Dat ze dat durft…..

Kaatje is soms echt heel ondeugend. Dat ziet hij wel. Ze doet dingen die hij nog nooit gedurfd heeft. En hij is toch echt geen bangerik. Hij heeft best ook al vaak op zijn kop gehad. Maar dat was meestal omdat hij op de camping ook graag bij andere mensen ging kijken terwijl hij eigenlijk op zijn eigen plaatsje moest blijven. Alleen de dingen die Kaatje doet, poeh. Ze loopt niet meer weg als het vrouwtje roept, dat scheelt dan wel weer.  

Toch is echt goed luisteren nog niet haar sterkste kant. Zeker in de tijd dat ze loops was. ‘Bananen in haar oren,’ zei het vrouwtje. Dat snapte hij niet, hij zag geen bananen. Hij dacht wel dat het vrouwtje bedoelde dat Kaatje niet luisterde maar helemaal zeker wist hij het niet. Een keer was ze wel weggelopen toen ze naar bed gingen. Ze wilde niet in de bench en ging zich achter in de tuin verstoppen. Toen het vrouwtje alle lichten had uitgedaan en gewoon naar boven was gegaan, kwam ze toch maar weer naar binnen. Buiten slapen is ook niet zo fijn. 

Maar het ergste was toch wel laatst. Het vrouwtje had bezoek gehad en dan zet ze meestal wel wat hapjes op tafel. Kaatje en hij hadden ook een stukje worst gehad dus dat was wel lekker. Toen de gasten weggingen en het vrouwtje mee naar de voordeur liep, vergat ze haar stoel onder de tafel te schuiven. En oh, echt, Kaatje sprong op de stoel en daarna op de tafel en ging gewoon de overgebleven worstjes opeten. Dat kan echt niet, dat snapt toch iedereen. En ze stond er nog gewoon toen het vrouwtje terugkwam. Oei, toen werd ze toch wel aan haar nekvel naar haar bench gebracht. Het vrouwtje mopperde echt. Ze trok wel een heel raar gezicht erbij, net of ze een lach in moest houden. Maar dat zal wel niet, ze zal toch echt wel boos zijn geweest. Kaatje moest tenminste nog wel even in de bench blijven. Hij had zelf ook wel een stukje worst gelust maar zelfs hij kreeg niks. Kaatjes schuld, dat weet hij zeker. 

Onvoorstelbaar, dat kind. Hij weet niet of het ooit nog goed komt. ‘Er zit maar één ding op,’ zoals een zus van het vrouwtje altijd zegt, ‘heel veel van houden 😊.’ 

Winterweer

Heerlijk. Ik ga nooit meer schaatsen na het laatste debacle waarbij ik mijn schouder brak. Maar het winterweer was toch een verademing vergeleken bij alle regen die we hebben gehad. Ik kreeg er spontaan meer energie van. Lekker naar buiten met de honden. Zonder hun verwijtende blikken, ‘moeten wij echt in al die nattigheid, dat geloof je toch niet zelf.’ Niet die vieze hondenpoten binnen omdat je ze wel kunt afdrogen maar toch niet helemaal schoon krijgt. Nee, doe mij dan maar vorst met een zonnetje.

Wat ik dan wel weer heel grappig vind, is de manier waarop wij in Nederland reageren op kou. Op een gegeven moment werd er code geel afgegeven omdat het -5 graden was maar de gevoelstemperatuur kon wel -20 graden zijn. Poeh. In de tijd dat mijn maatje werkte en veel buiten was, hield hij er gewoon rekening mee. Hij had goede kleding, thermo-ondergoed en als het niet ging, ging hij gewoon lekker bij de kachel zitten. Wachten tot het wat warmer werd. Ik heb hem vaker horen klagen over regen dan over kou. Maar het lijkt wel of we tegenwoordig van alle weersomstandigheden een probleem moeten maken. Als het regent, kan het water niet weg. Wat onze eigen schuld is want bijna iedereen heeft zijn tuin helemaal volgetegeld. Als het koud is, moeten we allemaal naar binnen anders raken we onderkoeld. En als in de zomer de temperatuur boven de 25 graden durft te komen, moeten we en masse in de airco. Hoewel, dat is ook weer niet zo goed want als je die niet goed schoonmaakt, kunnen daar bacteriën in gaan wonen. En dat is ook weer niet zo fris.

Soms zijn wij Nederlanders echte zeurpieten.

