Logeren

Afgelopen weekend gingen Kaatje en hij uit logeren. Het vrouwtje had feest en daar konden zij niet bij zijn. Ze gingen ook niet naar de zus van het vrouwtje. Hij dacht dat hij hoorde dat die ook bij het feest zou zijn. Nou ja, logeren is altijd wel spannend dus hij keek er wel naar uit. Hij kende het wel hoor, waar ze naar toe gingen. Dat is die plek waar altijd heel veel verschillende honden zijn. Je wordt er wel moe van, er zijn daar zoveel indrukken. Gelukkig mag hij dan wel spelen, samen met Kaatje. Maar als hij eerlijk is, gaat dat ook niet meer zo goed als vroeger. Ze rent hem aan alle kanten voorbij, die kleine draak. Thuis ook, dan jat ze het bot waar hij mee aan het spelen is en dan komt ze het voor zijn neus houden. En als hij het dan wil pakken, loopt ze heel hard weg. En dat kan ze lang volhouden, echt.

Gelukkig laat ze hem ook wel vaak rustig op zijn kussen liggen. Hij houdt er van om lekker te slapen. Als het vrouwtje thuis werkt, ligt hij lekker naast haar bureau. Dat is echt heel gezellig. Kaatje niet, die rommelt rond en gaat het liefst in de zon liggen. Ze heeft nu wel ook een eigen kussen gekregen boven dus ze hoeft niet meer stiekem op zijn kussen te gaan liggen als hij even naar beneden loopt.

Maar in zo’n kennel, daar heeft Kaatje toch echt helemaal geen rust hè. Ze bleef maar aan staan. Toen het vrouwtje hen op kwam halen, rende ze haar zomaar voorbij. Hij niet, hij was toch ook wel weer blij dat hij mee naar huis kon. Kaatje moest echt gewoon gevangen worden. Hij hoorde het die aardige dame van de kennel ook vragen, ‘is Kaatje thuis ook zo druk?’ Het vrouwtje kon alleen maar knikken en ja zeggen. Gelukkig moesten ze er wel samen om lachen.

Op weg naar de auto was Kaatje ook wel drie keer om hen heen gelopen. De riemen zaten helemaal in elkaar en alles en iedereen zat in elkaar gedraaid. Het vrouwtje kreeg de deur niet eens open. En toen, onderweg, toen was ze ineens helemaal afgebrand. Zelf bleef hij lekker zitten en naar buiten kijken maar Kaatje niet. Tsss, dat is dan jeugd.

Thuis zijn ze samen op de bank gekropen. Dat was fijn. Ach, thuis is het altijd nog maar het beste.

Logeren

Soms gaat het vrouwtje wel eens op vakantie en dan moet hij gaan logeren. Meestal gaat hij dan naar de zus van het vrouwtje en haar vriend. Dat is wel supergezellig want daar wordt hij toch wel wat meer verwend dan door het vrouwtje. Vooral die vriend is wel vaak in voor een spelletje of een extra snoepje. Hij is alleen benieuwd hoe dat nu gaat met Kaatje. En of die dan ook mee mag. Want hij had het vrouwtje gehoord over een week Texel. En dat hij dan niet mee kon. Hmm.

Gelukkig bleek dat Kaatje ook mee mocht gaan logeren. Daar was hij wel blij om. Het was af en toe wel een lastig kind, maar hij kon haar toch niet zo heel goed missen. Hij hoopte alleen wel dat ze zich zou gedragen. Want daar mankeerde het toch nog wel eens aan hoor. Kaatje keek vaak toch nergens naar. Jeetje, en dan zouden ze misschien wel niet meer terug mogen komen.

Op zondagmiddag had het vrouwtje de spullen in de auto gezet en waren ze op pad gegaan. Uit logeren. Er stond zelfs een splinternieuw zwembad voor hen klaar. Het vrouwtje moest er om lachen. “Verwen ze maar”, zei ze, “dan willen ze straks niet meer weg.” Nou, eerst maar eens kijken of Kaatje wel mocht blijven. Ze liep in ieder geval al rond alsof ze er al honderd keer geweest was. Zelf liep hij ook wel door de tuin maar hij keek toch altijd wel een beetje uit. Maar Kaatje niet, die banjerde gewoon overal doorheen. Hij hield zijn hart vast.

De rest van de week gedroeg ze zich niet veel beter. Er stonden twee mooie ligstoelen buiten en daar lag de prinses op de erwt dan uitgebreid haar snoepjes op te eten. Als een echte dame. En als ze dan op waren, liet ze een boer alsof ze een oude zeekapitein was. Hij was eigenlijk blij dat ze allebei beneden sliepen en dat boven de tussendeur dan dicht was. Want Kaatje snurkte ook als een walrus. Echt, dat zo’n klein meisje zoveel lawaai kon maken. Onvoorstelbaar. En zelf had ze er natuurlijk geen erg in, nee, zij niet.

Maar ze zijn er volgens hem niet boos om. De zus van het vrouwtje stuurt wel steeds foto’s op maar dan moet ze er toch ook wel om lachen. Gelukkig maar. Want er zijn niet zo veel adressen waar voor hem speciaal worstjes worden gebarbecued. En het zou toch wel erg zijn als Kaatje daar roet voor in het eten zou gooien.