Het was weer geen weer

Ik weet het wel, klagen over het weer heeft geen zin, je kunt het toch niet veranderen, maar jongens, het mag nu toch wel eens een keer wat beter worden toch. Wat een ellende. Het wil ’s morgens maar niet licht worden. Als ik thuis werk, heb ik toch zeker tot een uur of tien het licht gewoon aan. De tuin staat blank en als Stef en Kaatje binnenkomen door het luik kan ik precies zien waar ze gelopen hebben. Ik blijf er achteraan hobbelen met een dweil.

Buiten wandelen is ook geen feest. Als het regent, kijken ze me aan met een blik van ‘nee hè, we hoeven toch niet naar buiten hè.’ Maar ja, ze moeten toch ook wel een keer naar buiten en rennen. Zeker Kaatje moet haar energie wel kwijt. Ik weet niet hoe vaak ik alle tuigjes en riemen al uitgewassen heb. Het spul ligt regelmatig te drogen op de verwarming.

Als ik wel naar kantoor ga, voeg ik me ’s morgens in de rij van zwiepende ruitenwissers. Donker, regen, oplichtende achterlichten voor je. Nee, ik kan er niet enthousiast van worden. Normaal gesproken is de herfst mijn seizoen, de kleuren, de geuren. Maar nu wordt alles weggespoeld. Je kunt niet eens met goed fatsoen een grote berg bladeren uit elkaar schoppen. Alles plakt aan elkaar en het enige dat je er mee opschiet is dat je kleren onder de troep en de modder zitten.

Waar het wel heel goed weer voor is, is voor paddenstoelen. Ik ben al de grootste exemplaren tegengekomen die ik ooit heb gezien. Pas zag ik ook nog iemand voorovergebogen foto’s maken van drie enorme vliegenzwammen. Die stonden daar gewoon zomaar, in de berm naast de weg. Kabouter Spillebeen zou er jaloers op zijn geworden. Deze paddenstoelen zouden niet zomaar ‘gekrakt’ zijn. Daar had hij best een tijdje op kunnen wiebelen. En dat triggert dan toch wel weer mijn fantasie. Als kind maakten we kijkdozen. Met mos, kastanjes, bladeren en ja, inderdaad, ook paddenstoelen. Dat mocht toen nog. Nu weten we dat we die netjes moeten laten staan maar in mijn tijd bij de Jeugdnatuurwacht (ja ja) gingen we gewoon nog op pad om dat soort dingen te verzamelen. Die werden zorgvuldig gerangschikt in een schoenendoos waar we dan een kijkgaatje in maakten aan de voorkant. Ik weet eigenlijk niet wat we er dan verder mee deden. Waarschijnlijk stond het op de slaapkamer tot mijn moeder vond dat het ging stinken en zij het in de vuilnisbak gooide. Ik kan met ook niet herinneren dat ik er ooit een gemist heb.

Ach, het zal toch echt wel weer een keer beter weer worden? Het ziet er de laatste dagen in ieder geval al wel naar uit. Stef en Kaatje kunnen vast binnenkort weer een keer door het bos sjezen zonder thuis te komen met een bruine vacht in plaats van een mooie zwarte. Want pootjes poetsen is niet hun favoriete bezigheid. En stofzuigen niet de mijne.

Pyjamadag

Het is toch verschrikkelijk, het lijkt wel of het nooit meer mooi weer wordt. Hij vindt er echt weinig aan. Iedere dag weer die regen. En dan ook gewoon de hele dag hè, niet dat er even een bui valt en dat je dan weer naar buiten kunt, maar echt constant regen. Hij kan niet eens met droge voeten door de tuin lopen. De fontein stroomt over en de paadjes staan gewoon blank. De plassen zijn volgens hem wel vijf centimeter diep. Het vrouwtje moppert er ook op, “je staat bijna tot je enkels in het water”. En het lijkt ook wel of het de hele dag niet echt licht wordt.