Ik hoorde een mevrouw op de radio, die woont in Zweden. En die zei, ‘we hebben hier ’s nachts temperaturen gehad van -20 graden. Dat is heel koud. Maar ja, dan ga ik gewoon iets minder lang wandelen met de hond. Lekker dik ingepakt. Het is winter, weet je.’ En daar sluit ik me helemaal bij aan.

Verjaardag

Op 2 januari is mijn moeder jarig. Als er een dag in het jaar is wanneer je niet jarig wilt zijn, dan is het op 2 januari. Iedereen is blij dat de feestdagen voorbij zijn en dat je weer normaal kunt gaan doen. Niet zoveel eten, niet steeds gebak bij de koffie en ’s avonds toastjes op tafel. En dan komt mijn moeder.

“Lusten jullie een stukje taart?”

“Oh nee mam, echt niet, ik kan geen taart meer zien.”

Later op de avond komt er uiteraard wat lekkers op tafel. Mijn moeder vindt het belangrijk dat je niks tekort komt.

“Pak een toastje, of een stukje kaas.”

Al zuchtend pak je dan maar iets want het is natuurlijk ook supersneu om mama met al haar spullen te laten zitten.

Dit jaar heb ik het anders aangepakt. Ik heb een snipperdag genomen en ben ’s morgens gegaan. Want dan komt de familie. Nou ja, de enkele oom en tante die er nog zijn want mijn moeder werd 87 jaar oud. En dan heb je al heel weinig meer te vertellen, qua familie. Wel fijn dat ze komen, dat wel. En natuurlijk kwamen er ook vriendinnen. Oude dames die in hetzelfde senioren-appartementengebouw wonen waar mijn moeder woont. Ik had me er al op verheugd. Want die dames drinken een kopje koffie omdat het zo hoort. Met het bijbehorende gebakje. Maar zetten toch om 11.00 uur wel in op iets sterkers. Een likeurtje of een advocaatje gaat er dan wel in. Daar kan ik echt van genieten. Want wat hebben de dames te verliezen. Ze zijn allemaal behoorlijk op leeftijd, kunnen te voet naar huis, wat houdt hen tegen. Mijn moeder doet lekker mee, die is toch gewoon thuis dus dat moet kunnen.

“Wil jij ook wat?”

Nou griezel ik van advocaat en likeur vind ik ook over het algemeen heel vies maar mijn moeder heeft altijd wel ergens een fles port verstopt. Dus zat ik aan het eind van de ochtend aan een glaasje te nippen. Lekker. Ach, en één glaasje mag best. Tenslotte had ik me voorgenomen ’s middags een eind te gaan lopen met de honden. Want ook ik heb met Kerst meer gegeten dan normaal.

Mijn zussen losten mij af bij mijn moeder. Ook zij kennen het ritueel. En genieten er van, dat weet ik zeker.

Kerstreclames

Het is weer zover, december, de mooiste tijd van het jaar. Tenminste, als je de supermarktreclames mag geloven. Dit jaar zijn ze weer mooier en uitgebreider dan vorig jaar. Twee eenzame mannen die ruzie hebben, een meisje dat last heeft van prikkels. Gelukkig komt het wel allemaal goed en is niemand alleen met Kerst. Als je tenminste dan je inkopen maar doet bij de supermarkt in kwestie. En je hoeft niet te denken, ik ga naar een andere supermarkt, één die niet van die overdreven reclames maakt, want dat is niet mogelijk. Ze zijn allemaal hetzelfde. Ok, de Aldi, die zegt het geld liever uit te geven aan goede aanbiedingen. Nou, eigenlijk is dat nog niet zo’n slechte gedachte. Want ik kan me ook zo maar voorstellen dat er mensen zijn die naar die reclames kijken en denken, ‘dat kan ik helemaal niet betalen.’ Die mensen zouden ook graag zo’n rijk gevulde tafel willen hebben en Jan en alleman uitnodigen voor het Kerstdiner. Maar dat gaat niet want de voedselbank verzorgt wel eten maar niet op zo’n manier.

Nee, ik begrijp best dat deze tijd zich bijzonder goed leent om lekker bij elkaar te kruipen. Kaarsje aan, drankje, hapje, gezellig. Ik ga dat ook doen hoor. Ik kan alleen niet zo goed tegen het ophemelen en idealiseren van de feestdagen. Je moet met de hele familie aan het diner. Net of dat altijd goed gaat. Je zou de families niet de kost moeten geven waar ome Jan aan het eind van de avond bijna slaags raakt met ome Bert. Omdat ze allebei een borrel te veel op hebben en de familievete weer in alle hevigheid toeslaat. Eigenlijk vind ik dat wel grappig. En dat dan hun vrouwen proberen de boel te sussen. Je kunt mensen niet dwingen gezellige dagen te hebben.

