mooi dat hij gewoon afstand houdt. Hij blijft wel lekker op het kussen liggen. Of op de bank. Die eitjes krijgt hij vanzelf wel.

5 gedachtes over “Kaatje en de kippen

Geef een reactie op ymarleen Reactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.