Wel fijn dat hij in ieder geval droog kan plassen en poepen. Hij weet het wel, het vrouwtje is niet heel gelukkig als hij zijn poot optilt tegen de tuintafel, maar onder de overkapping kan hij tenminste even rustig staan. Hij zorgt er netjes voor dat zijn poepjes een beetje aan de rand liggen. Eén keer had het vrouwtje er bijna ingetrapt toen ze in het donker naar de container moest. Gelukkig kon ze het ontwijken maar hij had toch wel behoorlijk op zijn kop gehad. Dus daar hield hij nu maar rekening mee. Want stel je voor dat het niet meer mag.

Nee, het is echt geen feest, buiten. Normaal als het vrouwtje haar jas aan doet, gaat hij eens kijken of hij niet mee kan. Maar nu blijft hij maar stilletjes op de bank liggen. In de hoop dat ze niet bedenkt dat hij mee uit moet. Laatst kwam een vriend van het vrouwtje toen ze zelf niet thuis was. Dat is altijd supergezellig. Alleen had die nu bedacht dat ze een rondje gingen lopen. Het was net even droog. Ja, er viel geen regen uit de lucht inderdaad. Maar de bermen waren een grote sopzooi. Bah, bah, hij kreeg modder tussen zijn tenen, het was glad en het was ook koud. Hij had een paar keer verwijtend omgekeken maar ze waren gewoon doorgelopen. Het viel hem echt een beetje tegen. Gelukkig kreeg hij thuis snoepjes, dat maakte het weer een beetje goed.

Het is te hopen dat het snel weer beter wordt. Dat hij weer lekker op zijn zonneplekje tegen het tuinhuisje kan gaan liggen. En tot die tijd doet hij hetzelfde als het vrouwtje af en toe op zondag. Hij houdt pyjamadag. Maar dan lekker door de week.

Tijd van het jaar

Toch zijn deze dagen wel lekker. Hij houdt er wel van om door de bladeren te banjeren. Gelukkig vindt het vrouwtje dat ook prima, zij loopt er vrolijk achteraan. Het is niet zo heel warm meer maar wel warm genoeg om lekker op pad te gaan. Als het maar niet regent. Daar heeft hij zo’n hekel aan. Als het vrouwtje dan naar hem kijkt om naar buiten te gaan, doet hij net of hij slaapt. Nat worden is echt niks, bah bah. Het ergste is nog als ze naar buiten gaan omdat het droog is en dat het dan onderweg gaat regenen. Dan draait hij zich echt gewoon om en neemt het vrouwtje mee terug naar huis.

Pas nog, het vrouwtje zat steeds naar buiten te kijken of het eindelijk droog werd. Hij had er zelf een hard hoofd in. Dan loop je buiten en dan word je alsnog nat. Niks ervan. Hij deed maar alsof hij diep in slaap was. En het was gelukt, ze had hem “lekker laten tukken”.

Gelukkig was het wel droog toen er behendigheidscursus was. Daar waren ze al lang niet meer geweest zeg. Hij vond het nog steeds geweldig. Hij merkte wel dat hij niet meer zo hard kon lopen als vroeger. Maar waarschijnlijk vond het vrouwtje dat niet zo erg. Ze kon hem nog steeds niet bijhouden maar nu hoefde hij niet meer zo heel lang te wachten voor ze eindelijk kwam met een snoepje. Hij stond dan netjes op de A-schutting of de Kattenloop tot ze kwam. En dan roetsj, weer verder. Ha, volgens hem was het vrouwtje net zo moe als hij als ze thuiskwamen. Ze had ook nog niet in de gaten gehad dat hij vol zand zat. Na al die regen was het veld natuurlijk behoorlijk modderig maar ze had hem niet schoongewreven in de garage. Gelukkig, want dat is geen feest hoor. Bovendien duurt het dan ook weer langer voor hij eten krijgt. Ze had het pas gemerkt toen hij op schoot was gekropen. Niet zo heel slim, de handdoek hing nu alweer klaar voor de volgende keer. Nou ja, niet op schoot gaan zitten is natuurlijk geen optie, dat is veel te gezellig. Dan maar schoon schrobben.

Ze hebben het best weer een beetje gezellig, zo met zijn tweetjes.