
‘Ga je mee naar de koffiekamer? Gaan we een kopje koffie drinken.’
‘Daar zit helemaal niemand.’
‘Jawel, ik kom er net langs. Er zijn mensen.’
‘Oh, nou, dan kan ik dat wel even doen.’
Dus liepen we samen, in zijn tempo, achter de rollator naar de koffiekamer. Al zuchtend en steunend plofte hij in een stoel en ik zette de rollator zo dat er niemand over kon vallen. Dat is best een uitdaging want ik heb gemerkt dat ook handigheid op den duur bij mensen verdwijnt. Er zat een aantal mensen al aan de koffie. Sommigen kende ik al, anderen ook nog helemaal niet. De lange man die ik al een paar keer heb gezien, zat ook aan tafel. Hij heeft de gewoonte om je heel indringend aan te staren. Ik moet zeggen, daar ben ik erg ongemakkelijk onder. Ik weet wel dat hij er waarschijnlijk niks mee bedoelt, maar toch. Je gaat onbewust toch een beetje schuiven op je stoel.
De anderen waren allemaal erg blij dat we aanschoven en we werden uitbundig begroet. We kregen een kopje koffie en daar zaten we. Hij had het prima naar zijn zin want hij zat zelfs grapjes te maken met de anderen. De dames van de verzorging knikten me maar eens bemoedigend toe, het was een goede ochtend.
Op een gegeven moment vroeg een van de oude dametjes die er zaten, ‘is hij jouw zoon?’ Hmm, het is niet echt een compliment als je aangezien wordt voor de moeder van een eenentachtigjarige man. Of wel natuurlijk, het is maar hoe je het bekijkt. Hij begon te lachen en zei ‘nee joh, dit is mijn nichtje.’ Op zich ook niet helemaal waar maar goed, ik liet het er maar bij. Het dametje vertelde dat ze blij was dat hij er toch weer was. Ze had hem gemist.
‘Hij is heel lief hoor’, zei ze vol overtuiging.
Mijn ongebreidelde fantasie zag natuurlijk al weer een prille romance ontstaan. Je weet maar nooit wat er zich allemaal achter die deuren afspeelt. Ik ga het volgen. Wordt vervolgd.

Zeer realistisch beeld. En daardoor ontroerend en confronterend tegelijk….
LikeLike