Echo

Afgelopen vrijdag was het vier jaar geleden dat je moest gaan. Dat je mij zomaar ineens alleen achter liet. Wat lijkt het al lang geleden. En wat lijkt het alsof het gisteren was. Ik ben dankbaar voor alles wat we samen hebben meegemaakt. Ik zal je nooit vergeten.

Mantelzorg

Op 10 november was het de dag van de mantelzorger. Fijn dat die even in het zonnetje gezet worden. Want er wordt steeds meer een beroep op hen gedaan. En ik heb niet te klagen hoor, ik heb drie zussen en wij kunnen de zorg die we hebben voor mijn moeder prima verdelen. Maar je zult maar enig kind zijn. Of door omstandigheden de enige zijn die in de buurt woont. Dan ben je mooi de sigaar. Want ik snap het wel, maar de zorg voor zieken en ouderen wordt steeds verder uitgekleed. Verzekeringsmaatschappijen draaien de kraan steeds verder dicht en mensen moeten steeds meer zelf blijven doen. Dat laatste is wel iets dat ik toejuich. Wat je zelf kunt, moet je ook zelf doen. Maar ja, je hebt ook hele eigenwijze mensen, mijn moeder is er daar één van, die zichzelf schromelijk overschatten en denken dat ze nog heel veel kunnen. En dat kan soms wel heel erg mis gaan.

Het is vaak ook wel heel grappig hoor. Dan duiken we in de kast om koffiebekers te pakken en dan staat er nog maar één. Mijn ‘boodschappenzus’ grijnst en zet op het lijstje van Appie; koffiemokken. Eens in de zoveel tijd ruimt ze ook de koelkast uit en gooit alles weg wat over de datum is. En dat is vaak best veel.

Onlangs kreeg ik een bakje met blokjes kaas mee. Voor de hondjes. Heel lief bedoeld maar ik denk niet dat mijn moeder had gezien dat de helft van de blokjes vol blauwe schimmel zat. Nog een geluk dat ze het zelf niet heeft opgegeten.

En toch maken wij ons ook wel zorgen. Want wat als mama valt. Zo’n oud mens valt pardoes in stukjes. En dan kan je koppie nog wel helemaal in orde zijn maar dan beland je toch nog in een verzorgingstehuis. Dus zeuren wij tot vervelens toe dat ze haar rollator moet gebruiken.

‘Dat doe ik hoor, ik gebruik hem altijd.’

‘Oh, en waarom staat hij dan in de keuken terwijl jij in de voorkamer zit?’

Tja, stilte.

Vanmorgen was het mijn beurt om mama te bellen met de vraag hoe ze geslapen had. Door hectiek op mijn werk was het er even bij ingeschoten. Dus belde mama zelf.

‘Was jij mij vergeten?’

‘Hoi mam.’

Mijn collega’s lagen in een deuk. Zij weten dat mijn zussen en ik om de beurt mijn moeder bellen. En dat mijn moeder daar ook streng toezicht op houdt. En ze geven haar groot gelijk. Want mantelzorg is niet iets waar je licht over mag denken.

Opruimen

Je staat er niet dagelijks bij stil, maar in de loop der jaren verzamelt een mens ongelofelijk veel spullen. Kastjes vol herinneringen, dozen met “misschien ooit nog handig”, stapels papieren, boeken, kleding, servies, decoratie… Het sluipt erin. Elk object heeft ooit een reden gehad om te blijven. Maar dan komt dat moment: je gaat verhuizen. En in mijn geval, zelfs twee keer. Eerst verlaat ik mijn eigen huis en dan gaan we samen naar ons nieuwe huis.

En verhuizen is niet alleen dozen inpakken en adressen wijzigen. Het is ook afscheid nemen. Niet alleen van een plek, maar van een deel van je leven. En dat maakt opruimen toch ook best emotioneel. Elk voorwerp dat je in je handen houdt, roept iets op. Al het gereedschap, gekoesterd en verzorgd. Alle spullen die ‘ooit nog wel eens van pas kunnen komen’. Maar ook mijn eigen dingen, kleding die ik al lang niet meer draag, schoenen die al jaren liggen te verstoffen, achter in de kast. Het is een reis door de geschiedenis van mijn leven.

