Gevleugelde uitspraken

book-3199610_1920

Je hoort het mensen deze dagen vaak zeggen “pas goed op jezelf, zorg goed voor jezelf”. Dat doet me toch altijd weer denken aan een uitspraak van mijn vader. Die zei “Wie zichzelf bewaart, bewaart geen rommel.” Mijn vader had meer van dat soort gezegdes. Als rechtgeaarde onderwijzer en liefhebber van de Nederlandse taal, verzamelde hij ook gedichtenbundels. Ik heb een aantal van deze boeken geërfd. Van “Ongerijmde rijmen” tot “De verzamelde werken van Bloem”. Gedichtenbundel kun je ook niet lezen op een e-reader, die moet je in je handen houden

Een van zijn meest geliefde gedichten ging over Madurodam, geschreven door C. Vaandrager,

“De kroketten in het restaurant

zijn aan de kleine kant”

Ik weet het, veel mensen zullen het heel flauw vinden, maar mijn vader lag dubbel bij dit soort teksten.

Het is ook het soort humor dat we deelden ten aanzien van het ouderwetse Tilburgse dialect. Het mooiste Tilburgse scheldwoord, een “gòllipaop”, een echte slome sufferd. Als je in de historie duikt vind je een Gallische paus uit de veertiende eeuw. Wat zullen de mensen een hekel aan die man gehad hebben. Er waren veel Franse invloeden uit Brabant, die namen we meepesaant maar even mee. En passant.

De mooiste groet komt in deze tijd eigenlijk ook uit het Brabants. Houdoe. Houd je (goed). Ondanks het feit dat ik het woord eigenlijk nooit gebruik, wil ik het wel iedereen wensen.  Het is een rare tijd, mensen worden teruggeworpen op zichzelf en hun gezin. Voor mij geen enkel probleem maar ik kan me voorstellen dat het hier en daar toch tot spanningen kan leiden. Tenslotte is het wennen voor iedereen. En het is nog niet voorbij, het zal best nog even duren voor alles weer normaal wordt. Laten we goed op elkaar letten en proberen te genieten van kleine dingen. Die grote dingen komen vanzelf wel weer.

Houdoe.

Bol.com AlgemeenBol.com Algemeen

Een leven lang leren

e-learning-3734521_1280

Anderhalf jaar geleden schreef ik dat ik gestart was met een opleiding e-learning developer. Dat ik voor mijn uitdaging stond. En hoe gaaf het was om weer in de schoolbanken plaats te nemen. Inmiddels is de uitdaging achter de rug en het felbegeerde papiertje binnen. Mijn maatje ging mee om naar mijn eindpresentatie te kijken en mijn collega’s zorgden voor een grote ballon de dag er na. Geslaagd.

Het geeft je een gevoel van zelfvertrouwen. Je hebt een achtergrond die je beter in staat stelt een goede sparringpartner te zijn voor collega’s. Maar het is ook gewoon leuk, nieuwe dingen ontdekken die je dan ook nog kunt toepassen.

Dus na een tijdje ging het weer kriebelen. De avonden op school, leren van medestudenten. Het maken van de opdrachten, informatie opzoeken en rondneuzen in allerlei artikelen. Alle nieuwe dingen die aan de orde kwamen. Maar vooral het jezelf ontwikkelen. Nieuwe dingen ervaren, nadenken over vraagstukken die eerder niet aan de orde kwamen. Omdat mijn werkgever volledig achter het volgen van (nuttige) studies staat, schreef ik me al snel in voor de opleiding Onderwijskunde. Lekker, weer naar school.

Het liep wat anders, zoals bij veel mensen. De avond voor mijn eerste schooldag kreeg ik een telefoontje van de docent. Ze voelde zich grieperig en vond het niet verantwoord de bijeenkomst door te laten gaan. Ze wist niet of ze het corona-virus te pakken had maar ze wilde geen enkel risico lopen. We zouden zo snel mogelijk een nieuwe datum plannen. Een week later ging het land gecontroleerd op slot. Ondanks het feit dat ik het volledig begrijp en me aan de regels houd, was de teleurstelling groot.

