Planning

Als je gaat verbouwen, heb je een gedegen planning nodig. Gelukkig hebben wij iemand in onze naaste omgeving die precies weet hoe je die maakt en wat er bij een verbouwing allemaal komt kijken. Want echt, als je niet goed uitkijkt, staat de schilder in huis voor dat de stukadoor is geweest. En dat is slordig. Dus, onze planning zit waterdicht in elkaar. Denken we.

Half januari zou de tuin achter betegeld worden en de tuin voor ingericht met grind. De materialen waren besteld, de leveringsdatum afgesproken en de tuinman geregeld. En toen ging het sneeuwen. Heel hard sneeuwen. Brabant verdween onder een laag van dertig centimeter sneeuw. ’s Nachts vorst, de grond hard. We keken met lede ogen naar het weerbericht. En zeiden tegen elkaar, ‘dat gaat hem niet worden.’ Het allereerste onderwerp van de planning en nu ging het al fout. Maar, wonder boven wonder, de sneeuw smolt en de grond was weer toegankelijk. En onze voor- en achtertuin zien er gelikt uit. Prima planning.

Wie niet zo goed konden plannen, waren de mannen die de badkamer en toilet kwamen slopen. Zij hadden de klus aangenomen dus wij bemoeiden ons er niet mee. Ik zou ook een dag werken in het huis terwijl zij bezig waren. Ik nam mijn oordoppen mee en dacht er maar het beste van te gaan maken. Ik was er vroeg maar de slopers waren eerder. En ik werd begroet met de vraag, ‘is er geen dixie?’

‘Nee, we hebben geen dixie.’

‘En hoe moet dat dan?’

Tja, dat wist ik natuurlijk ook niet. Wij hadden in eerste instantie drie toiletten in ons nieuwe huis en zij hadden die er alle drie heel enthousiast uit gesloopt. Op de eerste dag. Prima planning toch. Gelukkig kon ik bij vrienden terecht die even verderop wonen maar voor de heren slopers had ik geen oplossing. Ik was na een dagje vreselijk veel lawaai en, eerlijk is eerlijk, nogal wat ergernis, wel klaar met die mannen. Het gemak waarmee ze voorbijgingen aan het gat in de muur wat ze veroorzaakt hadden, ik vond het bijzonder.

Ik was blij dat dat deel van de planning in ieder geval achter de rug was. Op naar het volgende.

Ik mag het delen!

Ik mag het delen, de cover van mijn eerste eigen boek. Op 27 februari a.s. ziet mijn roman het levenslicht. Ik ben er nu al apetrots op. Maar ik hou jullie natuurlijk in aanloop daar naar toe op de hoogte.

Mijn boek komt in de vorm van paperback en e-book. En je kunt de paperback al bestellen, https://www.uitgeverijkeytree.nl/webshop.html.

Toetsenbordhelden

Ik heb het altijd gezien als een guilty pleasure, meelezen met de commentaren van anderen op allerlei posts op Social Media. Mensen, ongehinderd door enige kennis van zaken, gooien hun mening onder een post. Gewoonlijk in het meest verschrikkelijke Nederlands. En ze hebben vaak niet eens gelezen waar het over gaat waardoor ze ook nog eens de plank enorm misslaan. Ik kan er enorm van genieten. Maar wat me de laatste tijd opvalt, is dat er zoveel haatdragende commentaren worden gegeven. Als een minderjarige jongen omkomt bij een vuurwerkincident, is dat voor alle betrokkenen heel erg triest. En inderdaad, het is ook dom. Je moet niet rommelen met vuurwerk, je moet een veiligheidsbril op en gehoorbescherming. Maar wees eerlijk, wie doet dat nu. Ik denk dat tachtig procent van de mensen die vuurwerk afsteken daar helemaal nog nooit aan gedacht hebben. En het zal je kind maar zijn.

Of de reacties op Kjeld Nuis. Zeker, zijn reactie zelf was ook niet heel sympathiek. Maar waarschijnlijk was zijn teleurstelling zo groot dat hij zichzelf even vergat. Moet je hem dan allerlei enge ziektes toewensen? Volgens mij niet. Zijn collega’s reageren nog genuanceerder dan de toetsenbordhelden. Die waarschijnlijk nog nooit een prestatie van belang hebben geleverd.

En dan de mensen die een ongeluk krijgen door de sneeuwval. Die hebben natuurlijk allemaal veel te hard gereden. En niet uitgekeken. Gewoon dom, een gevalletje eigen schuld dikke bult. Maar ik geef eerlijk toe dat ik ook wel eens geschrokken ben als ik moest remmen en ik ineens het ABS-systeem voelde ingrijpen. En ik denk dat ik echt geen scheurneus ben. Maar we hebben toch allemaal wel eens gedacht ‘poeh, dat bracht ik er af.’

Dus ik ben gestopt met het lezen van commentaren op nieuwsberichten. Natuurlijk, je mist er ook helemaal niks aan maar het was af en toe wel komisch. Want de spelfouten die er in die teksten gemaakt worden, die verzin je niet. De verleden tijd van slapen is volgens mij nog altijd ‘sliep’ en niet ‘slaapte’ zoals ik laatst ergens las. Maar de glimlach om een dergelijke fout haalt het niet bij de verbazing over het niveau van sommige mensen. En hun drang dat niveau te etaleren voor de rest van de wereld. Ik vind het heel bijzonder.

Een nieuw jaar

Een nieuw jaar. Wat gaan we allemaal meemaken. In ieder geval is mijn huis verkocht en eind januari komen er andere mensen in wonen. Dat is een heel raar idee. Toch wel. Vooral ook omdat ik altijd gedacht had dat ik dat huis samen met mijn maatje zou verkopen. Wat zouden de nieuwe mensen ervan gaan maken? Ze gaan flink verbouwen, heb ik begrepen. Dat vind ik niet erg. Dat zou ik zelf ook doen. Sommige mensen hebben daar problemen mee, ‘mijn mooie badkamer, mijn mooie keuken.’ Maar ja, je hebt het verkocht en dus moet je er afstand van doen.

Maar dit jaar gaan we ook verhuizen naar ons nieuwe huis. Helemaal ingericht naar onze eigen wensen waar we hopelijk nog lang plezier van mogen hebben. Helemaal omdat ik in de voorbereidingen al een paar keer ‘op karakter’ dingen heb gesjouwd die eigenlijk net iets te zwaar voor me waren. Althans, dat heeft mijn rug me laten weten. ‘Niks gewend hè,’ zou mijn maatje zeggen.

Maar voor het zover is, gaat er nog iets veel spannenders gebeuren. Op 27 februari komt mijn eerste boek uit. Mijn eerste eigen boek. Het was heel gaaf om mee te mogen werken aan verhalenbundels maar hoe tof is het om een eigen boek uit te mogen brengen. En wat gaan andere mensen ervan vinden. Dan moet ik het loslaten, oei. Toch kan ik bijna niet wachten.

Natuurlijk zijn er voor volgend jaar ook onzekerheden. Hoe gaat het met Stef, mijn allergrootste vriend. Mag hij dit jaar veertien kaarsjes uitblazen. Ik hoop het met heel mijn hart. Maar laten we daar nog maar niet te veel bij stilstaan. Voorlopig ligt de kleine stinkerd nog heel tevreden te snurken op de bank.

Het jaar 2025 was weer een bewogen jaar. Met veel verstrekkende beslissingen. Maar het voelt goed. Ik heb vertrouwen in 2026. We gaan er iets moois van maken.