Toch is het nodig. Want verhuizen betekent ook voor een deel opnieuw beginnen. En dat lukt beter met minder ballast. Door bewust te kiezen wat mee mag en wat achterblijft, creëer je ruimte. Niet alleen in dozen, maar ook in je hoofd. Het is alsof je letterlijk en figuurlijk opruimt. Je maakt plaats voor nieuwe herinneringen, nieuwe routines, een frisse start.

Het is niet altijd makkelijk. Soms moet ik mezelf toestemming geven om los te laten. Om te erkennen dat iets zijn tijd heeft gehad. Maar ik merk dat dat me ook oplucht. Dat het lichter wordt. Dat ik niet alleen een huis opnieuw ga inrichten, maar dat ik ook zelf een nieuwe weg in sla. En dat is best emotioneel. Maar aan de andere kant ook weer mooi. Ik sluit een heel mooi leven af. En begin aan een nieuw. Geen idee wat dat gaat worden. Ik heb er in ieder geval alle vertrouwen in. En dat opruimen gaat daar zeker aan bijdragen.

Officieel

‘Als we samen een huis kopen, moeten we de dingen wel goed voor elkaar regelen.’

‘Ja, daar heb je gelijk in, wat stel je voor?’

Geen idee natuurlijk dus we gingen grasduinen. Een samenlevingsovereenkomst was te summier. Trouwen wilden we niet, dat hadden we allebei al een keer gedaan.

‘Geregistreerd partnerschap, dat is een goed idee.’

Dus ik rommelde wat op internet.

‘Wist jij dat je daar getuigen bij nodig hebt?’

‘Nee, geen idee, is dat zo?’

Maar goed, we wisten al snel wie we wilden vragen. Zij waren gelukkig bereid om er bij te zijn dus dat was geregeld. Hè, hè.

‘Zoek maar een paar data, dan kijken we even in de agenda.’

Dus ik weer achter de laptop. Maar dat ‘een paar data’, dat ging dus niet. Je moest direct iets plannen.

‘Die datum?’

‘Nee, dan moet ik naar de mondhygiëniste.’

‘Dan?’

‘Oh nee, dan kan ik zelf niet, dan heb ik cursus.’

Heel romantisch rommelden we verder tot we alles geregeld hadden. Zo, dat was dat. Wij gingen alles administratief goed voor elkaar regelen. Even tekenen en klaar.

Tot we een mail kregen van een BABS, een buitengewoon ambtenaar burgerlijke stand. Ze wilde graag een huisbezoek afleggen om ons beter te leren kennen. We keken elkaar verbijsterd aan. Hoezo dat dan, we hoefden toch alleen maar een handtekening te gaan zetten.

Langzamerhand kwamen we er achter dat we het helemaal verkeerd hadden ingeschat. Waar wij dachten dat we even in ons kloffie een handtekening gingen zetten onder een contract, werd het gewoon een hele speciale dag met vrienden en familie.

Nou ja, dan moest het ook maar uitbundig.

En zo zaten we dan, op vrijdagmorgen, in de trouwzaal van een oud gemeentehuis. Met een ambtenaar in officieel gewaad en een mooie toespraak. En proostten we daarna met een glas champagne met onze gasten.

Het was een bijzondere dag. En ik weet zeker dat die twee daar boven op hun wolkje met een brede glimlach hebben zitten kijken.

Hondentaal

Af en toe, of eigenlijk niet eens af en toe, kan ik me enorm verbazen over hoe mensen met hun eigen hond omgaan. Honden die niet meer terecht worden gewezen maar zelf mogen uitmaken wat ze willen.

‘Wil je niet wachten? Dan lopen we toch gewoon door.’

Kaatje en Stef hebben geleerd dat ze bij een stoeprand moeten gaan zitten als we zeggen; ‘wacht’. Oké, bij Stef zien we het door de vingers als hij een beetje halfslachtig wiebelt. Zijn heupen zijn niet zo heel soepel meer. Maar hij blijft wel keurig staan. Niet omdat ik dat nou zo graag wil maar omdat ik zeker wil weten dat er geen verkeer aan komt.

Daarom lopen ze eigenlijk ook nooit los in een drukke omgeving. Kaatje mag geregeld mee de polder in. Dan kan ze even heel hard rennen. Maar in de woonwijk bij ons gaat ze gewoon aan de lijn.