Maar net zoals wij onze klassikale cursussen omzetten naar online of virtual classroom, zo werd achter de schermen ook hard gewerkt om de opleiding waar ik me voor ingeschreven had door te kunnen laten gaan. We planden, overlegden en maakten een afspraak. Afgelopen vrijdag was de eerste dag, online. Het was niet hetzelfde, zelfs een beetje onwennig, en heel intensief zo’n hele dag, maar het was wel supergaaf. Natuurlijk, de klassikale bijeenkomsten komen wel weer en tot die tijd is dit een heel goed alternatief. We zijn in ieder geval weer van start!

 

Een huis als thuis

Thuishuis

Ik kan me voorstellen dat in deze tijd mensen toch anders naar hun huis gaan kijken. Tenslotte zijn we veel meer thuis dan anders. We werken aan de eettafel, naast de kinderen die hun schoollessen volgen op hun tablet. Mooi dat het allemaal kan maar het vergt wel wat aanpassingsvermogen. En dan is er nog het verschil in ruimte. Waar de een riant woont en een eigen kamer ter beschikking heeft om te werken, moeten anderen de woonkamer delen met zijn vieren. Gezellig, maar een kantoortuin heeft ook echt zijn nadelen.

Mijn eigen huis is ruim maar niet riant. Omdat we met zijn tweeën zijn is dit helemaal prima, ik zou niet anders willen. Onze eettafel is eigenlijk het hart van het huis, daar zitten we. Ik zeg wel eens lachend, wij hebben een hele dure hondenmand, want de enige die gebruik maakt van de bank is Stef. Natuurlijk kijk ik ook wel eens naar andere huizen, maar meer uit bewondering dan uit jaloezie.

Ik weet nog goed dat ik tijdens de motorritten die wij maakten, ik achterop, met mijn handigheid is het niet aan te raden zelf een rijbewijs te halen, door de mooiste streken van het land reden. Vooral de Lek- en Linge-route was prachtig. We reden daar bij voorkeur in de lente, als alle bomen in bloesem stonden en de huizen trots afstaken tegen een blauwe lucht. Ik kon er geen genoeg van krijgen. Wat een huizen, groot, mooi, geweldig. Dan woonden wij toch maar in een kippenkooi. Of de routes in Noord-Holland, weids, ruimte zover als je kon kijken. Toch wel anders dan bij ons.

Op één van die ritten kwamen we op de terugweg door een beruchte wijk in een grote stad. Waarschijnlijk waren we verkeerd gereden want de ANWB leidt je meestal door, met respect, de mooie stukken van Nederland. Links en rechts grauwe galerijflats. Graffiti, troep in de portieken. Grijs, grijs, grijs. Het was er stil op straat, op zich was dat niet verwonderlijk maar het gaf een vreemd gevoel. Er was een nergens een takje groen te bespeuren, geen bomen of perken alleen maar beton. Echt alles was grijs. Zo kun je ook wonen. We zochten de juiste weg en reden snel weg uit die droefenis. Na een uurtje snelweg namen we de afslag en ik zag ons huis, dat vertrouwde plekje dat ons thuis is. Het woord kippenkooi kwam echt niet in me op, kan ik je vertellen.

Bol.com AlgemeenBol.com Algemeen

Nieuws dat geen nieuws is

businessman-4929680_1920

Soms wordt het wel wat veel. Je kunt geen televisiezender aanzetten, geen nieuwssite aanklikken of je wordt geconfronteerd met het Corona-virus. Experts buitelen over elkaar hen om ons op de hoogte te brengen van alle laatste ontwikkelingen. De meest recente cijfers over besmettingen en (helaas triest genoeg) overledenen. Het is bijna niet mogelijk om niet op de hoogte te blijven.