Maar goed, dat verkoopt natuurlijk niet. Dus daarom kijken we allemaal naar zoete gezinnen, in allerlei samenstellingen, met kadootjes onder de boom en de meest exotische gerechten op tafel.

Ik ben niet alleen met Kerst. En ik ben ook niet zielig. Maar ik mis wel iemand met Kerst. En die stomme reclames drukken me steeds weer met mijn neus op de feiten. Ik zal blij zijn als het allemaal weer normaal is.

Evil sister

Volgende maand wordt ze al een jaar, dat kleine meisje. Ze heeft wel echt haar plaatsje ingenomen in het huis, dat is zeker. Hij ligt bijna nooit meer alleen op de bank, ze ligt er normaal gesproken wel bij. Tegen hem aan of over hem heen. Wel gezellig maar soms is ze ook wel een beetje veel. En ze is heel snel, overal mee. Ze kan heel hard lopen, hij kan haar echt niet meer bijhouden. Dus doet hij dan maar net of hij even ergens aan moet snuffelen en dat hij expres stopt. Dan valt het niet zo op. Thuis ook, als hij bij het vrouwtje op schoot wil springen en hij moet even een aanloopje nemen, dan is ze hem al voor. En dan kan ze zo triomfantelijk kijken, dat is echt heel erg. Gelukkig zet het vrouwtje haar dan wel op de grond hoor, en mag hij op schoot. Stel je voor, dan kon hij nooit meer bij het vrouwtje zitten.

Verder is het ook wel heel gezellig. En eigenlijk maakt zo ook niet veel meer stuk. Alleen haar eigen speeltjes en de grote hondenmand. Die is van riet en daar knaagt ze graag aan. Dat vindt het vrouwtje niet zo heel erg, liever de mand dan de stoelpoten. Alleen had het vrouwtje zich laatst wel vergist. Een grote plant moest een grotere pot en toen had het vrouwtje ook daarvoor een rieten mand gekocht. Ja, dat was niet zo slim natuurlijk. Want Kaatje snapte niet dat je daar niet aan mocht knagen. Hij was met het vrouwtje weggeweest en toen ze thuiskwamen lag heel de vloer bezaaid. Nu staat de plant in een stenen pot, dat is veiliger.

Het enige is dat ze nog wel heel onstuimig is. Ze was laatst weggelopen, zomaar. Het vrouwtje was wel erg geschrokken want het was donker en ze liep echt gewoon de hoek om. Hij denkt niet dat ze nu nog ooit een keer los mee mag. Het vrouwtje heeft in ieder geval een nieuw tuigje voor haar gekocht. Een geel tuigje, wel weer heel opvallend. Gelukkig krijgt hij altijd gewoon mannelijke kleuren. Maar het staat haar leuk, dat dan weer wel.

Nee, in het begin had hij zo zijn bedenkingen maar nu vindt hij het toch wel heel fijn, zo’n vriendinnetje. Het vrouwtje noemt haar zijn ‘evil sister’, dat snapt hij niet zo goed maar het zal wel een koosnaampje zijn. Net als Kaat Mossel.

Het was weer geen weer

Ik weet het wel, klagen over het weer heeft geen zin, je kunt het toch niet veranderen, maar jongens, het mag nu toch wel eens een keer wat beter worden toch. Wat een ellende. Het wil ’s morgens maar niet licht worden. Als ik thuis werk, heb ik toch zeker tot een uur of tien het licht gewoon aan. De tuin staat blank en als Stef en Kaatje binnenkomen door het luik kan ik precies zien waar ze gelopen hebben. Ik blijf er achteraan hobbelen met een dweil.

Buiten wandelen is ook geen feest. Als het regent, kijken ze me aan met een blik van ‘nee hè, we hoeven toch niet naar buiten hè.’ Maar ja, ze moeten toch ook wel een keer naar buiten en rennen. Zeker Kaatje moet haar energie wel kwijt. Ik weet niet hoe vaak ik alle tuigjes en riemen al uitgewassen heb. Het spul ligt regelmatig te drogen op de verwarming.

Als ik wel naar kantoor ga, voeg ik me ’s morgens in de rij van zwiepende ruitenwissers. Donker, regen, oplichtende achterlichten voor je. Nee, ik kan er niet enthousiast van worden. Normaal gesproken is de herfst mijn seizoen, de kleuren, de geuren. Maar nu wordt alles weggespoeld. Je kunt niet eens met goed fatsoen een grote berg bladeren uit elkaar schoppen. Alles plakt aan elkaar en het enige dat je er mee opschiet is dat je kleren onder de troep en de modder zitten.