Pas liepen we door de polder. Kaatje had wel even los mogen lopen maar ik spotte een hond, ook los, die gelijk gefocust was. En dus ging Kaatje vast. Het was een jonge Cane Corso, een prachtige hond. Enthousiast sprong hij op ons af. De dame die achter hem liep, had absoluut niks over hem te vertellen. Hij besnuffelde Kaatje. Ook aan de achterkant. Maar die kleine Kaatje is een echte dame en is van dat soort mannenaandacht helemaal niet gediend. We probeerden de hond weg te houden maar bij de derde keer zijn neus onder haar staart werd ze venijnig. Haar gebit ging bloot en ze grauwde.

Waarop de dame van de Cane Corso riep, ‘ze mag best bijten hoor!’

We keken elkaar verbijsterd aan. Hadden we dat nou goed gehoord?

‘Nee, natuurlijk mag Kaatje niet bijten.’

De dame mompelde iets en de jonge hond had de hint klaarblijkelijk begrepen. Hij sprong vooruit en was binnen een mum uit het oog verdwenen. De dame liep er een beetje onzeker achteraan.

Ik was echt een beetje ontdaan. Zei ze nou echt dat Kaatje mocht bijten. Ja, dat hadden we toch echt gehoord.

Wij doen ons best om onze honden niet in een dergelijke situatie terecht te laten komen. Een Stafford heeft het nl. altijd gedaan. Ook al had hij geen schuld. Dat deze dame haar hond niet onder appèl heeft, is haar probleem. Het is nl. niet aan Kaatje om het beest op te voeden. Dat moet de eigenaar nog altijd zelf doen.

Het verhaal van Stef

Heerlijk, weer een weekendje schrijven. Op een prachtige locatie vlakbij Zwolle. Samen met een groep mensen die het schrijven van verhalen ook omarmen. Maar wel allemaal hun eigen verhaal hebben. En hun eigen drijfveren om dat verhaal aan het papier toe te vertrouwen. Natuurlijk onder begeleiding van Heleen en mijn naamgenoot Machteld, beiden docent bij de Online Schrijfschool. De workshops die zij verzorgen, geven je iedere keer weer nieuwe inzichten.

Het verhaal dat ik wil gaan schrijven, heeft te maken met wat ik de afgelopen jaren heb meegemaakt. Maar ik ga het niet zelf vertellen. Want wie kan dat verhaal nu beter vertellen dan degene die er van het begin af aan bij was. Die in eerste instantie helemaal niet begreep wat er gebeurd was. Maar die wel aanvoelde dat er iets heel naars was gebeurd. En toen hij mee ging om afscheid te nemen van zijn baasje, begreep hij ineens heel goed wat er aan de hand was. Mijn trouwe vriend Stef, hij heeft ook veel meegemaakt, de afgelopen tijd. Eerst was hij ineens alleen met mij. Daarna kwam er een klein hondenmeisje in ons huis wonen. Toen moest hij zijn plaatsje ook nog eens delen met een andere man, een vriendje. En nu, nu wonen we zelfs in het huis van het vriendje. Arme man, het moet af en toe ook wel overweldigend voor hem zijn. Voeg dat samen met zijn leeftijd en de lichamelijke ongemakken die dat met zich meebrengt en je kunt je voorstellen dat ik zielsveel van die hond hou. En hem koester. Dus krijgt hij als verteller een hoofdrol in mijn nieuwe verhaal.

Ik besef dat dat een uitdaging vormt. Maar ik heb er ook alle vertrouwen in dat ik met hulp van de schrijfcoaches een hele mooie vorm daarvoor kan vinden. Ook het opschrijven van het verhaal zal de nodige tranen opleveren. Dat geeft niet, als Stef het vertelt, kan ik daar ook mijn verbazing en onbegrip in kwijt. Want Stef heeft een eenvoudige ziel, hij beschrijft het leven zoals het is. In al zijn rauwe facetten.

Terug van vakantie

Altijd lekker om in de nazomer nog even heerlijk op vakantie te gaan naar een land waar het nog warm is. Deze keer zijn we naar Portugal geweest. Ik was er nog nooit geweest maar ik heb genoten van de heerlijke temperatuur, het lekkere eten en drinken, maar vooral van de vriendelijkheid van de mensen. Wat een heerlijk land.

En nu begint de herfst. Het seizoen van de heimwee. Waarin hopelijk mijn huis verkocht wordt. En we de sleutel krijgen van ons nieuwe huis. Veel veranderingen in het vooruitzicht. Ik heb er zin in.