Zelfs het shownieuws is van de voorpagina verdreven. Niemand schijnt meer interesse te hebben in het liefdesleven van Dré Hazes of de gemoedstoestand van Patty Brard. Het is dat de reden zo serieus en ernstig is, anders zou ik er nog dankbaar voor zijn. Een paar dagen (misschien zelfs wel weken, wie weet) geen geneuzel over wannabee sterren en dito BN’ers die ons willen doen geloven dat hun leven zoveel interessanter en belangrijker is dan het onze. Ik moet zeggen, het scheelt wel veel ergernis.

Je kon toch echt niet op televisie of internet kijken zonder geconfronteerd te worden met relatiebreuken, mensen die vreemdgingen of andere verschrikkelijke zaken moesten ondergaan. Ik kreeg gewoon een hekel aan die mensen. Zelfs het reguliere journaal kwam er mee. Je zou denken dat die toch met meer serieus nieuws zouden komen. Tenslotte is er nog altijd van alles aan de hand in de wereld.

Niet dat we daar nu aandacht voor hebben. Het Corona-virus is het enige dat telt op dit moment. Begrijpelijk ook wel, het raakt een groot deel van de wereldbevolking. De angst regeert bij heel veel mensen. Dat zie je ook aan de posts op Social Media, het ene fantastische bericht wordt afgelost door een bericht met nog meer fantasie. Van gorgelen met zout als remedie tot de meest ingewikkelde complottheorieën. Rusland zit erachter, oh nee, China zit erachter. Of toch Bill Gates? Ook blijkt het Corona-virus al lang geleden voorspeld te zijn. Schrijvers als Dean Koontz mogen zich verheugen in een enorme toename van de verkoop van hun boeken. Alleen vanwege het feit dat zij jaren geleden schreven over de uitbraak van een gevaarlijk virus. Het is niet te hopen dat de schrijvers van Mad Max binnenkort ook gelijk krijgen.

Maar goed, we hoeven ons in ieder geval niet meer te ergeren aan te veel nieuws dat geen nieuws is. Nu kunnen we tenminste kijken naar president Trump die ons verteld dat we rustig kunnen gaan slapen. Hij houdt de wacht.

Bol.com AlgemeenBol.com Algemeen

Thuis werken

thuis werken

Ik was al wel gewend om af en toe een dag thuis te werken. Mijn werkgever heeft dat heel goed ingericht, hardware en software maken dat ik eigenlijk nooit problemen ondervind. Of het moet door ons eigen wifi-netwerk zijn. Niks dat een simpele versterker niet kan oplossen. Zo’n thuiswerkdag is ideaal om een grote klus te klaren, geen afleiding, niet even kletsen bij de koffie-automaat maar gewoon doorbuffelen. Geeft aan het einde van de dag een heel tevreden gevoel.

Dat tevreden gevoel lag toch wat anders, afgelopen dagen. Natuurlijk, het thuiswerken gaat prima. Mijn maatje voorziet me van alles wat ik nodig heb. Voor hem is het ook wel even wennen, constant iemand die hem op de vingers kijkt. Gelukkig hebben wij geen stress door het de hele dag bij elkaar zijn. Maar de achterliggende gedachte geeft een heel bevreemdend gevoel. Ik hoorde het ook terug van veel mensen, het lijkt alsof het niet echt gebeurt, heel onwerkelijk. Zo lang je zelf niet geconfronteerd wordt, zelf of in je omgeving, met besmetting, voelt het alsof er niks aan de hand is. De statistieken zijn wat het zijn, statistieken. Cijfers. En tot op heden is dit, gelukkig, in mijn omgeving het geval.

