Steeds kleiner

De zus van mijn moeder is overleden. Plotseling, in haar slaap. Voor haar mooi, lijkt me. Voor de achterblijvers wat moeilijker. Mijn tante was namelijk niet ziek. Oké, ze was al wat op leeftijd, maar toch. Mijn moeder is ouder. En mankeert vanalles. Het was dan ook een behoorlijke schok voor haar, ik moest het een paar keer herhalen voor dat het echt binnen kwam. En toen kwam het dan ook echt binnen. Ik had medelijden met haar. Haar familie wordt echt steeds kleiner.

Samen gingen we naar het afscheid. Dat was natuurlijk een uitdaging. De rolstoel moest mee. En die moet, in tegenstelling tot de rollator, wel ingeklapt worden. Met mijn handigheid is dat een hele worsteling en ik ben er dan ook niet zonder blauwe plekken vanaf gekomen. De begraafplaats was midden in de stad. En ik, als Brabantse gewend aan ruimte, wilde natuurlijk gewoon het terrein op rijden. Maar dat ging niet. Dus, auto langs de weg, mama eruit, in de rolstoel, ik al chagrijnig en wij naar binnen. Gelukkig werden we opgevangen door een begripvolle dame die zich over mama ontfermde en mij met een al even aardige jongeman wegstuurde om mijn auto te halen. De jongeman zou zorgen dat ik het terrein op kon.

Ik keek rond en zag dat ik óf een heel eind om kon rijden óf mijn domme blondjes-act uit de kast kon halen. Het werd het laatste. Alarmlichten aan en stoïcijns achteruit rijden. Geen idee wat de mensen in de auto’s achter me gedacht hebben. Het zal vast niet heel aardig zijn geweest.

Het afscheid was mooi. Tante was een levensgenieter die er absoluut uithaalde wat er in zat. Niet dat ze het nooit moeilijk heeft gehad — iedereen krijgt zijn portie tegenslagen in het leven — maar zij heeft die van haar altijd met flair het hoofd geboden. Het was mooi om te horen met hoeveel liefde er over haar werd gesproken.

Natuurlijk waren er de nodige tranen. Ook bij mama. Tenslotte is ze haar jongste zus verloren. Ik weet niet wat ze nu denkt, misschien wel dat zij de volgende gaat zijn. Maar laten we hopen dat dat nog een tijdje op zich laat wachten.

Smurfenmeneer

Tien jaar geleden schreef ik over iemand wiens leven een tijdje parallel liep aan dat van mijn maatje en mij. En waar we ineens afscheid van moesten nemen. Hij was heel erg ziek geweest. Had lang in het ziekenhuis gelegen. Maar het ging de goede kant uit. Hij was weer thuis, kon weer voor zichzelf zorgen. Het zou goed komen. We zouden in de zomer weer leuke dingen gaan doen. Hij zou ook weer gaan genieten van de dingen die hij ging meemaken met de kinderen in zijn klas. Groep 3, waar kinderen nog een onbeschreven blad moeten zijn. Waar je kinderen nog veel kon leren. Er waren maar drie soorten, zei hij altijd, slimme, stomme en drukke. En hij kon het weten, het onderwijs was zijn absolute passie. Hij werd ook op handen gedragen door zijn leerlingen.

Het mocht niet zo zijn. Het einde kwam snel en onverwacht.

De smurfenmeneer. Het was de broer van mijn vriendje. Onze levens waren altijd al vervlochten. Zijn afscheid was indrukwekkend. Al die kinderen die hem de laatste eer kwamen bewijzen. Kinderen, zeker in die leeftijd, zijn eerlijk in hun verdriet. Veerkrachtig ook, ze weten onbewust dat ze verder moeten.

Wij vonden het alleen maar oneerlijk. Niet wetende dat er nog veel meer oneerlijke dingen te gebeuren stonden. Gelukkig maar dat we dat niet wisten.

Toch halen we vaak herinneringen op aan de smurfenmeneer. Met zijn droge humor. En zijn vermogen om met een scheve blik naar de wereld te kijken en dan spottend commentaar te geven. Hij snapte niet waar mensen zich allemaal druk om konden maken. Bezit, status, het boeide hem voor geen meter. Wat hij had dat gaf hij weg. Toch kon hij ook heel serieus zijn. Tot diep in de nacht de wereld verbeteren.

Ach, weer een markant mens veel te vroeg gestorven. Het gaat zo vreselijk snel. Je gaat naar zijn afscheid en als je even later omkijkt, zijn er tien jaren voorbij gevlogen. En is ook de smurfenmeneer een dierbare herinnering geworden.

Het boompje dat ter zijn nagedachtenis is geplant, is al een behoorlijke boom geworden. Ook zijn foto heeft een speciaal plekje. Dag grote smurf.

Afscheid van de Ardennen

Het was een weloverwogen beslissing, ik heb niet in een opwelling afscheid genomen van ons plekje in de Ardennen. Ik vond er gewoon niet meer wat het altijd betekend had. Het was een beslissing die door het jaar groeide. Ik ontdekte dat ik excuses aan het verzinnen was om niet naar de camping te hoeven. Dat is niet goed. Het gevoel van eenzaamheid dat ik daar had, werd alleen maar erger.

Dus kwam de caravan te koop. Ach, wat was mijn maatje er trots op en blij mee geweest. Hij heeft dat gelukkig nog wel mee mogen maken. We zijn vorig jaar oktober ook nog vaak geweest. Het weer was mooi, de plek was weer prima, we hebben er heerlijke weekenden gehad. Maar nu is alles anders.

En er kwam een koper. Die de caravan zelfs voor me ging ophalen in de Ardennen. Daar hoefde ik zelf helemaal niks aan te doen. Natuurlijk had ik er al wat zaken uitgehaald. Dingen die ik echt wilde bewaren. Maar verder kon ik alles achterlaten. Wat ik niet meer wilde, zou hij afvoeren. Ik was er echt heel blij mee. Het voelde ook als een geruststelling toen alles was geregeld. Ik had afscheid genomen op de camping, afgesproken om in ieder geval in het voorjaar weer terug te komen, om dan in het kasteel te slapen. De papierwinkel was geregeld, alle verantwoordelijkheid was voorbij.

Als ik een auto met caravan zie rijden, denk ik alleen maar, pff, dat hoeft gelukkig niet meer.

En toch, ik heb er echt geen spijt van, het is goed zo, maar ik word bijna dagelijks herinnerd aan die plek. Als er een Frans liedje voorbij komt op de radio, als ik zie hoe de herfst de bladeren van de bomen kleurt, als ik de vochtige geur van vallend blad ruik. Het zal ook de tijd van het jaar wel zijn, dat het weer zo binnenkomt, maar ik heb het er eigenlijk best moeilijk mee. Nu is er weer een hoofdstuk definitief afgesloten. En er zijn heel veel mooie herinneringen, we waren daar altijd samen. Misschien dat dat ook de reden is dat ik het zo mis.