Nieuwe buren

Iets dat onvermijdelijk is als je gaat verhuizen, is dat je nieuwe buren krijgt. Althans, als je net zoals wij in een straat gaat wonen en niet in een hutje op de hei. Natuurlijk waren we heel benieuwd. Met de buren die we nu hebben, hebben we een prima contact. Hoe zou dat bij ons nieuwe huis gaan worden? Natuurlijk, we wonen er nog niet, maar er wordt behoorlijk gehakt en gebroken in ons huis. Dus toch maar even kennis gaan maken. De buren links waren gelijk enthousiast. Ach nee, dat er lawaai was, was niet erg. Tenslotte kun je niet verbouwen zonder iets af te breken. En het was toch maar tijdelijk. Ik nam me voor om straks, als we er echt wonen, met een grote bos bloemen langs te gaan.

De buren rechts waren een ander verhaal. We belden aan. Er gebeurde niks. Dat kan natuurlijk. De auto stond wel voor de deur maar dat zegt niet alles. Dan straks nog maar eens proberen. Voordat we naar huis gingen, drukten we nog een keer op de bel. Iets nadrukkelijker nu. Er ging een gordijntje opzij en een oudere man keek ons argwanend aan. Maar daar bleef het bij, de deur ging niet open. Een beetje verbouwereerd dropen we af.

‘Ik zal een briefje in de bus doen, met wie we zijn, wat er gaat gebeuren en onze telefoonnummers.’

‘Goed idee.’

Zo gezegd, zo gedaan. Nog steeds kwam er geen reactie.

Tot mijn vriendje buiten bezig was en de voordeur openging.

‘Goedemorgen.’

Het enige antwoord dat hij kreeg was, ‘huh, we hebben wel veel last van jullie. Moet je mijn auto eens zien.’

Dat was natuurlijk tegen het zere been.

‘Zet hem maar even in de regen, dan is hij zo schoon.’

Met een bons ging de deur weer dicht. Exit buurvrouw.

Even later was de schilder bezig met het plafond van de carport. Hij vroeg de buren of de auto even weg mocht. Dan wist hij zeker dat er geen spetters op kwamen.

‘Nee, we hebben alleen maar last van jullie.’

Ook die man bleef verbouwereerd achter.

’s Avonds zijn we toch maar even verhaal gaan halen. De oude meneer deed de deur open. Ik denk dat hij wat onzeker werd toen hij ons allebei zag staan. Maar hij deed nog een dappere poging. Hij vond dat we als genoegdoening ook zijn plafond maar moesten laten schilderen. Op onze kosten.

Nou, nog niet misschien. Omdat hij en zijn vrouw zo vriendelijk waren, zeker. Hij slikte zijn verlies en ging weer naar binnen. De dag erna was de auto verplaatst.

Verbouwing

Het blijft een uitdaging, verbouwen. We zijn nu een paar weken onderweg en als we eerlijk zijn, het verloopt best goed. Zelfs de gaten in de muren die zijn achtergebleven na het vertrek van de slopers zijn inmiddels gerepareerd. Natuurlijk zitten er nu weer nieuwe gaten. Maar die zitten in de vloer.

In ons nieuwe huis hebben we voor en achter in de woonkamer ramen tot aan de vloer. Dat is mooi en het geeft veel licht binnen. Maar ons nieuwe huis was ook voorzien van hele lelijke convectorradiatoren. En die stonden pontificaal voor de ramen. Nee, dat moest anders. Gelukkig zijn er ook op dat gebied kundige mensen die precies weten hoe je die radiatoren kunt vervangen. Natuurlijk krijg je dan allemaal moeilijke vragen. Zoals, wat wil je precies? Waar moet dat dan komen? Hoeveel capaciteit heb je nodig. Op die momenten verschuil ik mij achter mijn geliefde uitspraak, ‘ik ben een zwakke weerloze vrouw, bovendien ben ik blond.’ Ik weet daar echt helemaal niks van en laat die beslissingen graag aan anderen over.

Uiteindelijk werd er besloten en kwamen er mensen sleuven maken in de muren en in de vloer om leidingen te verleggen. Alweer. Ik heb echt medelijden met onze nieuwe buren. Die arme mensen zijn al weken heel vroeg wakker.

Ik ga dan ’s avonds mee kijken. Als het stof weer een beetje is neergedaald.

‘Hee, de thermostaat van de verwarming geeft storing.’

Nu was er op de verwarmingsketel een sticker geplakt met een hele rits codes en daarachter wat het betekende. En bij onze code stond: ketel moet bijgevuld worden. Ik kreeg gelijk weer visioenen van mijn eigen oude ketel. En dat ik dan in mijn badjas stond te mopperen omdat ik weer eens geen warm water kreeg als ik onder de douche stond. Gelukkig was het nu makkelijker. Gewoon even de slang aansluiten en bijvullen. En ontluchten.

Natuurlijk liep het weer helemaal anders. De slang schoot los en mijn vriendje kreeg de volle laag. Ontluchten ging niet want er was nergens een sleuteltje te vinden. Verwarmingsketels, het zijn altijd krengen.

Dan maar een installatiebureau gebeld. Zij stuurden een vriendelijke monteur die de ketel met een vakkundig oog bekeek en de gaskraan opendraaide. Die zijn behulpzame collega’s eerder die dag bij het verleggen van leidingen hadden dicht gedraaid. Tja, kleinigheidjes hou je altijd.