De enige die het helemaal gezellig vindt is Stef, hij heeft heerlijk de roedel de hele dag compleet. Hij probeert op gezette tijden lekker op schoot te kruipen. Dat ik dan niet meer met mijn handen bij het toetsenbord kan, deert hem weinig. Tenslotte moet hij er van profiteren, het vrouwtje is niet altijd thuis. Hij krijgt niet veel mee van de crisis. Ik doe mijn best voor zijn boontjes en als dat niet lukt, krijgt hij iets anders. Wat hij volgens mij ook helemaal niet erg vindt.

De natuur gaat sowieso zijn eigen gang. De zon schijnt en ondanks dat het fris is, kun je merken dat de lente in aantocht is. Het ruikt ook zo, buiten. Tulpen, narcissen en hyacinten zijn er in overvloed. Overal lopen struiken en bomen uit. Het feit dat de mensen binnen moeten blijven heeft daar geen invloed op. Mensen zijn daar niet voor nodig. Integendeel. Die maken over het algemeen meer kapot dan dat ze bijdragen. Misschien ook eens iets om over na te denken, als deze crisis straks achter de rug is.

ComputerComputer

Hamsteren, gewoon ieder voor zich

sperziebonen

Op vrijdag komt het vrouwtje altijd thuis met allerlei tassen en spullen. Ze lacht dan naar het baasje en naar hem omdat het weekend is en ze lekker niet weg hoeft. Eten en drinken in huis, lekker samen. Maar nu kwam ze al mopperend binnen. Ze had het weer over dat rare woord Corona. Geen idee wat het is maar het zet volgens hem wel alles op zijn kop. Iedere dag komt het weer ter sprake. Het baasje en het vrouwtje praten er samen over, op televisie is het steeds, het is toch wel ernstig waarschijnlijk. Maar goed, hij heeft nog niet gehoord dat hij iets moet doen dus tot die tijd gaat hij maar gewoon verder als altijd.

Toch leek het nu toch wel ook iets met hem te maken te hebben. Het was blijkbaar heel druk geweest in de supermarkt en heel veel spullen waren uitverkocht. Het vrouwtje had niets extra’s gekocht, hij zag tenminste het normale aantal tassen. Hij ging even checken of ze ook aan zijn knaagbotjes had gedacht. Yep, daar waren ze. Oh, zelfs drie verschillende zakjes, lekker. Nou, toch niks aan de hand toch.

“Verschrikkelijk, wat een toestand in die supermarkten. Je ziet mensen sjouwen met balen toiletpapier alsof er vanaf nu nooit meer iets in de winkels ligt. Alles wat een beetje houdbaar is, wordt meegesleept. Het hele schap met conserveren is zowat leeg. En weet je wat daar het ergste van is, er zijn geen boontjes voor Stef meer te krijgen. Nergens.” Ho, dit werd toch wat serieuzer. Hij liep voorzichtig terug naar de keuken. Een blik in de tassen bevestigde zijn vermoeden, er waren geen potten met boontjes, zelfs niet die blikken die het vrouwtje wel eens meebracht. Oei, dat was ernstig. Wat nu? Kijk, dat mensen elkaar geen spullen gunnen, dat is tot daar aan toe, dat doen ze zelf. Maar hij krijgt al zo weinig eten naar zijn zin, om er nu voor te zorgen dat dat nog minder wordt, dat is toch wel schandalig.

Het baasje keek verbaasd. “Geen boontjes?”

“Nee, helemaal niks, van geen enkel merk, niet van Hak maar ook geen huismerk.”

“En nu? Heb je iets anders meegebracht?”

“Ja, Stef moet toch eten, ik heb blikjes makreel meegebracht voor door zijn brokken, dat lust hij graag.”

Kijk, dat was nog eens meedenken van het vrouwtje. Makreel is dan wel minder qua hoeveelheid dan boontjes, het is wel erg lekker. Zo zie je maar, zelfs van die gekke mensen-crisissen hebben toch soms hun voordelen.