Schrijven geeft kracht

Zoals jullie waarschijnlijk wel weten, heb ik de laatste jaren heel wat van me afgeschreven. En mag ik ook heel trots zijn dat mijn eerste eigen boek over een tijdje gaat verschijnen. Maar ook in de tijd dat mijn maatje net overleden was, heeft schrijven mij veel gebracht. En ik ben niet de enige die kracht vindt in het schrijven. Marelle Boersma, die ik heb leren kennen via de Online Schrijfschool, waar zij de eigenaar van is, weet uit ervaring wat het is om een hele heftige ervaring op papier te zetten. En zij schreef er een boek over. Op 30 oktober wordt het boek gepubliceerd. De flaptekst en dus inhoud van het boek staat hieronder. Ik ga het boek in ieder geval lezen.

Schrijven geeft kracht
Vind rust, inzicht en nieuwe levenslust in moeilijke tijden

Een ingrijpende gebeurtenis, zoals ziekte, verlies of een scheiding, kan
je wereld op zijn kop zetten. In deze moeilijke periode kun je verstrikt
raken in en wirwar van emoties, zoals verdriet, woede, angst en
onzekerheid.

In Schrijven geeft kracht ontdek je hoe schrijven helpt om grip te
krijgen op je gevoelens en om rust te vinden in je hoofd. Door je
woorden aan het papier toe te vertrouwen, creëer je overzicht in de
chaos en een uitweg voor je emoties. Ook kan schrijven je helpen om weer
lichtpuntjes in het leven te zien en zelfs anderen tot steun te zijn.

Marelle Boersma deelt vele schrijfoefeningen en verschillende
ervaringsverhalen, waaronder dat van haarzelf. Ga aan de slag met dit
praktische en inspirerende boek en ervaar zelf de helende kracht van
schrijven.

Kaatje en de kippen

In het huis waar ze nu wonen, wonen ook kippen. Die hebben achter in de tuin hun kooi. Eerst waren het er vier maar nu zijn er nog maar drie. Ze maken best veel lawaai. ‘Er wordt weer een ei gelegd,’ lacht het vriendje van het vrouwtje dan. Hij vindt het prima, hij krijgt af een toe ook een eitje en dat is lekker. Verder interesseren de kippen hem niet veel. Gekke beesten. Ze lopen alleen maar heen en weer en pikken in de grond.

Voor Kaatje is dat anders. Het lijkt wel of ze de kippen wil hypnotiseren. Als ze door het buitenhok lopen, sjeest ze naar buiten alsof ze ze weg wil jagen. Het grind spat dan alle kanten uit. In het begin schrokken ze er van en gingen snel naar binnen. Maar nu kijken ze alleen maar naar Kaatje. En soms kijken ze zelfs niet eens meer. Het schiet echt niet erg op, al dat gedoe van haar. Soms krijgt ze ook enorm op haar kop als ze weer ze tekeer gaat. Laatst had ze zelfs al weer het hondendeurtje kapot gemaakt, zo hard als ze naar de kippen liep. Ze sprong bijna van een meter afstand door het luikje. Tja, daar kan het niet tegen. Moest er weer een nieuw deurtje in.

‘Kaatje heeft nu echt al vier deurtjes kapot gemaakt,’ zuchtte het vrouwtje, ‘in ons nieuwe huis nemen we een deurtje dat voor grote honden bestemd is. Misschien dat dat beter houdt.’

Natuurlijk liep Kaatje weer vreselijk in de weg bij het monteren van het nieuwe deurtje. Dus werd ze aan haar nekvel gepakt en vastgemaakt. Dat wil je toch niet, zo bungelend met je voeten van de vloer. En dan aan een riempje vast. Alleen maar om naar beesten te rennen die je toch negeren. Nee, mooi dat hij gewoon afstand houdt. Hij blijft wel lekker op het kussen liggen. Of op de bank. Die eitjes krijgt hij vanzelf wel.

Verjaardag


Gisteren was je verjaardag. De derde die we zonder jou moesten vieren. Het blijft lastig.

Natuurlijk zijn we naar Antwerpen geweest om te vieren dat je jarig was. Jij zou niet anders gewild hebben. Je kwam altijd zo graag in die stad. We hebben een Bolleke Konink gedronken op jouw nagedachtenis.

Proost lieverd.