Waar het wel heel goed weer voor is, is voor paddenstoelen. Ik ben al de grootste exemplaren tegengekomen die ik ooit heb gezien. Pas zag ik ook nog iemand voorovergebogen foto’s maken van drie enorme vliegenzwammen. Die stonden daar gewoon zomaar, in de berm naast de weg. Kabouter Spillebeen zou er jaloers op zijn geworden. Deze paddenstoelen zouden niet zomaar ‘gekrakt’ zijn. Daar had hij best een tijdje op kunnen wiebelen. En dat triggert dan toch wel weer mijn fantasie. Als kind maakten we kijkdozen. Met mos, kastanjes, bladeren en ja, inderdaad, ook paddenstoelen. Dat mocht toen nog. Nu weten we dat we die netjes moeten laten staan maar in mijn tijd bij de Jeugdnatuurwacht (ja ja) gingen we gewoon nog op pad om dat soort dingen te verzamelen. Die werden zorgvuldig gerangschikt in een schoenendoos waar we dan een kijkgaatje in maakten aan de voorkant. Ik weet eigenlijk niet wat we er dan verder mee deden. Waarschijnlijk stond het op de slaapkamer tot mijn moeder vond dat het ging stinken en zij het in de vuilnisbak gooide. Ik kan met ook niet herinneren dat ik er ooit een gemist heb.

Ach, het zal toch echt wel weer een keer beter weer worden? Het ziet er de laatste dagen in ieder geval al wel naar uit. Stef en Kaatje kunnen vast binnenkort weer een keer door het bos sjezen zonder thuis te komen met een bruine vacht in plaats van een mooie zwarte. Want pootjes poetsen is niet hun favoriete bezigheid. En stofzuigen niet de mijne.

Persbericht

Schrijvers steunen IVN Texel met jubileumbundel eilandverhalen

Op 9 december 2023 wordt de verhalenbundel Voetsporen – 18 schrijvers, 18 eilandverhalen gelanceerd. Het is het vijfde deel van de serie Eilandverhalen, die allemaal de Wadden als thema hebben. Van elk verkocht boek wordt 1 euro gedoneerd aan een goed doel en bij deze bundel is dat de IVN Texel. Die gaat de donaties gebruiken voor het opzetten van activiteiten voor kinderen (en hun ouders) op het gebied van natuurbehoud door natuurlijk samen te leren kijken.

Ik ben een van de acteurs die meewerkt aan deze bundel. Het is mijn debuut als verhalenschrijver. De groep van 18 schrijvers, van wie de meesten al één of meerdere boeken en/of (prijswinnende) verhalen op hun naam hebben staan, kwam in juni bijeen op Texel om te schrijven, research te doen en – niet onbelangrijk – hun zintuigen op scherp te zetten. Uiteraard werd er enthousiast gespard over elkaars verhalen, wat regelmatig tot verrassende plotwendingen leidde. Het leverde een bundel verhalen op vol spanning, ontroering en romantiek.

De andere auteurs die een bijdrage leveren aan Voetsporen zijn: Ineke Blaauw-de Meij, Simone Becker, Jolanda van Duren, Jocelyn Fokkens, Majorie Former-Boon, Johanne Wiegers, Coosje Haan, Esther van der Ham, Jaco van Lambalgen, Jos Meeuwsen, Nicole Kuiper, C.R. Smit, Suzan Spruijt, Elise Vogelaar, Ingrid de Vries – Hogenkamp, Jozien Wijnakker, Henriëtte van ’t Wout. Zij zullen tijdens de boekpresentatie de verhalenbundels signeren.

De serie Eilandverhalen is een initiatief van Marelle Boersma (bestsellerauteur en eigenaar van de Online Schrijfschool). De vier andere titels zijn Paal 15 (2018) en Aangespoelde verhalen (2019), De Wadden in Vogelvlucht (2021) en Windkracht 15 (2022). De Voetsporen kost € 16,95 en wordt uitgegeven door Droomvallei Uitgeverij (www.droomvalleiuitgeverij.nl). Geïnteresseerden kunnen de eerste druk nu al reserveren via de auteurs of de uitgever. Door de huidige focus op natuur en klimaat vormt deze Waddenbundel met goede doel een origineel cadeau voor de feestdagen. Na 9 december is het boek beschikbaar via alle reguliere (online) boekhandels.

En mocht je meer informatie willen, laat het me dan weten!