DierDier

In de ban van

masker

Als Brabander wordt het leven toch wat lastiger op het moment. Andere landgenoten zijn bang de brug bij Gorinchem over te rijden, beducht voor het gevaarlijke virus dat hen dan direct kan bespringen. Wat doe je, blijf je thuis als je een keer kucht, haal je extra boodschappen in huis voor het geval dat we hier ook Italiaanse toestanden krijgen? Of bewaar je de kalmte, luister je naar de richtlijnen van de overheid en was je goed je handen?

Ik persoonlijk kies toch liever voor het laatste. Natuurlijk, ik probeer het niet op te zoeken. Mijn maatje en ik hadden al besloten toch maar af te zien van een bezoek aan een drukke beurs toen we het bericht kregen dat deze sowieso werd uitgesteld. Het stelde ons toch wel een beetje gerust, we waren niet overdreven bezig. Maar om nu balen toiletpapier te gaan inslaan, dat ging me toch echt te ver. Gelukkig waren er ook nog geen vreemde taferelen bij de supermarkt waar ik altijd kom.

Als ik ’s ochtends naar mijn werk rijd, valt het me op hoe rustig het is op de weg. Normaal zijn er altijd files op mijn route maar nu kachel ik op mijn gemakje door. Ik besef dat dit allemaal niet goed is voor de economie van ons landje maar het is toch soms wel lekker. Even geen ergernis door op het laatst invoegende mensen en auto’s die denken dat ze nog wel even van dat kleine gaatje gebruik kunnen maken.

Wel sta ik stil bij de mensen die niet thuis kunnen blijven. Die op pad moeten om andere mensen te gaan helpen. Want naast de problemen die zij tegenkomen, zullen zij vast ook wel geregeld te maken krijgen met de domheid van mensen in paniek. Tenslotte weet iedereen het ook weer beter. Doet de overheid niks, dan zijn het sukkels, kondigen ze maatregelen af, dan is het ook weer niet goed. De experts van Facebook weten het weer allemaal beter. Richtlijnen zijn overdreven of te slap. Volgens de een moet het hele land in quarantaine, volgens de ander is het allemaal een complot om andere zaken in de doofpot te stoppen. En daar zul je dan als hulpverlener maar tussendoor moeten laveren. Ik geef het je te doen.

Voor mij is er voorlopig nog niks aan de hand. Ik probeer verantwoordelijk te handelen. En ach, dan maar een weekendje lekker binnen blijven. Glaasje, kaasje, kaarsjes aan. Laten we er maar het beste van maken, het zal best wel weer voorbij gaan.

GezondheidGezondheid

Recepten van vroeger

veggie food

Vegan is tegenwoordig het toverwoord in de keuken. Je kunt geen tijdschrift openslaan of geen website bezoeken of je wordt met je neus op de feiten gedrukt. Alles moet verantwoord en vegetarisch. Vlees is iets dat niet meer kan. We hebben vervangers en we eten groenten. Vervangers, het klinkt bijna als sciencefiction. Dan denk ik terug aan het eten dat mijn moeder vroeger op tafel zette. We aten bijna iedere dag vlees, aardappelen en groente. In het weekend werd dit wel eens vervangen door nasi, iets nieuws in die tijd, of stevige soep. Maar in de week, als we naar school gingen en mijn vader moest werken, dan aten we Hollandse kost. Dat kon ook in de vorm van een ovenschotel, ik herinner me nog de prei- met aardappelpureeschotel. Wat mijn moeder er verder bij deed, heb ik eigenlijk nooit gevraagd. Maar het was wel heel lekker. Gewoon eenvoudig en eerlijk eten. Daar was toen nog niks mis mee. We aten bitterkoekjespudding, custardsaus over warme appels, suiker in overvloed. Dat was toen nog niet slecht. En eigenlijk was het ook niet slecht, want niet alles kwam uit een potje. Niet alles was chemisch behandeld met allerlei toevoegingen en e-nummers. Je kon het ook niet zo heel lang bewaren, eten bedierf eerder dan nu.

Ik weet ook zeker dat wij geen plofkip aten. Want mijn moeder wist precies waar het eten vandaan kwam. Ze haalde haar groenten en eieren bij boeren uit de buurt. Vlees kwam van de slager. Er kwam een man langs de deur met mosterd. Ik weet het nog goed, wij noemden hem oneerbiedig het mosterdmannetje en hij reed in een donkergroene NSU. Dat is allemaal verleden tijd, tegenwoordig kopen we alles in de supermarkt. NSU’s zijn niet meer zichtbaar in het straatbeeld. De boodschappen worden thuis bezorgd, dat wel, net als vroeger, maar toch is het anders. We weten niet meer waar ons eten vandaan komt. Supermarkten beconcurreren elkaar kapot. Ten koste van dierenwelzijn.

Maar uiteindelijk is het onze eigen schuld. Zolang wij niet meer willen betalen voor onze kippenpootjes, zullen er altijd misstanden blijven. En dat is iets waar ik wel rekening mee probeer te houden. Ik ben me er van bewust dat er veel dierenleed verborgen zit achter een plofkip. Kiloknallers zul je bij ons niet aantreffen. Liever minder en dan eerlijk.

Natuurlijk eten wij ook volgens de moderne richtlijnen. Niet te vet, niet te veel zout, veel groente. Maar als iedereen geniet van de erwtensoep die ik maak volgens het oude recept van mijn moeder, dan is dat voor mij toch wel een compliment. En dan zijn de food-influencers toch echt even vergeten.

Het laatste nieuws

laatste nieuws

Ik weet niet wat het belangrijkste nieuws is van de laatste dagen. Het Corona-virus dat nu ook Nederland heeft bereikt, of het feit dat Bridget en André na 3 maanden elkaars grote liefde te zijn geweest, nu weer uit elkaar zijn. Ik weet het echt niet. Je kunt geen krant openslaan, of in mijn geval geen nieuwssite aanklikken, of je wordt geconfronteerd met een van beide onderwerpen.

Het mooiste is natuurlijk weer het meelezen in de commentaren van de verschillende social media. Die arme man uit Loon op Zand. Naar een beurs geweest in Noord-Italië en dan besmet terugkomen. Hoe hij toch werd afgeschilderd. Hij was bijna een moordenaar dat hij toch carnaval was gaan vieren. Maar als je niet ziek bent, is er toch niks aan de hand. Je draagt het over door niezen en hoesten. Als je dat niet doet, kun je het ook niet overdragen. Althans, die kans is te verwaarlozen. Dit zeggen experts, niet ik. Dus lijkt het me ook niet eerlijk die man neer te zetten als een zware crimineel. Maar goed, de paniek schijnt toegeslagen te hebben in ons land. Bij geen enkele drogist is nog desinfecterende handgel te krijgen. Bijna alle handzeep is ook uitverkocht. Het wachten is nu op de run op mondkapjes. Misschien til ik er te licht aan hoor en ik zeg ook niet dat er geen voorzorgsmaatregelen genomen moeten worden, maar mensen, laat je niet gek maken. Ik las ergens dat er waarschijnlijk meer mensen last hebben van de paniekepidemie dan van de Corona-epidemie. Een waar woord.

En als het niet gaat over de griep, dan gaat het wel over wat nu al de meest besproken break-up is van dit jaar. Die arme Bridget, had ze net de liefde van haar leven gevonden, loopt hij weer als een haas terug naar zijn ex. Wat dan toch blijkbaar de liefde van zijn leven is. Althans, op dit moment. Je vraagt je wel af waarom wij dat allemaal moeten weten. Natuurlijk maken de voor- en tegenstanders van de verschillende partijen elkaar verbaal af in de commentaren op alle posts. Ik volg geen van deze mensen, op geen enkel medium, maar zelfs ik ontkom niet aan alle bagger. Ik grijns en lees mee. Wat kunnen mensen toch dom uit de hoek komen. Ze vallen elkaar aan, op basis van niks, en hebben een mening over mensen die ze niet kennen en een situatie die ze niet hebben meegemaakt. Wat kan mij het schelen bij wie André Hazes slaapt. Als zijn ex hem de zoveelste misstap wil vergeven is dat toch haar zaak. Val mij er niet mee lastig.

Ik hoop van harte dat het Corona-virus snel in kracht afneemt en dat er niet meer slachtoffers vallen. Net als ik dat hoop van elke reguliere griepepidemie. En wat Dré en Bridget betreft, ach, er komt wel weer een nieuwe grote liefde van hun leven. Daar ben ik zeker van. En dan lees ik graag weer mee.

GezondheidGezondheid

Een gewone verkoudheid

verkoudheid

Ik denk in deze tijd vaak aan mijn schoonvader. “Je kunt het al goed zien aan de dagen”, was een van zijn gevleugelde uitspraken. Als je eindelijk kon merken dat de dagen langer werden. Of korter, maar dat vonden we uiteraard minder prettig. In het voorjaar was zijn gezegde meer dan welkom. Het lijkt wel of iedereen de winter beu raakt. En we hebben eigenlijk niet eens een winter gehad. Maar goed, al die regen komt op een gegeven moment ook je neusgaten uit. Dan denken we met weemoed aan de dagen vol vorst en zon. Heerlijk.

De griepepidemie begon ook pas laat dit jaar, pas half februari. Mijn maatje werd geveld maar ik wist het op de been te houden. Al proestend en snotterend. Verkouden, geen griep. Er is niks in de wereld wat ik zo irritant vind als verkouden zijn. Je hoofd vol watten, een loopneus, die na een paar dagen snuiten zo rood ziet als een tomaat. Je kunt blijven smeren wat je wilt maar het enige dat je bereikt is een bijtend gevoel en een  glimmende gok. En ik kan ook niet beschaafd niezen. Ik weet niet hoe het komt maar het lijkt bij mij wel een ontploffing. Mensen vragen regelmatig bezorgd of ik niks gebroken heb.

En eigenlijk, als je eerlijk bent, voel je jezelf best zielig. ’s Nachts kun je eigenlijk alleen maar op je rug slapen. Dan kun je nog het beste ademhalen. Maar ik slaap niet lekker op mijn rug. En als ik op mijn zij draai, loopt mijn neusgat dicht. Een vies verhaal, ik weet het, maar helaas de realiteit. Dus maar weer gaan zitten, snuiten en op mijn rug gaan liggen. Pfff, half 4, nog 3 uur slapen en dan moet ik al weer opstaan. Want thuis blijven met een verkoudheid is mijn eer te na. Dat gaat me niet gebeuren.

Dus, ’s morgens met een gammel hoofd onder de douche en op weg naar het werk. Want mij krijgen ze niet klein. De enige die ik voor de gek houd, ben ik zelf. Mijn collega’s hebben alle begrip want zo vaak ben ik niet ziek. De hele dag zit ik mezelf in de weg. Mijn oren suizen en het lijkt net of ik er niet helemaal bij ben. Uiteindelijk kan ik naar huis. Mijn maatje  vraagt bezorgd hoe het is gegaan maar moet stiekem ook wel lachen om mijn pipo-neus. “Blijf dan ook een dag thuis, dat geeft toch niks.” Maar nee, eigenwijs als ik ben, sleep ik me al bulderend door de dagen.

Ik ben bang dat het iets is van vroeger. Mijn moeder was niet zo flauw en als je kon lopen, kon je ook naar school. Of je nu verkouden was of iets anders triviaals had opgelopen. Het zou best over zijn voor ik een jongetje was. Er is niemand die zegt dat ik moet gaan werken. Het zit in mijn eigen hoofd. Maar ach, als het echt serieus is, val ik vanzelf wel om. Toch?

GezondheidGezondheid